{"id":298887,"date":"1962-01-01T00:00:42","date_gmt":"1961-12-31T23:00:42","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/"},"modified":"2021-06-04T12:05:06","modified_gmt":"2021-06-04T11:05:06","slug":"mrs-robinsondoor-h-j-friedericy","status":"publish","type":"dbnl","link":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/","title":{"rendered":"Mrs. Robinson\r\n\r\ndoor H.J. Friedericy"},"content":{"rendered":"<div class=\"wp-block-columns alignwide is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-9d6595d7 wp-block-columns-is-layout-flex\"><div class=\"wp-block-column dbnl-links is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:66.66%\">\r\n\r\n <interp type=\"primair\" value=\"frie003\"><\/interp><div class=\"pb\">[p. 220]<\/div>\r\n<a name=\"31\"><\/a>\r\n<h3>Mrs. Robinson\r\n<br><i>door H.J. Friedericy<\/i>\r\n<\/h3>\r\n\r\n<p>Het schip was na enige moeite weer overeind gekomen en wij hadden onze glazen gered. Terwijl Barbare Hinrichs, vermoedelijk aan de orkaan denkend, met beide handen voorzichtig controleerde of haar grijze krullen wel goed zaten, zei ze: \u2018Ik zal blij zijn als wij overmorgenochtend veilig en wel in Hoboken liggen. Ik kan goed tegen de zee, maar deze keer is het \u00e0l te erg. Je wordt z\u00f3 d\u00f3\u00f3dmoe van dat slingeren. Nee schat, ik geen Dubonnet meer, dank je wel, maar als j\u00f9llie nog wat willen drinken &#8211; wij hebben \u00e0lle tijd.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Charles Hinrichs keek mij verstandig aan en ik knikte vlug en ernstig. \u2018Dus \u00e9\u00e9n Martini, very dry, lemon peel,\u2019 zei hij met iets van tegenzin in zijn stem. Na ruim een week op zee had ik hem nog steeds niet gevolgd in het drinken van Bourbon Old fashioneds. Hij kwam uit Houston, Texas, waar hij op een bedaarde doch effici\u00ebnte wijze bijzonder veel geld verdiende met olie vinden.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Barbara keek wat stroef. Even tevoren had haar man, die veel grijzer was dan zij, haar \u2018moeder\u2019 genoemd. \u2018Moeder,\u2019 had hij gezegd, \u2018je weet van die roodharige jonge vrouw veel te weinig af om een oordeel over haar te mogen vellen.\u2019 Barbara, die mij gedurende de reis driemaal per dag trotse verhalen had verteld over haar vijf kleinkinderen, had daarop geantwoord: \u2018Charles, in d\u00ect soort zaken ben je een kind.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De steward bracht een Old fashioned voor Charles en een prachtige kristalheldere grote Martini voor mij.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Het slingeren van het schip maakte alles wat moeilijker. Het drinken, het denken en het praten. Wij waren nu negen dagen op zee &#8211; wij waren een dag te laat &#8211; en over anderhalve dag zouden wij weer in de Verenigde Staten terug zijn. Het was een zware reis geweest met hevige stormen. Na de eerste twee, drie dagen waren alleen nog, zoals Charles zei,\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 221]<\/div><p>de min of meer afgestompte individuen op de been en daarbij hoorden Barbara en Charles Hinrichs en ik. Meestal dronken wij samen onze cocktails voor het diner in een van de salons. Een enkele maal waren de Vandervoorts er bij gekomen: hij een grote, zware, kale meubelfabrikant uit Grand Rapids, Michigan, en zij een kleine, dikke blozende vrouw met een uiterst gecompliceerde wrong boven op haar hoofd en veel zacht tinkelende gouden kettingen om hals en polsen. Hij leed zwaar aan zeeziekte, deed altijd in het begin van ons samenzijn zijn best om aan het gesprek deel te nemen maar gaf het meestal na een kwartier op. Daarna verliep alles volgens programma. Nadat zijn vrouw hem zo lang met gesloten ogen en doodsbleke kaken in zijn stoel had laten liggen tot zij twee Scotch Old fashioneds had genoten (\u2018Nee, meneer Hinrichs, u weet, \u00eck altijd Sc\u00f2tch Old fashioneds\u2019) keek zij ons meewarig aan, schudde langzaam het hoofd met het torenhoge kapsel bij de fluisterende muziek van haar sieraden en zei dan: \u2018Kom Van, my darling, ik breng je maar weer naar bed.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Een avond of drie van tevoren had Mrs. Vandervoort gezegd: \u2018Dat roodharige meisje heeft iets h\u00e9\u00e9l vreemds over zich.\u2019 Barbara bleek toen nog geen oordeel gevormd te hebben. Zij had het meisje dat door de salon liep met haar ogen gevolgd en gezegd: \u2018Och, hoezo?\u2019 Charles had zijn grote witte tanden ontbloot, zijn wenkbrauwen opgetrokken en opgemerkt: \u2018Nee&#8230; vreemd&#8230; vreemd? Heel aantr\u00e8kkelijk. Heel aantr\u00e8kkelijk.\u2019 Ik had toen ook een kleine bijdrage willen leveren en gezegd: \u2018Het is geen meisje. Zij is getrouwd. Mrs. Robinson. En haar voornaam is Fay.\u2019 Charles had gelachen, Mrs. Vandervoort had wat verveeld gekeken en Barbara had gezegd: \u2018Ray is bepaald goed op de hoogte.\u2019 Ik had op bescheiden wijze mijn schouders opgehaald en gezegd: \u2018Dat is tenminste wat ik gehoord heb\u2019 en het daarbij gelaten.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Maar vanavond had Barbara plotseling gezegd: \u2018Ik heb dat roodharige kind eens bekeken &#8211; maar ik v\u00f3\u00e9l het en ik w\u00e9\u00e9t het: zij deugt niet.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Charles en ik dronken langzaam onze cocktails. Het schip rees langzaam en majestueus in de duistere avond op een huizenhoge golf van de oceaan, helde en gleed zuchtend en krakend in een peilloos dal. Op dat ogenblik schoot de kleine\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 222]<\/div><p>Mrs. Vandervoort met glinsterende juwelen onze tafel voorbij, greep zich aan een deur vast en trachtte met zo weinig mogelijk verlies aan waardigheid berg-op onze tafel te bereiken.