{"id":300425,"date":"1973-01-01T00:00:43","date_gmt":"1972-12-31T23:00:43","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/"},"modified":"2021-06-04T13:49:54","modified_gmt":"2021-06-04T12:49:54","slug":"bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek","status":"publish","type":"dbnl","link":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/","title":{"rendered":"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen?\r\n\r\nTon Anbeek"},"content":{"rendered":"<div class=\"wp-block-columns alignwide is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-9d6595d7 wp-block-columns-is-layout-flex\"><div class=\"wp-block-column dbnl-links is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:66.66%\">\r\n\r\n <interp type=\"primair\" value=\"anbe001\"><\/interp><div class=\"pb\">[p. 297]<\/div>\r\n<a name=\"39\"><\/a>\r\n<h3>Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen?\r\n<br><i>Ton Anbeek<\/i>\r\n<\/h3>\r\n\r\n<p>In 1972 werden enkele nieuwe romans op de markt gebracht<a href=\"#138\" name=\"138T\"><span class=\"notenr\">1.<\/span><\/a>. Er is natuurlijk niemand in Nederland die al die boeken gelezen heeft. Toch heeft binnen deze massale hoeveelheid een schifting plaats gehad: vele werden \u2018onbelangrijk\u2019 geacht en maar enkele waardevol. Die laatste boeken worden mogelijk over korte of lange tijd geregistreerd in de literatuurgeschiedenissen als d\u00e9 belangrijkste boeken van 1972, of zelfs: d\u00e9 boeken van 1972; de rest verdwijnt in de vergetelheid. Hoe dit selectieproces precies in zijn werk gaat, is nooit uitputtend onderzocht. Dat het recensiewezen er iets mee te maken heeft, ligt voor de hand. Maar de eerste schifting heeft al v\u00f3\u00f3r enige recensie plaats: sommige boeken worden eenvoudig nooit besproken. Daarom is het ook moeilijk veel te zeggen over de criteria op grond waarvan die teksten te licht bevonden werden: de argumenten staan nergens op papier. Alhoewel kranterecensies dus maar een onderdeel te zien geven van het hele beoordelingsmechanisme, zal ik het toch, noodgedwongen, alleen over dat (zichtbare) deel hebben.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De recensent geeft zijn oordeel over een boek en bepaalt daarmee wat toppers zijn en wat niet. Hij is een opinievormer, een smaakmaker. Er is dus alle reden zijn criteria wat nader te bekijken, vooral omdat allerlei weldenkende mensen geen goed woord over hebben voor het recensiebedrijf. Zo zegt Rudy Kousbroek dat literaire kritiek \u2018eigenlijk niets anders (is) dan stemming maken voor of tegen iets, zonder het minste bewijs\u2019, en Hugo Brandt Corstius stelt dat de conclusies van de literaire kritiek \u2018altijd volstrekt oncontroleerbaar zijn en dikwijls bij goed nadenken volkomen zinledig\u2019<a href=\"#139\" name=\"139T\"><span class=\"notenr\">2.<\/span><\/a>. Ik wil in dit artikel nagaan of deze beweringen\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 298]<\/div><p>waar zijn; ik doe dat door middel van een onderzoek van de kritieken op een boek dat een goede kans maakt 1972 te overleven: Mensje van Keulens <i>Bleekers zomer.<\/i> Dit boek heb ik onder meer gekozen (a) omdat het in vrijwel alle kranten besproken is, en (b) omdat het een \u2018makkelijk\u2019 boek is, zodat ik geen commentaar hoef te geven op allerlei ingewikkelde interpretatieproblemen.