[p. 546]
I
Van eiland naar eiland, steeds
kleiner en kaler, over steeds
ruimer en wijder water, tot
in de laatste baai
zich het uitzicht volledig
en eindelijk opent.
In deze volmaakt onverschillige wereld
de zeilen strijken.
[p. 547]
II
Niet meer dan een steiger,
wat roestige loodsen, armoedige
huizen, een kerkhof, een kroeg,
niet meer dan de herinnering aan
een gebaar van trouw: bed, glas,
en graf staan nog klaar,
tegen beter weten in.
Hier aan land gaan.
[p. 548]
III
Het wordt nacht, maar zij is
als een stolp van melkglas,
al wit van de volgende morgen.
En over de open, windstille zee
gaan verwachtingen. Zij vinden
geen overkant.

Onder de moede blaren - over het bos
De encyclopedie van het geluk 31 Het is warm en ik verlang intens naar de koelte van het bos. Ik ben opgegroeid op de scheidslijn tussen bos en veld dus je kon altijd beide kanten uit, maar ik zat van jongs af aan het meest in het bos. Zoals je in een oceaan op een...
Lees verder
Veerkracht
Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
Lees verder
Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen
De encyclopedie van het geluk 30 Na 55 jaar ben ik er nog steeds niet achter of ik lui ben of niet. Op school spijbelde ik veel. Maar spijbelen is nog steeds en probaat middel om dingen gedaan te krijgen: spijbel van je administratie en de afwasmachine wordt ingeladen. Spijbel van het opruimen en je...
Lees verder
Blog archief