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Mijn man w\u00eclde, dat ik het Farewell dinner zou bijwonen,\u2019 zei ze, nadat zij zich zacht hijgend in een stoel had neergelaten. \u2018Hij vond het niet aardig tegenover de kapitein, zei hij, als ik \u00f3\u00f3k niet aan tafel zou zijn, zei hij. Hij zelf voelt zich z\u00f3 ellendig. Heel graag, Mr. Adams, heel graag een Sc\u00f2tch Old fashioned. Ik zeg tegen John, blijf maar in bed, wat moet je buiten. Weet u nog, Mr. Adams, de tweede avond, n\u00e8t toen de kapitein voor het eerst ook aan tafel kwam, hoe het schip z\u00f3 te keer ging, dat u met stoel en al achterover sloeg? John werd daar zo ellendig van, weet u nog wel, dat ik hem direct naar bed heb moeten brengen? Daarna is hij practisch niet meer op geweest,\u2019 vervolgde zij op een toon of haar man al jaren lang dood was. \u2018&#8217;t Is nog een wonder dat er niet meer ongelukken gebeuren met dit weer. Ik heb gehoord dat de dokter gevallen is. Arm gebroken of zoiets. Hij zal wel niet aan tafel zijn vanavond. Dat vreemde roodharige kind zal hem missen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Merkwaardig, dacht ik, deze vrouw brengt vrijwel de hele dag bij haar man in de hut door, zo nu en dan doet zij een dutje in haar dekstoel, heel zelden komt zij aan het diner en vrijwel nooit aan de lunch &#8211; en toch blijkt zij telkens weer te weten of te vermoeden wat er zich hier aan boord afspeelt.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Is dat dan wat?\u2019 vroeg Barbara. \u2018Charles, geef mij toch nog maar een Dubonnet.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ja, h\u00e9\u00e9l innig,\u2019 zei Mrs. Vandervoort. \u2018En hij een getrouwde man, drie kinderen. Wel een behoorlijke man ook&#8230; om te zien, bedoel ik. Maar z\u00edj is vreemd. Hebt u de ogen wel eens gezien, Mr. Adams?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Jawel,\u2019 zei ik, \u2018mooie, grote, bruine ogen; een beetje Slavisch zou ik zeggen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Mrs. Vandervoort dronk van haar old fashioned met haar rechterpink elegant in de lucht. \u2018Straks is het een Russische spionne,\u2019 zei zij, guitig naar mij kijkend.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Toen ging de gong voor het diner. Drie minuten nadat wij waren gaan zitten kwam de kapitein. Hij begroette ons met een glimlach en een lichte buiging, verontschuldigde zich\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 223]<\/div><p>dat hij wat later was dan wij, maar de storm hield nog steeds aan, ging zitten en wendde zijn groot, donkerbruin gezicht naar Mrs. Vandervoort. \u2018En uw man nog wat te lui om aan tafel te komen, Mevrouw?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ja, maar \u00eck moest gaan, John st\u00f2nd er op.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik zat tegenover de kapitein en keek naar de tafel aan mijn linkerhand, aan het hoofd waarvan de dokter gewoonlijk zat. Maar de laatste dagen was zijn plaats leeg geweest. Op de plaats rechts daarvan zat de roodharige Mrs. Robinson in levendig gesprek met een jonge gebrilde assistent-professor van Stanford, die een reis in West-Duitsland had gemaakt. Mrs. Vandervoort, die links van de kapitein zat en nu ook naar de lege plaats van de dokter keek, vroeg: \u2018En hoe is het met de dokter, kapitein? Ik hoor, dat hij lelijk gevallen is.\u2019 Ik verbeeldde mij, dat de kapitein mij met zijn donkere ogen onder de zware, zwarte wenkbrauwen even aankeek. Ik keek neer op mijn p\u00e2t\u00e9-de-foie-gras en hoorde de kapitein antwoorden: \u2018Ja mevrouw. Hij is in zijn onderzoekkamer komen te vallen en heeft zich nogal bezeerd. Maar hij is nu in goede handen. Mr. Hinrichs, gaat u van New York door naar Houston?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Na tafel, nadat zowel Barbara als Mrs. Vandervoort zich teruggetrokken hadden, dronken Charles en ik nog een paar Bourbons-and-water. Wij bespreken mijn plan om over een maand of twee, in januari, naar Texas te komen in verband met een grote erfeniszaak, die mijn firma in behandeling had. Een uitnodiging van Barbara en Charles om een weekend op hun ranch door te brengen had ik met plezier aanvaard. Maar Charles begon, als gewoonlijk, na een uurtje vaag en slaperig te kijken. Na een kleine serie nauwelijks onderdrukte geeuwen excuseerde hij zich en zocht zijn hut op. Ik maakte een wandeling over het dek, driemaal linksom en driemaal rechtsom en kuierde toen de grote salon binnen, waar, ondanks het slingeren van het schip, gedanst werd.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Een groep Amerikaanse studenten, misschien vier paren, was aan het jitterbuggen. Van de kleine band bleek alleen de Oostenrijkse pianist tot de groep der afgestompte individu\u00ebn te behoren, de uitverkorenen, die alle stormen kunnen doorstaan. Toen ik hem een paar dagen tevoren naar de gezondheid van zijn collega&#8217;s had gevraagd, had hij de rechter-<\/p><div class=\"pb\">[p. 224]<\/div><p>hand op de maag gelegd, zijn oogballen naar achteren gerold, kreunend gezucht en gezegd: \u2018Oh! Too seek, you know! Too seek! Want to die! All of them! Now! Immediately!