<\/p>\r\n\r\n<h4>De woordrake sfeer van de klein-burger<\/h4>\r\n\r\n<p>Hoewel <i>Bleekers zomer<\/i> bijna unaniem door de pers geprezen werd, is het merkwaardig hoe ongearticuleerd die aanbevelingen soms zijn. \u2018Dit is het\u2019 (Poll), \u2018\u201cBleekers zomer\u201d is een goed boek\u2019 (Luijters), \u2018Nee, Mensje van Keulen heeft het gewoon\u2019 (Paardenkooper). Een paar pluspunten worden wel in bijna elke bespreking omschreven. Het gegeven is simpel, zegt menig recensent, \u2018het verhaal moet zijn \u201cplots\u201d van de taal krijgen\u2019 (Fens). Welnu, over dit taalgebruik hoort men niets dan lof, zoals een kleine bloemlezing laat zien: \u2018Ze schrijft in een sublieme, sobere stijl, haar dialogen zijn zo \u201cuit het leven gegrepen\u201d en neergezet, kortom het verhaal is helemaal in de juiste taal geschreven\u2019 (Eva Hoornik, <i>Avenue<\/i>); \u2018zonder \u00e9\u00e9n kryptische of uit de toon vallende zin\u2019 en: \u2018zelfverzekerd, economisch gebruik van taalmiddelen\u2019 (Poll);<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018scherpe beschrijvingen\u2019 (Luijters);<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018zo simpel, zo dicht bij de spreektaal\u2019 (Schippers);<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018zo natuurlijk lijkend beeldend taalvermogen\u2019 (Paardenkoper);<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018knap van \u201cBleekers zomer\u201d is de taal\u2019 (Van Deel);<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018doelbewust geschreven in een eenvoudig, maar substantieel proza\u2019 (Peeters);<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">zelfs de censor van De Groene kan nog enige waardering opbrengen voor \u2018de zakelijkheid van toon. In dat opzicht beheerst Mensje van Keulen haar middelen (&#8230;)\u2019 (Vogelaar).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De hier geroemde kwaliteit wordt meestal \u2018stijl\u2019 genoemd. Dat is een uiterst moeilijk definieerbaar begrip. Er zijn zelfs literatuurtheoretici die beweren dat iets als \u2018stijl\u2019 helemaal niet bestaat, althans niet empirisch aantoonbaar is<a href=\"#140\" name=\"140T\"><span class=\"notenr\">3.<\/span><\/a>. Je zou er natuurlijk op kunnen wijzen dat er in <i>Bleekers zomer<\/i> geen duistere zinnen voorkomen, barokke beeldspraak bijv. ontbreekt; Mensje gebruikt\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 299]<\/div><p>\u2018gewone woorden, rechtstreekse zinnen, trefzekere beelden\u2019 (Dubois).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zelf zegt ze daarover: \u2018Lezers van mijn werk hebben van mij geen toelichting nodig; ik schrijf heel duidelijk en makkelijk begrijpbaar. Er zijn ook schrijvers die zo moeilijk zijn, dat je er, als lezer, de ballen van begrijpt. (&#8230;) ik niet, ik gebruik geen wartaal, in mijn werk, omdat ik zoiets heel slecht vind hoor\u2019 (interview met Ben Bos).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Nu is die onmiddellijke begrijpelijkheid, gewoonheid van taal, op zichzelf geen doorslaggevend criterium voor \u2018goede stijl\u2019. In dit verband is een controverse tussen twee Nederlandse schrijvers heel illustratief. Mulisch vertelt tegen Bibeb over Hermans: \u2018Toen ik 10 jaar geleden bij hem was, kwam hij met het \u201cStenen Bruidsbed\u201d, overdekt met strepen en lijnen. Na wat bladeren las hij op verwijtende toon: de zon lag op het tafellaken. En vroeg: \u201cVerbrandde het tafellaken dan niet?\u201d\u2019 Mulisch geeft zelf een verklaring van die bewuste zin uit <i>Het stenen bruidsbed<\/i>: \u2018Daarbij, de zon&#8230; Er lag een brief van het congres op het tafellaken, die zon is de brand van Dresden\u2019<a href=\"#141\" name=\"141T\"><span class=\"notenr\">4.<\/span><\/a>. Deze opmerking verheldert het voorkomen van zinnen als \u2018De zon lag op het tafellaken\u2019 bij Mulisch; zijn taalgebruik is zeker niet \u2018gewoon\u2019, alledaags, evenmin als het taalgebruik van Claus in <i>De verwondering<\/i>, van schrijvers als G\u00fcnther Grass en John Updike: toch allemaal auteurs van wie de \u2018stijl\u2019 vaak wordt geprezen.