[p. 16]
Mistras bezocht
raadsel in reisgids: maîtresse of schapenkaasje?
Visioen na eigen onderzoek
(de zon braadt vreemde kanen in mijn hoofd):
als de Despoot een heel kwartier
op deze ruwe trappen had gewandeld
heet, rood, zwetend en blazend
dacht hij met bijna liefde
aan de koude, natte vingertjes
van zijn maîtressen
bewaard in kelders naast de schapenkaasjes
Op hun beurt zouden zij verlangend uitzien
naar het moment waarop zij rillend
zich warmen zouden aan hun zonnegod
We zagen nog een 6-vleugelige dwerg
met driehoekig aureool
twee schaam vlerken kuis omlaag
alsof hij wat te schamen had
twee hogerop gericht, hart met de punt naar God
twee vleugels zijwaarts om te navigeren
(cybernetica op oude muren)
[p. 17]
Zo heet, twee kinderen van touristen
slachtten elkaar als schapen
gevild, de ogen zonder leden panisch in hun kasjes
hangen zij op een koele plek
wachtend op oud wonder in de kerk van heilige Nikolaas
Ezels zijn het mooist in de woestijn
als fenix in dit vuur gevormd en schoongebrand
maar hier gevangen onder te zware vrachten, klein geslagen
kreten van absolute wanhoop in de avond

Collage – over de schoonheid van een snipper
De encyclopedie van het geluk 28 13 april 1923 arriveert op station Drachten een man wiens belangrijkste bezit een koffer vol papiersnippers is. Hij wordt afgehaald door de broers Thijs en Evert Rinsema, beiden kunstenaar, de eerste ook schoenmaker. Het intieme detail dat de man meteen sympathiek maakt. Lijm moet een redelijk vroeg gereedschap van...
Lees verder
Dingen kwijtraken
Naast een strekkende meter fotoalbums bleek er niet zo veel van emotionele waarde te zitten tussen de spullen van mijn ouders. Ik werkte bij het uitruimen van hun huis met twee stapels, waarbij de stapel mee naar Amsterdam na elke heroverweging kromp. Na hun meubels verdwenen alle boeken, platen, interieurprulletjes en kunstigheden die me niet...
Lees verder
'Met een nog net coherent "goedenavond" eindigen, dat is een ongeschreven wet'* – Over het café
De encyclopedie van het geluk 27 In een café rijg je drankjes aan elkaar. Bij Carmiggelt klinkt het zo: ‘de boekhouder zet ‘m elke dag dionysisch op, vult de delicate schemer van de kroeg met zijn schelle stem en wordt alleen geduld omdat hij zo’n goed klantje is. Hij begint altijd met een pilsje. De...
Lees verder
Blog archief