\u2019 Een van de studenten, een jonge man met zware opgevulde schouders en een grote kuif die stijf stond van het vet, was de kampioen van alle dansers. Hij danste zonder ophouden met dezelfde jonge vrouw, die naar Mrs. Vandervoort ons verteld had, bezig was te scheiden van haar Amerikaanse echtgenoot, die voor de NATO werkte in Parijs. Zij dansten vrijwel feilloos, volkomen geconcentreerd op elkanders geringste beweging. In een hoek van de salon steeg een schaterend gelach op; de roodharige Mrs. Robinson was de laatste dagen, wandelend op het dek, ping-pongend en dansend, omstuwd geweest door vijf of zes jeugdige Mormonen, die twee jaren in West-Europa hadden doorgebracht ter verspreiding van hun leer. Zij vermaakte zich met haar vrienden uit Utah kennelijk op grandiose wijze. Een lange, blonde jongeman met een zwart-gerande bril, blijkbaar de oudste en min of meer de leider van de groep, bemoeide zich het meest met haar. Hij vertelde, onderbroken door lachexplosies van Mrs. Robinson en de anderen, een lang verhaal, zich enkel tot haar richtend. Zij wierp bij het lachen haar hoofd zo nu en dan achterover, daarbij haar zachte, blanke keel tonend. De andere jongelieden keken bewonderend naar haar, lachten, maar zeiden weinig. Een medepassagier, een oude heer, die op Kipling leek en naast mij was komen staan glimlachte en zei: \u2018Daar zouden de oude Mormonen van opgekeken hebben: \u00e9\u00e9n vrouw en zes \r\nmannen.\u2019 Ik glimlachte wat vaag terug want ik kon mijn ogen moeilijk van de mooie Mrs. Robinson afhouden. Ik moest aan de dokter denken en hoorde de kapitein zeggen: \u2018Hij is nu in goede handen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>*<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>Ik had haar bij onze inscheping in Cherbourg dadelijk opgemerkt. Omdat ik vroeg was, had ik mijn bagage lang voor het vertrek van het schip al uitgepakt, waardoor ik, leunend over de railing, de meeste passagiers aan boord kon zien komen. Doch vroeger dan wie dan ook bleek een roodharig meisje te zijn. Zij stond, jong en fier, een pas of tien van mij\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 225]<\/div><p>af aan de railing achter de glazen beschutting. Het leek of zij volstrekt onberoerd was gebleven door zorgen met douane, koffers en tickets. Haar kleren waren Amerikaans, haar kapsel was Amerikaans en haar make-up was Amerikaans. Wat allereerst opviel, was haar mooie, donkerrode haar. Ik gebruik het woord \u2018kastanjebruin\u2019 niet, omdat dat te weinig de gloed van haar haar zou weergeven. Ik zag haar zeker niet aan voor een getrouwde vrouw en ook niet voor een studente, die een jaar of twee aan de Sorbonne of in Rome had gestudeerd. Meer voor een jonge touriste: Parijs, Nice, Cannes, Biarritz, Juan-les-Pins.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik kan mij niet goed herinneren wat de volgende vijf of tien minuten mijn aandacht in beslag genomen moet hebben, maar toen ik weer naar haar keek, stond zij te praten met een officier van het schip, die naast haar, met de rug naar mij toe, tegen de railing geleund stond. Haar gezicht was een en al aandacht en zij praatte alsof zij de man allang kende. Een kwartier later verliet de officier haar, passeerde mij en ging naar beneden. Aan zijn distinctieven zag ik, dat hij de scheepsdokter moest zijn. Even later kwam hij weer boven, ging vertrouwelijk naast haar staan en zette het gesprek voort.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Diezelfde avond waren zowel de dokter als het meisje aan de bar. Ik had vrijwel dadelijk na het diner de kruk in het midden in beslag genomen. Om een of andere reden houd ik niet van een plaats aan het eind van een bar en daar de bar vrijwel leeg was nam ik mijn kans waar. Links naast mij kwam een betrekkelijk jonge, donkere man te zitten, die Engels sprak met een licht Oxford-accent &#8211; in elk geval geen Amerikaan. Aan mijn rechterhand ging een Hollander zitten, wiens onuitsprekelijke naam ik nooit heb kunnen onthouden. Hij was een bollenhandelaar uit de buurt van Haarlem. Hij sprak heel vlot Engels met een zwaar accent en hij dronk snel en met grote smaak enorme kwantiteiten Hollands bier. Nadat ik met hem aan de praat was geraakt, ging ook ik Hollands bier drinken en binnen een half uur noemde hij mij Ray en ik hem Jan, uitgesproken Yahn. Hoe het precies gebeurde, weet ik niet meer, doch om een uur of elf &#8216;s avonds zat in plaats van de bollenhandelaar het roodharige meisje naast mij. Zo nu en dan keek ze me even aan, niet onvrien-<\/p><div class=\"pb\">[p. 226]<\/div><p>delijk moet ik zeggen, maar haar aandacht ging duidelijk uit naar de dokter, die rechts naast haar stond. Ik kon haar gezicht nu beter bekijken dan aan het dek. Ze was zonder twijfel mooi. Haar teint was heel blank, doch de wangen hadden tegelijkertijd &#8211; en dat was volgens mij geen make-up &#8211; iets fris, alsof een gloed door de huid scheen. Haar lippen waren goed gevormd en vol, misschien voor aestheten iets te vol maar voor mij niet. Haar ogen waren niet het beste, omdat ze, hoewel doorzichtig donkerbruin, behalve iets kinderlijks ook iets hards hadden. Zij keek min of meer als een klein meisje, dat geregeld door haar vader wordt geslagen. De dokter leek achter in de dertig, dus zeker een jaar of achttien ouder dan zij. Hij had een regelmatig, knap, mannelijk gezicht. Alleen leek het of hij te veel dronk. Zijn ogen stonden wat vermoeid boven blauwige kringen en het vlees van de kaken hing te los voor een man van onder de \r\nveertig.