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Wat zijn nu precies Mensjes \u2018scherpe beschrijvingen\u2019? Andere recensenten spreken van \u2018scherpe observaties\u2019 (Paardenkooper) en over een \u2018nauwkeurige, onsentimentele en ontriviale manier van waarnemen\u2019 (Poll). Het taalgebruik wordt dus verbonden met de waarneming: W. de Moor heeft het over \u2018de kwaliteit van de observatie\u2019, Sitniakowsky zegt \u2018het verhaal is bijna geheel uit waarnemingen opgebouwd\u2019 en Komrij: \u2018Mensje van Keulen kan schrijven, omdat zij schrijft wat zij ziet of wat er is\u2019. Het criterium voor goed schrijven wordt dan: goed <i>be<\/i>schrijven wat er is, een \u2018scherpe\u2019 weergave van de werkelijkheid. Het bewijs voor de bewering \u2018dit is goed geschreven\u2019 kan daarmee alleen maar gezocht worden in \u2018de werkelijkheid\u2019, d.w.z. ons (ieders) idee over hoe die werkelijkheid eruit ziet.<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 300]<\/div>\r\n<p>Daaruit volgt natuurlijk onmiddellijk dat het oordeel van elke recensent zal verschillen naar mate wat Mensje van Keulen (be) schrijft, afwijkt van zijn eigen beeld van die werkelijkheid. Voor Luijters doet het kantoorwerk van Bleeker \u2018enigszins verzonnen aan\u2019, op andere momenten doet Bleeker \u2018volkomen authentiek aan\u2019. Fens looft een bepaalde passage om \u2018de raakheid van details in de beschrijvingen\u2019, met name de beschrijving van een rommeltafeltje. Het lijkt mij duidelijk dat men een dergelijke beschrijving alleen goed kan vinden als men het beschreven milieu kent en weet dat daarin ook werkelijk zulke tafeltjes worden aangetroffen. Hetzelfde geldt voor de bewering \u2018<i>Bleekers zomer<\/i> zit vol rake typeringen\u2019 (Graftdijk), ook dat kan je alleen zeggen als je vindt dat zulke types ook echt voorkomen en dat Mensje ze goed \u2018getroffen\u2019 heeft.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Hoe zou men een dergelijke bewering, die op ervaring berust, moeten bewijzen? Daarvoor zou een gigantisch sociologisch onderzoek noodzakelijk zijn. Dat soort opmerkingen zijn in principe niet oncontroleerbaar; alleen zal geen lezer het in zijn hoofd halen ze anders te toetsen dan met een beroep op eigen ervaring.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De vraag naar de stijl blijkt dus ten dele herleidbaar tot de vraag: in hoeverre komt het beschreven milieu (de beschreven wereld) overeen met ons beeld van die wereld. Zo iets zal Ben Bos misschien wel bedoelen, als hij het heeft over \u2018de woordrake sfeer van de klein-burger\u2019.<\/p>\r\n\r\n\r\n<h4>Kleinburger of Elckerlijc?<\/h4>\r\n\r\n<p>Een tweede waarderingscriterium (naast het taalgebruik) dat door velen wordt gebruikt is de mogelijkheid tot identificatie. Dat kan zowel positief als negatief uitvallen: \u2018Volgens mij heeft de mate van waardering van Mensjes boek te maken met de mate waarin je je identificeert met de hoofdpersoon Bleeker. Nou zei Bleeker mij geen ene malle moer (&#8230;)\u2019 (Eva Hoornik, <i>Avenue<\/i>). Daarmee komt overeen: \u2018Ik (&#8230;) raakte tijdens het lezen nauwelijks betrokken bij de lotgevallen van de bleke figuren\u2019 (W. de Moor). Met die mogelijkheid tot identificatie hangt samen de vraag: in hoeverre is Bleekers problematiek universeel? Fens heeft het over \u2018de afwezigheid van representativiteit bij de hoofdfiguren\u2019 maar Van Deel\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 301]<\/div><p>zegt: \u2018Bleeker is onze representant, zijn tragiek krijgt universele proporties\u2019. Die laatste mening deelt hij met Walrecht (\u2018de geschiedenis is zo gewoon dat iedere kritische lezer er