D. Hooijer debuteerde in 2001 met de verhalenbundel Kruik en kling. Ook schrijft ze poëzie en illustreert ze sommige van haar verhalen zelf. In het najaar van 2004 verscheen haar tweede verhalenbundel: Zuidwester meningen, die zeer lovend ontvangen werd. In de Volkskrant schreef Aleid Truijens: 'Na lezing van deze verhalen blijkt er iets bijzonders gebeurd. Het bizarre is niet langer vreemd, de mislukkelingen in deze verhalen niet meer zo triest.(...) Mensen vechten zich erdoor, ze zoeken altijd een oplossing. Zo is het nu eenmaal. Zo hebben ze elkaar tenminste nodig. Hooijer weet haar lezers vertrouwd te maken met haar zeer particuliere universum. Dat is echt schrijverschap.'![]() | D. Hooijer Catwalk ISBN 9789028241312 Roman, 168 pagina’s Verschenen in 2009 1e druk Hardcover € 16.00 bestellen |
Voor Sleur is een roofdier ontving D. Hooijer de Librisprijs 2008. Als gevolg daarvan maakten tienduizenden lezers kennis met Hooijers ‘realistisch absurdisme', dat haar schrijverschap uniek maakt. Nu, na drie verhalenbundels, verschijnt dan eindelijk haar langverwachte eerste roman. Het is een on-Nederlandse sitcom geworden, vol laconieke personages die vrolijk maar ontgoocheld door het leven gaan. In dialoog tekent Hooijer deze personages ten voeten uit als wat ze zijn, als wat de mens meestal gedwongen is te zijn: in teleurstelling terneerzittend, dan vrolijk opstaand omdat de bel gaat - het leven gaat door.
In Catwalk is een ruim 70-jarige vrouw buiten medeweten van haar man vermogend geworden door aandelenspeculatie;haar naaister ontwikkelt zich tot succesvol mode-ontwerpster van ‘Maison Wiljehem' (een journalistieke verbastering van ‘William'); een buurvrouw ‘werkt in de erotiek' en probeert zich te ontworstelen aan haar pooier, die op zijn beurt wegens een vermoeden van oplichting geschaduwd wordt door een privédetective; en de detective is een deerniswekkende weduwnaar die graag geil zou worden op een nieuwe vrouw als hij zijn gestorven geliefde maar kon vergeten. Catwalk is een ‘uitvouwbare' roman over gestorven echtgenoten, een stikwarme zomer in Nederland, modeshows, erfenissen, richtmicrofoons en seks op leeftijd.
Fragment
De avond is nog niet voorbij. Nu moet Fons vrolijk doen tot het tijd is om op te stappen. Ze lachen elkaar toe en klinken. Gelukkig gaan ze niet roddelen. (Alleen even over Marc en Eva. Omdat je namelijk op je vingers kon natellen dat die jongen zou trouwen met de keus van zijn moeder.) Het vreemde is dat Mieneke de avond goed noemt omdat ze ‘alles nog kan'. Jezus wat heeft hij daaraan. Hij heeft haar leren kennen als een zwakke vrouw onder een airco. Wat kan het hem schelen dat ze alles nog kan. Bij het afscheid kussen ze elkaar eerst correct. Maar dan drukt Fons zijn gastvrouw vast tegen zich aan.
‘Dus we hebben een fascinatie? Dus we houden niet genoeg van elkaar?'
‘Ja Fons, we staan machteloos. Cheerio.'
Als Fons thuis zit en bijna voor de televisie in slaap valt, bedenkt hij dat hij zijn prooi onderschat heeft.