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De volgende morgen installeerde ik mij met pijp en boek onder een warme deken in de dekstoel, die ik gereserveerd had. Het schip schommelde al vrij zwaar, de lucht was grauw en de golven sloegen hoog over het voordek heen. Rechts naast mij was een hele rij stoelen leeg. Links naast mij stak een grijs-blauwe pet boven een deken uit. Na een minuut of tien zei een stem van onder de pet en van boven de deken uit: \u2018Good morning.\u2019 Het was de jonge man met het lichte Oxford-accent, die melancholiek en doodsbleek de grijze wereld inkeek. Een lusteloze conversatie ontspon zich. Ik kon zijn accent niet thuis brengen en zei dit. \u2018Ik ben een Duitser,\u2019 zei hij. Hij was de zoon van een grote machinefabrikant in West-Duitsland en ging voor zaken naar de Verenigde Staten. Toen kwam het roodharige meisje voorbij. Zij had de stap van de dekwandelaarster: energiek met een soort gemaakte onverschilligheid. De jongeman keek haar na en zei toen: \u2018Ook Duits.\u2019 Ik nam mijn pijp uit de mond en zei: \u2018O, nee!\u2019 \u2018Zeker,\u2019 zei de jongeman, \u2018ik heb haar in de trein ontmoet. Zij gaat naar haar man toe, een ex-G.I., die in West-Duitsland gediend heeft. Zij is Mrs. Robinson, haar voornaam is Fay en zij gaat wonen in Cleveland, Ohio.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In de loop van de volgende dag zag ik haar vrij veel met de dokter, doch de dokter bemoeide zich ook met andere jonge vrouwen. Over het algemeen schenen vrouwen hem\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 227]<\/div><p>aantrekkelijk te vinden. Hij bemoeide zich niet met mannen en de mannelijke passagiers bemoeiden zich ook niet, voorzover ik weet, met hem.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De stemming aan boord was matig. Meer dan de helft van de passagiers bleef in de hutten en het grootste gedeelte van de rest voelde zich maar half mens. Ik kon vrijwel niet meer slapen omdat ik in mijn bed zo heen en weer gerold werd, dat ik wel honderd keer op een nacht wakker werd.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik geloof, dat het de zesde dag was, dat wij aan boord waren en wij waren ongeveer anderhalve dag te laat. Ik rekende uit, dat ik op deze wijze nog een viertal vrijwel slapeloze nachten voor de boeg had. Ik vroeg aan de jonge Duitser in de dekstoel naast mij of hij misschien een paar slaappillen voor mij had, maar hij gebruikte nooit slaappillen. \u2018Dan,\u2019 zei ik, \u2018zal ik maar eens naar de dokter stappen.\u2019 De jonge Duitser, die het grootste gedeelte van de ochtend miserabel aan dek onder zijn deken lag, bleek toch nog voldoende belangstelling in het leven te hebben overgehouden om gedeelten van gesprekken op te vangen, te onthouden en over te brengen. \u2018Ik heb juist een dame horen zeggen,\u2019 zei hij met gesloten ogen, \u2018dat ze bij de dokter op het spreekuur wilde komen, maar dat ze de deur van zijn \u201coffice\u201d niet open kon krijgen. Ze had toen een steward gewaarschuwd. Later had ze gehoord, dat de dokter een val had gemaakt en dat hij niet in staat was pati\u00ebnten te behandelen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De middag van diezelfde dag was ik mij aan het scheren in mijn badkamer, toen de hutsteward de thee kwam brengen. Hij was een aardige baas van een jaar of zestig, die bijzonder goed voor mij zorgde. Wij behandelden elke dag op grondige wijze het weer, de stemming aan boord, onze superioriteit op het gebied van zeeziekte en soms, maar dan oppervlakkig, wat politiek. Ik stopte even met scheren om hem te bedanken en toen hij de deur opende om weg te gaan, zei ik: \u2018Ik hoor, dat de dokter een ongeluk heeft gehad.\u2019 Hij bedacht zich even, sloot de deur en kwam naar mij toe. \u2018Ja,\u2019 zei hij en hij keek mij plechtig aan. \u2018Ja meneer, de dokter is lelijk terechtgekomen.\u2019 Daarna draaide hij zich om, aarzelde, kwam weer terug en zei toen zacht: \u2018Meneer, u moet me beloven er nooit met niemand niet over te praten, want de passagiers mogen het niet weten, siet-u.\u2019 Hij wachtte even,\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 228]<\/div><p>keek naar zijn schoenen en zei: \u2018De dokter is dood.\u2019 Hij wachtte weer even, keek mij toen aan en zei: \u2018Hartstikkedood.\u2019 Toen hij zag, dat ik te verbluft was om \u00e9\u00e9n woord uit te brengen, zei hij, op een toon alsof hij mij wilde overtuigen: \u2018Kijk, ze konden de deur niet open krijgen. Nat\u00fc\u00fcrlijk konden ze de deur niet open krijgen! Het lijk lag er achter.\u2019 De oude man sperde zijn bleekblauwe ogen verschrikt open. Toen zei hij langzaam: \u2018&#8217;n Rare saak, &#8216;n rare saak.\u2019 Plotseling draaide hij zich om en verliet mijn hut.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De middag van de volgende dag, om een uur of drie, stuurde de kapitein zijn steward naar mij toe om mij uit te nodigen voor cocktails. Het was de vierde maal, dat ik zo&#8217;n invitatie ontving en ik aanvaardde haar graag, omdat ik een grote waardering voor de kapitein had opgevat. Hij bezat, dacht ik, een zekere rust en wijsheid en tevens een prachtig gevoel voor humor.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Toen ik zijn zitkamer binnenstapte was hij alleen. Dat verbaasde mij enigszins, omdat ik nooit de enige gast was geweest. \u2018A very dry Martini lemon peel,\u2019 zei de kapitein, terwijl hij mij een grote hand toestak. Nadat de steward onze Martini&#8217;s had gebracht ging de kapitein wat achterover zitten, kuchte even en zei: \u2018Ik zou u graag een vraag willen stellen. Hebt u op het schip al iets over de dokter gehoord?