iets van zichzelf in herkent\u2019), Paardenkooper, Komrij (\u2018Bleeker is zo&#8217;n beetje zoals u en ik\u2019) en Warren: \u2018Bleeker is tevens toch ook een soort \u201ceveryman\u201d waarin de lezer zichzelf enigszins kan herkennen\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Wat <i>is<\/i> Bleeker nu: een soort everyman, of een \u2018gewone, zelfs banale man\u2019 (Ab Visser), \u2018geen \u201cinteressante\u201d figuur\u2019 (Peeters)? Het is duidelijk dat het antwoord op deze vraag meer over de recensent zelf zegt dan over Bleeker: de kwalificaties slaan op de beschrijver terug. Wanneer hij beweert dat we allemaal een beetje Bleeker zijn, dan zit daar een bepaald idee achter over hoe we \u2018allemaal\u2019 in elkaar zitten. Sommige critici herkennen hun eigen problematiek, voor anderen is Bleeker niet meer dan een \u2018clown\u2019 (Schippers) of gewoon een \u2018lullige man\u2019 (Fens). Hier is geen objectief oordeel mogelijk.<\/p>\r\n\r\n\r\n<h4>Roman en werkelijkheid<\/h4>\r\n\r\n<p>Nog maar kort geleden werd in de literatuurwetenschap met veel verbaal geweld de these verdedigd dat een roman zijn \u2018eigen werkelijkheid\u2019 is, de zgn. autonomie-these. Echo&#8217;s daarvan vindt men soms in recensies terug. Zo las ik onlangs in een boekbespreking: \u2018De grenzen van Forsyths prestatie zijn duidelijk: hij schrijft geen verbeeldingsliteratuur, waarin een nieuwe werkelijkheid wordt gecre\u00eberd\u2019<a href=\"#142\" name=\"142T\"><span class=\"notenr\">5.<\/span><\/a>.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Poll heeft het in zijn recensie van <i>Bleekers zomer<\/i> over een \u2018schrijver, die tussen zichzelf en de lezer een volwaardige verzonnen leefwereld wil oproepen\u2019; hij vervolgt: \u2018Dat is in <i>Bleekers zomer<\/i> gelukt\u2019. Het merkwaardige is dat dezelfde Poll die over deze volwaardige verzonnen leefwereld schrijft, aan het eind van zijn kritiek spreekt over \u2018de ware Willem Bleekers\u2019, d.w.z. de echte, niet fictieve Bleekers! In de schijnbare tegenspraak tussen deze twee citaten zit de hele problematiek van de verhouding tussen roman en werkelijkheid vervat, waarop ik nu kort in wil gaan.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De autonomie-these heeft altijd veel weerstand opgeroepen. En dat is begrijpelijk, als men de conclusies uit bovenstaand onderzoek\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 302]<\/div><p>trekt: \u2018de\u2019 werkelijkheid blijkt namelijk bij alle oordelen steeds op de achtergrond mee te spelen. De oordelen en recensies berusten op de idee\u00ebn van de boekbeoordelaar over hoe de wereld\/ de mens in elkaar zit. Niets meer en niets minder. De criticus herkent een milieu of type in de beschrijving en noemt dat milieu of type dan goed getroffen en de beschrijving \u2018scherp\u2019 enz.; hij herkent in Bleeker zichzelf en verklaart dan dat het boek eigenlijk over iedereen gaat. Dit soort oordelen zijn per definitie niet controleerbaar; ze zijn vaak in zulke vage en algemene termen vervat dat ze zich aan elke empirische toetsing onttrekken. Niemand zal het ook in zijn hoofd halen om ze te toetsen.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Een wetenschappelijke studie over \u2018de\u2019 Nederlandse kleinburger (wat dat dan ook moge zijn) zou men kunnen controleren door na te gaan welke definitie de schrijver aan het begrip \u2018kleinburger\u2019 gegeven heeft, of uit het statistisch materiaal terecht bepaalde generalisaties zijn afgeleid, enz., kortom: of is voldaan aan de eisen die de methodologie van de sociale wetenschappen aan dit soort onderzoek stelt. Maar een roman is geen wetenschappelijke studie al hebben wetenschap en literatuur waarschijnlijk gemeen dat ze beide proberen inzicht in de werkelijkheid te geven<a href=\"#143\" name=\"143T\"><span class=\"notenr\">6.