- [Tirade april & mei 1965]
- Adriaan Morriën> Schrijven is zilver maar spreken is goud
- J.E. Kool-Smit Egotisme versus engagement
- A. Koolhaas Een bloem voor morgen
- Hanny Michaelis / vier gedichten
- H.L. Mulder Wiener Mélange Hans Hahn
- Rutger Kopland / Drie gedichten
- [Bloemlezing]
- M. Verdaasdonk De huisknecht
- Judith Herzberg / vier gedichten
- Charles B. Timmer Goochelen met Gogol
- Renate Rubinstein Niet de woorden, maar de stem
- Vier gedichten / Riekus Waskowsky
- A. Nuis Fragmenten uit de Balenkraai
- Hollandse nieuwe
[p. 250]
Wekkerkabaal
scheurt me zonder omzien
los uit de warme cocon
van lakens en dekens.
De kamer lijkt wonderwel
bewoonbaar door vagelijk
bekende kleren in een stoel.
Wanneer ik me omdraai
zit op de rand van mijn bed
een naakte man. Bij het zien
van zijn glimlach denk ik:
de vrouw die hier woont
is te benijden.
[p. 251]
De ik die zichzelf
in je omhelzing verliest
en terugvindt, is niet
dezelfde die op loden voeten
je leven uit loopt
en een ander dan de ik
die zich wijsmaakt dat je
er nooit bent geweest.
Alle drie opgesloten
binnen mijn huid zijn ze slaags
geraakt in een oorlog
op leven en dood.
[p. 252]
Bij noordenwind
hoor ik ‘s nachts de sirenes
van fabrieken in de buurt
waar je huis staat.
Geen groet, geen belofte
en geen verklaring. Alleen
de gedachte: wij wonen
nog in dezelfde stad.
[p. 253]
Met zijn neus in de boeken
snuffelend aan de levens
van anderen die nooit
hebben bestaan. Een geur
van papier en drukinkt,
maar soms overstemd
door het onvervalste aroma
van verdriet zoals het
nog steeds wordt geproefd.

Dingen kwijtraken
Naast een strekkende meter fotoalbums bleek er niet zo veel van emotionele waarde te zitten tussen de spullen van mijn ouders. Ik werkte bij het uitruimen van hun huis met twee stapels, waarbij de stapel mee naar Amsterdam na elke heroverweging kromp. Na hun meubels verdwenen alle boeken, platen, interieurprulletjes en kunstigheden die me niet...
Lees verder
'Met een nog net coherent "goedenavond" eindigen, dat is een ongeschreven wet'* – Over het café
De encyclopedie van het geluk 27 In een café rijg je drankjes aan elkaar. Bij Carmiggelt klinkt het zo: ‘de boekhouder zet ‘m elke dag dionysisch op, vult de delicate schemer van de kroeg met zijn schelle stem en wordt alleen geduld omdat hij zo’n goed klantje is. Hij begint altijd met een pilsje. De...
Lees verder
Er geen vrij voor nemen
Sinds deze week zit ik in ronde zes van de roman waaraan ik in 2024 begon. De eerste anderhalf jaar gingen op aan het schrijven van de grote lijn: twee levens moesten worden vastgelegd, elk met een eigen begin. Er moest hoop zijn voor mijn opgroeiende personages, maar ook best wat tegenslag. Mijn wens was...
Lees verder
Blog archief