\u2019 \u2018Zeker,\u2019 zei ik. \u2018Hij schijnt gevallen te zijn of zoiets.\u2019 De kapitein keek even naar zijn glas, dat hij heel langzaam aan de voet ronddraaide. Daarna keek hij mij aan en zei: \u2018Mr. Adams, de dokter is dood.\u2019 Ik zei niets en de kapitein vervolgde: \u2018Ik wil er graag in vertrouwen met u over praten, omdat u een jurist bent &#8211; maar nee, dat is onzin; ik wil er graag met u over spreken, punt. O.K.?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018O.K.,\u2019 zei ik.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Gisterenochtend kon een dame, die de dokter wilde spreken, de deur van zijn \u201coffice\u201d niet open krijgen. Zij ging weg en waarschuwde de steward. Die steward probeerde de deur open te krijgen &#8211; de dame was intussen naar het dek gegaan &#8211; en hij ontdekte, dat de deur niet op slot was, maar dat iets aan de binnenkant de deur tegen hield. Door de kier zag hij op de vloer een hand &#8211; de hand van de dokter. Hij waarschuwde mij direct en ik riep op mijn beurt de hoofdmachinist. Wij beiden hebben toen, samen met de steward,\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 229]<\/div><p>de deur open gedrukt. De dokter lag achter de deur, dood. Zijn boord was open en ja, wat zal ik zeggen, hij zag er heel vredig uit. Je denkt natuurlijk bij zo&#8217;n jonge man al gauw aan zelfmoord. Ik zei dus: \u201cLaten we overal afblijven en een dokter laten komen.\u201d Ik heb toen de enige geneesheer onder de passagiers laten komen. Dr. McGuire, u hebt hem misschien wel gezien, met die borstelige wenkbrauwen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Kipling,\u2019 zei ik.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Precies,\u2019 zei de kapitein. \u2018Nou, dood als een pier. Ik vroeg aan McGuire of het zelfmoord kon zijn, maar wij denken nu, dat de dokter zich niet goed voelde en op de operatietafel is gaan liggen en daar aan een hartaanval is overleden. Vervol gens is hij door het slingeren van het schip van de tafel afgeslagen en voor de deur komen te liggen. Hij kan natuurlijk ook overleden zijn na de val van de tafel, maar daar kom je toch niet achter.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018&#8217;n Hartaanval?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ja, terwijl Dr. McGuire, de hoofdmachinist en ik daar in die kamer stonden, rolde, door de beweging van het schipr een open flesje met tabletjes voor onze voeten. McGuire bekeek de tabletten en zei: \u2018Angina pectoris.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Wist u, dat de dokter daar aan leed?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Nee,\u2019 zei de kapitein. Hij draaide zijn glas weer langzaam rond, nam een teug en zei: \u2018De dokter leefde natuurlijk veel te zwaar. Hij dronk als een ketter en hij zat te veel achter de vrouwen aan. Aan het begin van de reis heb ik hem bij me laten komen. Ik heb toen dit gezegd: \u2018Nou moet je &#8216;ns goed luisteren, dok, want ik ken je nou. Nauwelijks ben je aan boord of je zit achter de vrouwen aan. Dat wil zeggen: \u00e9\u00e9n vrouw breng je alt\u00ecjd in opspraak. Dit is mijn laatste waarschuwing: je gedraagt je behoorlijk. Met vrouwen en meisjes plezierig omgaan, O.K., maar geen gedonder, begrepen? En als ik i\u00e8ts merk op deze reis rapporteer ik dat aan de directie.\u2019 De kapitein zweeg even en zei toen peinzend: \u2018Maar van een hartkwaal?&#8230; Nee.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De kapitein drukte op de bel en de steward bracht nog twee Martini&#8217;s. Daarna zei de gezagvoerder: \u2018Ik wil de passagiers niet zenuwachtig maken&#8230; de dokter plotseling overleden&#8230; een lijk aan boord&#8230; Ik heb de bemanning verboden er over te spreken met de passagiers. &#8216;t Is bovendien\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 230]<\/div><p>nog maar een paar dagen&#8230; Zij zullen in elk geval een autopsie willen verrichten,\u2019 voegde hij er aan toe, daarmee aangewend, dat naar zijn gevoel de autoriteiten het zekere voor het onzekere zouden willen nemen.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik kon \u00e9\u00e9n vraag niet onderdrukken en zei: \u2018Waar is de dokter&#8230; ik bedoel&#8230; waar is het lijk nu?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018In de frigidaire,\u2019 zei de kapitein zakelijk.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">We zwegen enkele minuten, onze Martini&#8217;s drinkend. \u2018Ja,\u2019 zei de kapitein toen, \u2018dan is er nog iets. U kent die roodharige jonge dame?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Zeker,\u2019 zei ik.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Nu,\u2019 zei de kapitein, \u2018de hut van de dokter, ik bedoel de hut waar hij sliep, was op slot. U begrijpt, dat wij &#8211; al achtten wij zelfmoord onwaarschijnlijk &#8211; toch wilden zien of er brieven waren of&#8230; enfin, dat komt er zo allemaal bij. Wij vonden de sleutel in zijn zak. De hoofdmachinist en ik hebben toen, na Dr. McGuire voor de moeite bedankt te hebben, de hut met zijn sleutel geopend en ja, Mr. Adams, het eerste half uur stonden onze hersens nou niet direct naar het doorzoeken van de correspondentie van de dokter. Daar lag ze. In zijn bed. Ze sliep. Half &#8211; of laat ik zeggen: een kwart bedekt door een laken. Naakt. En verdomd mooi moet ik zeggen.\u2019 De kapitein dronk weer van zijn Martini en stak een sigaret op. \u2018Ja, we moesten haar wakker maken. Ze schrok natuurlijk. Ik zei: \u201cJij kleed je aan, wij zullen ons wel omdraaien.