<\/span><\/a>. Peeters merkt in zijn recensie op: \u2018(&#8230;) Bleeker is door Mensje van Keulen tot een herkenbaar type gemaakt, iemand waarvan het beeld bijblijft. Sociologen zouden gemakkelijk een omschrijving van het type kunnen geven in \u00e9\u00e9n zin, maar om te weten wat het inhoudt moet men deze roman lezen\u2019. Deze zin is opmerkelijk omdat hij een soort taakverdeling geeft tussen wetenschap en literatuur: beide proberen vat te krijgen op de werkelijkheid maar literatuur doet dat als het ware \u2018van binnen uit\u2019. Dit idee wordt precies zo naar voren gebracht door John Updike, in een interview met Jan Donkers: \u2018Er zijn al voldoende capabele mensen, journalisten, sociologen die over abstracties en sociale realiteiten schrijven en alleen schrijvers blijven over om te proberen het leven te portretteren zoals het geleefd wordt\u2019<a href=\"#144\" name=\"144T\"><span class=\"notenr\">7.<\/span><\/a>.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Het feit dat in een roman of verhaal het leven gepresenteerd wordt \u2018zoals het geleefd wordt\u2019, heeft tot gevolg dat het geven van oordelen over boeken gebeurt op grond van allerlei (niet bewijsbare) noties over \u2018het\u2019 leven.<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 303]<\/div>\r\n<p>Het enige bewijs dat de criticus voor die noties kan geven, is dat hij het zo nu eenmaal ervaart of ziet. Dat is juist het verschil met een wetenschappelijke studie die eenvoudig op grond van methodologische criteria beoordeeld kan worden. De oordelen van een recensent zijn niet controleerbaar, het gaat niet om uitspraken die waar of onwaar zijn (afgezien van de waardeoordelenkwestie: het is zelfs zeer de vraag of het in het algemeen mogelijk is veel waar of onware uitspraken te doen over een literaire tekst<a href=\"#145\" name=\"145T\"><span class=\"notenr\">8.<\/span><\/a>).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Hugo Brandt Corstius en Kousbroek hebben gelijk: het gaat in recensies om oordelen die oncontroleerbaar zijn, d.w.z. waarvoor geen bewijs te leveren is. De eis van controleerbaarheid is niet toepasbaar in de literaire kritiek als het om evaluaties gaat. Ik wil dit nog eens met \u00e9\u00e9n voorbeeld verduidelijken. Een recensie van het boek van Updike, <i>Rabbit Redux<\/i>, eindigt met de volgende alinea: \u2018Maar de roman blijft toch een zeer boeiende ondervraging van onze tijd door middel van de intuitief geschouwde en nooit geheel doorziene menselijke gestalte van Rabbit Harry Angstrom, die in zijn machteloosheid sterker is dan zijn succesvolle omgeving\u2019<a href=\"#146\" name=\"146T\"><span class=\"notenr\">9.<\/span><\/a>. Aan deze bewering gaat een aantal oordelen vooraf:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(a) de hoofdfiguur van het boek <i>Rabbit Redux<\/i> is machteloos, zijn omgeving is succesvol, maar hij is toch sterker: d.w.z. een aantal oordelen over de hoofdfiguur en zijn omgeving;<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(b) de hoofdfiguur wordt \u2018intuitief\u2019 geschouwd en nooit geheel doorzien, d.w.z. een oordeel over de (on)kenbaarheid van Harry Angstrom;<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(c) de roman is een ondervraging van onze tijd: dit betekent dat de recensent idee\u00ebn heeft over wat (de problemen van) onze tijd is (zijn), en dat die problemen zijn terug te vinden (ondervraagd worden?) in <i>Rabbit Redux<\/i>;<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(d) deze ondervraging is boeiend: d.w.z. het boek heeft mij geboeid (juist vanwege (a), (b) en (c)?).