\u201d En toen we zo met de ruggen naar elkaar toe stonden, heb ik haar verteld, dat de dokter dood was. Toen heeft ze even gehuild. Zij wist niets van een hartkwaal af, zei ze. Hij had gezegd, dat hij een paar pati\u00ebnten moest gaan bekijken. Daarna huilde ze weer even.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Weer zwegen wij. Na een paar minuten zei ik: \u2018En terwijl ze alles weet&#8230; terwijl ze dit heeft doorgemaakt&#8230; danst ze&#8230;\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Natuurlijk,\u2019 zei de kapitein, droog, \u2018zelfbehoud; bovendien heb ik gezegd, dat zij in moeilijkheden zou komen, als ze er over zou spreken met anderen.\u2019 Hij wachtte even en vervolgde: \u2018Maar het is een merkwaardige vrouw. Nadat ze uitgehuild was &#8211; en het was helemaal geen hartstochtelijke huilbui &#8211; had ze een manier van doen alsof zij ons jaren kende.\u2019<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 231]<\/div>\r\n<p>Ik dacht aan de keer, dat ik haar het eerst had gezien en vroeg: \u2018Kende ze de dokter van vroeger?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Vast niet,\u2019 zei de kapitein.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De volgende morgen, de morgen van de dag, waarop het Farewell dinner zou plaats hebben, kreeg ik omstreeks elf uur een boodschap van de hoofdmachinist of ik bij hem wilde komen voor een cocktail voor de lunch. De hoofdmachinist had ik \u00e9\u00e9nmaal bij de kapitein ontmoet en ik wist, dat het zijn laatste reis was. Hij leek mij in de zestig. Hij was een grote, wat gebogen man met een lang, grijs, vermoeid gezicht. Een gezicht met meer vouwen en plooien dan rimpels. Toen ik zijn hut, die blauw was van de rook, binnentrad, trof ik daar twee medepassagiers aan. De een was de Hollandse bollenhandelaar Jan, uitgesproken Yahn, en de ander was een van die vriendelijke mensen, die glimlachen, drinken en niets zeggen, en dus vergeten worden. Laat ik hem \u2018de andere passagier\u2019 noemen. Het was duidelijk, dat de hoofdmachinist, Jan en de andere passagier al geruime tijd aan het drinken waren. Ik werd met gejuich door Jan en met hartelijk gebrom door de hoofdmachinist begroet. Min of meer verrast door de aard van deze bijeenkomst besloot ik op dit vroege uur een zeer droge sherry te nemen. Binnen het kwartier had ik er weer een voor mij staan en nog een kwartier later zei de bollenhandelaar, zo luid fluisterend in mijn oor, dat de lamp er van trilde: \u2018De dokter is ook lelijk aan zijn eind gekomen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Shhht,\u2019 zei de hoofdmachinist en vouwde beide handen boven zijn hoofd: \u2018Top secret.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De bollenhandelaar liet zich evenwel niet gauw uit het veld slaan. \u2018Is de dokter dood of issie niet dood?\u2019 vroeg hij. Om te tonen dat hij het antwoord geduldig afwachtte, deed hij zijn ogen dicht. Niemand zei wat tot de bollenhandelaar zijn ogen weer open deed en vroeg: \u2018Wat zegt u?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Juist,\u2019 zei de hoofdmachinist, \u2018meneer zei niets. Jij zei, dat de dokter dood was.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Nee,\u2019 zei de bollenhandelaar, \u2018ik vroeg issie dood of issie niet dood?\u2019 Daarna keek hij mij met een brede glimlach aanmoedigend aan en zei: \u2018Wedden?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Shut up,\u2019 zei de hoofdmachinist en richtte zich waardig op. Toen drukte hij op de bel en gaf de steward instructies\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 232]<\/div><p>om ons nooit, n\u00f3\u00f3it begrijp je? met lege glazen te laten zitten. \u2018Als meneer &#8216;t weten moet,\u2019 zei de hoofdmachinist, \u2018dan zallie &#8216;t van mijn weten. Shut up,\u2019 zei hij tegen de andere passagier, die al die tijd geen woord gezegd had. \u2018De dokter is dood, meneer,\u2019 zei de hoofdmachinist, stond op, vouwde zijn handen en mompelde: \u2018God hebbe zijn ziel.\u2019 Daarna ging hij zwaar zitten, keek mij aan en zei: \u2018De heren hier denken, dat ze kritiek op hem kunnen oefenen. Kijk, meneer, de dokter was een vriend van mijn&#8230;\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Chief,\u2019 zei de bollenhandelaar, \u2018je bent er naast. Ik zeg, ik sta d&#8217;r buiten, maar &#8216;t is vreemd, zeg ik, dat een getrouwde man&#8230;\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Shut up, dammit,\u2019 riep de hoofdmachinist met een dreunende stem en plotseling besefte ik, dat hij hevig bewogen was. \u2018Shut up,\u2019 zei hij zachter en hij keek in de richting van de patrijspoort, zodat het grijze licht hem in de vermoeide ogen scheen. \u2018Wat weten jullie er van? Zijn jullie zo zuiver op de graat? Ik niet. Zijn jullie nooit met een andere vrouw naar bed geweest? Ik wel. Hebben jullie je leven lang niet te veel gezopen? Ik wel. En weten jullie godbetert wat een hartkwaal is? Die vent kon er immers elk ogenblik uitstappen? Dacht je dattie dat lollig vond? Natuurlijk zoopie. Uit angst, omdattie godverdomme wist dattie elk moment gehaald kon worden&#8230;\u2019 De hoofdmachinist zweeg. De groeven onder zijn ogen waren nat.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Sorry,\u2019 zei de bollenhandelaar, \u2018sorry.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018En wat die meid betreft,\u2019 zei de hoofdmachinist, \u2018ook van haar weten jullie geen donder. Natuurlijk &#8211; zij zal wel niet \u00e9del zijn en niet kuis&#8230;\u2019 Hij fluisterde nu. \u2018Toch,\u2019 zei hij, \u2018better shut up.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Dat was de morgen v\u00f3\u00f3r het Farewell dinner.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>*<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>De avond van de volgende dag, de laatste avond aan boord dus, kwam omstreeks tien uur de blonde Mormoon, die de avond tevoren zich voortdurend had bezig gehouden met Mrs. Robinson, de bar binnen wandelen en hij koos de kruk naast mij. Ik bood hem iets te drinken aan en hij nam orange juice. In tegenstelling met vele anderen werd hij ook zonder\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 233]<\/div><p>alcohol vertrouwelijk. Op een heel natuurlijke wijze begon hij over Mrs. Robinson te praten en hij maakte niet de indruk verliefd op haar te zijn geworden. Hij keek mij ernstig door zijn zwart-omrande bril aan en zei: \u2018Dit soort dingen hebben wij te begrijpen, Mr. Adams.\u2019 Ik begreep niet welk soort dingen hij bedoelde en zweeg dus.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018De tragedie is,\u2019 zei de jonge Mormoon, \u2018zij heeft niemand. Haar ouders zijn omgekomen bij een bombardement tegen het einde van de oorlog en haar enige broer is gesneuveld tegen de Russen. In de Amerikaanse zone heeft ze Amerikanen leren kennen en een van die Amerikanen was Robinson. Hij houdt van haar, begrijpt u wel? Maar zij &#8211; zij wil van hem houden en zal ook alles doen om hem het leven plezierig te maken. Begrijpt u wat ik bedoel?\u2019 vroeg hij dringend.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Volkomen,\u2019 zei ik en dacht: \u2018deze jongen weet niets van de dokter.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Niettemin,\u2019 zei de jonge man, \u2018zal het moeilijk voor haar worden. Zij wilde natuurlijk uit Duitsland weg. Wat zij zoekt is veiligheid en vriendschap en wat rust.\u2019 Hij zweeg.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik vroeg hem of hij nog een orange juice wilde.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ja,\u2019 zei hij, \u2018I certainly need a drink. Maar,\u2019 liet hij er op volgen, \u2018is het u werkelijk duidelijk? Mijn vrienden en ik weten best hoe er aan boord over Fay gesproken wordt. Wij vinden dit ellendig. En als wij kunnen, zullen wij haar helpen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Daar hebben jullie gelijk in,\u2019 zei ik.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De ochtend van aankomst in Hoboken was om te beginnen als alle ochtenden van aankomst met een schip, waar ter wereld ook. De rommel was onbeschrijfelijk. Ik was te laat opgestaan en dus te laat gaan pakken. Alle passagiers liepen met vermoeide gezichten door de gangen. Sommigen gingen ontbijten, anderen konden niet ontbijten, omdat zij te zenuwachtig waren. Tenslotte kwam ik aan dek. Langzaam stoomden wij de haven binnen. De passagiers verdrongen zich aan de railing. Er hing een lichte mist, doch als altijd, met welk licht, met welk weer, op welke tijd van de dag ook: Manhattan doemde op in al zijn grootsheid.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik had het gevoel dat men wel heeft aan het einde van een liefde, van een verblijf in een vreemd land, van een reis. Hoe\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 234]<\/div><p>het ook geweest is, boeiend of vervelend, mooi of lelijk, goed of slecht, het was de moeite waard en men gaat heen of blijft achter in het besef, dat men nog lang niet alle mogelijkheden heeft leren kennen.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De jonge Duitser kwam afscheid nemen. \u2018Auf wiedersehen,\u2019 zei hij en ik herhaalde zijn groet. \u2018Weet u,\u2019 zei hij, \u2018dat de vlag halfstok is? De dokter is dood. Een hartaanval, zeggen ze.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018De dokter?\u2019 zei ik en op dat moment kwamen Barbara en Charles mij de hand drukken. \u2018God,\u2019 zei Barbara, \u2018de vlag is halfstok. De dokter is dood.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Het schip had inmiddels zijn plaats gevonden. De passagiers begonnen de valreep af te dalen. Tien minuten later stond ik uit te zien naar mijn jongste zoon, die mij zou komen halen. En daar stond Mrs. Robinson. Zij was mooi als altijd, maar heel bleek. Zij werd met haar koffers geholpen door de blonde Mormoon. Zij keek naar hem op, ernstig en gespannen. Hij zei wat tegen haar met een zachte blik in zijn ogen en zij knikte. Toen kwam een lange man met grote passen op haar toe. Hij keek gespannen en riep toen met een diepe stem: \u2018Fay?\u2019 Zij draaide zich om, deed \u00e9\u00e9n pas en verborg haar roodharige hoofd aan zijn borst. Hij sloeg zijn armen om haar heen en zei: \u2018Darling &#8211; darling.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik voelde een klopje op mijn schouder. Het was Mrs. Vandervoort en naast haar stond haar man, die er beter uit zag dan ik hem ooit in mijn leven gezien had. \u2018Mr. Adams, tot ziens en als ik tot ziens zeg, meen ik het,\u2019 zei Mrs. Vandervoort, terwijl haar sieraden zacht tinkelden.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Het beste met u beiden,\u2019 zei ik.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Mrs. Vandervoort legde haar hand op mijn arm en fluisterde: \u2018Moet u d\u00e0t zien. Mrs. Robinson en haar m\u00e0n!\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ik zei niets. Ik dacht aan wat de hoofdmachinist gezegd had. \u2018Shut up.\u2019 En ook aan wat de kapitein gezegd had: \u2018De dokter is nu in goede handen.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Hello Vader,\u2019 riep mijn twintigjarige zoon, \u2018heb je een goeie reis gehad?\u2019 V\u00f3\u00f3r ik hem kon antwoorden, zag ik zijn ogen afdwalen. Hij had Mrs. Robinson ontdekt. Hij keek mij aan en zei zachtjes: \u2018Wow!\u2019<\/p>\r\n<\/div><div class=\"wp-block-column dbnl-rechts is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:33.33%\"><div id=\"noten-apparaat\"><div class=\"interp\">\n<h3>Over dit hoofdstuk\/artikel<\/h3>\n<p><label>auteurs<\/label><\/p>\n<p> <a href=\"https:\/\/www.dbnl.org\/auteurs\/auteur.php?id=frie003\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">H.J. Friedericy<\/a><\/p>\n<br>\n<\/div><\/div><\/div><\/div>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>[p. 220] Mrs. Robinson door H.J. Friedericy Het schip was na enige moeite weer overeind gekomen en wij hadden onze glazen gered. Terwijl Barbare Hinrichs, vermoedelijk aan de orkaan denkend, met beide handen voorzichtig controleerde of haar grijze krullen wel goed zaten, zei ze: \u2018Ik zal blij zijn als wij overmorgenochtend veilig en wel in&#8230; <a class=\"more-link\" href=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/\">Lees verder <span class=\"read-more-arrow\"><\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","class_list":["post-298887","dbnl","type-dbnl","status-publish","hentry"],"acf":[],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v26.4 - https:\/\/yoast.com\/wordpress\/plugins\/seo\/ -->\n<title>Mrs. Robinson  door H.J. Friedericy &#183; Uitgeverij Van Oorschot<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"en_US\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"Mrs. Robinson  door H.J. Friedericy &#183; Uitgeverij Van Oorschot\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"[p. 220] Mrs. Robinson door H.J. Friedericy Het schip was na enige moeite weer overeind gekomen en wij hadden onze glazen gered. Terwijl Barbare Hinrichs, vermoedelijk aan de orkaan denkend, met beide handen voorzichtig controleerde of haar grijze krullen wel goed zaten, zei ze: \u2018Ik zal blij zijn als wij overmorgenochtend veilig en wel in... Lees verder\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Uitgeverij Van Oorschot\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2021-06-04T11:05:06+00:00\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Est. reading time\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"29 minutes\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\/\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/\",\"url\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/\",\"name\":\"Mrs. Robinson door H.J. Friedericy &#183; Uitgeverij Van Oorschot\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website\"},\"datePublished\":\"1961-12-31T23:00:42+00:00\",\"dateModified\":\"2021-06-04T11:05:06+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"en-US\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"DBNL\",\"item\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"Mrs. Robinson door H.J. Friedericy\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website\",\"url\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/\",\"name\":\"Uitgeverij Van Oorschot\",\"description\":\"\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"en-US\"}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"Mrs. Robinson  door H.J. Friedericy &#183; Uitgeverij Van Oorschot","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/","og_locale":"en_US","og_type":"article","og_title":"Mrs. Robinson  door H.J. Friedericy &#183; Uitgeverij Van Oorschot","og_description":"[p. 220] Mrs. Robinson door H.J. Friedericy Het schip was na enige moeite weer overeind gekomen en wij hadden onze glazen gered. Terwijl Barbare Hinrichs, vermoedelijk aan de orkaan denkend, met beide handen voorzichtig controleerde of haar grijze krullen wel goed zaten, zei ze: \u2018Ik zal blij zijn als wij overmorgenochtend veilig en wel in... Lees verder","og_url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/","og_site_name":"Uitgeverij Van Oorschot","article_modified_time":"2021-06-04T11:05:06+00:00","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Est. reading time":"29 minutes"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/","url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/","name":"Mrs. Robinson door H.J. Friedericy &#183; Uitgeverij Van Oorschot","isPartOf":{"@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website"},"datePublished":"1961-12-31T23:00:42+00:00","dateModified":"2021-06-04T11:05:06+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/#breadcrumb"},"inLanguage":"en-US","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/mrs-robinsondoor-h-j-friedericy\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"DBNL","item":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"Mrs. Robinson door H.J. Friedericy"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website","url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/","name":"Uitgeverij Van Oorschot","description":"","potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"en-US"}]}},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/dbnl\/298887","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/dbnl"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/dbnl"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=298887"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=298887"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}