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Is de bovengeciteerde alinea nu \u2018bij goed nadenken volkomen zinledig\u2019 om met Hugo Brandt Corstius te spreken? Dat hoeft niet het geval te zijn, als men zich ten minste iets kan voorstellen bij \u2018onze tijd\u2019. Ik moet toegeven dat ik enige moeite heb met de \u2018ondervraging\u2019 van onze tijd, maar volstrekt onbegrijpelijk is de zin toch niet. Is de alinea waar of onwaar? De waarheid van sommige oordelen\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 304]<\/div><p>is misschien te beslissen, d.w.z. daar kan men het makkelijk over eens worden. Dat geldt met name voor (a): aan de hand van citaten is misschien aan te tonen dat Harry Angstrom machteloos is, zijn omgeving succesvol enz. (maar wat is machteloos, wat heet succesvol?). Het meest subjectief is natuurlijk het oordeel over wat \u2018onze tijd\u2019 is.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De alinea bestaat uit een aantal oordelen; er worden geen bewijzen geleverd, maar hoe zouden die bewijzen eruit moeten zien? Men zou moeten beginnen met een reeks stipulatieve definities in de geest van \u2018ik noem iemand succesvol als aan die-en-die voorwaarden is voldaan\u2019 en eindigen met een uiteenzetting over wat het meest \u2018wezenlijke\u2019 van onze tijd is. Dat kan natuurlijk niemand van een dagbladschrijver eisen. De literaire kritiek bestaat uit door en door subjectieve oordelen, maar dat is <i>onvermijdelijk.<\/i> Dat hangt, zoals ik heb proberen aan te tonen, samen met de aard van het object.<\/p>\r\n\r\n\r\n<h4>Moeten we de literaire kritiek maar afschaffen?<\/h4>\r\n\r\n<p>Uit het feit dat het geven van literaire oordelen een oncontroleerbare bezigheid is, hoeft niet te worden afgeleid dat we daarom het hele bedrijf maar moeten opdoeken. Er zou dan geen enkele begeleiding meer bij het kopen van een roman bestaan, met als gevolg dat iedere lezer volstrekt willekeurig zou moeten kiezen uit de stroom boeken die elk jaar verschijnt. Dat een recensent altijd met subjectieve oordelen werkt is niet erg, het gaat er maar om dat de lezer erachter komt welke boekbeoordelaar het meest zijn eigen voorkeur deelt. En dat ontdekt hij vrij snel: vindt de lezer een door de recensent aangeraden meesterwerk een vervelend rotboek, dan zal hij niet verder op diens oordeel afgaan. Bovendien kan de lezer soms de evaluatie in de krant wat bijsturen: hij kan er bijv. achter komen dat filmrecensent Bertina wat al te veel houdt van films waarin flink gefilosofeerd wordt over het leven (\u2018onze tijd\u2019) en dat je dus uit moet kijken als een film vooral om zijn diepzinnigheid geprezen wordt. Zo is het bekend dat Fens niet houdt van boeken waar de erotiek met vreugde in beleden wordt. Verder zijn er beoordelaars die hun voorkeur expliciet kenbaar maken. Zo geeft Graftdijk toe dat hij niet veel opheeft met boeken zonder \u2018abstrahe-<\/p><div class=\"pb\">[p. 305]<\/div><p>ringen, reflexieve onderwerpen of bedenkingen\u2019 en Vogelaar haalt zijn neus op voor alles wat maar naar de Hollandse binnenkamer ruikt: hij houdt meer van teksten waarin mondiale problemen behandeld worden<a href=\"#147\" name=\"147T\"><span class=\"notenr\">10.<\/span><\/a>.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In het algemeen kan men aan kritieken natuurlijk de journalistieke eis stellen dat ze zo helder mogelijk geschreven zijn, zoveel mogelijk begrippen als \u2018onze tijd\u2019 vermijden, e.d.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ten slotte: dit betoog over de literaire kritiek waarin ik heb proberen te bewijzen dat die kritiek berust op niet toetsbaar oordelen, lijkt misschien sterk relativerend. Zeker voor mensen die geloven dat er in een kunstwerk \u2018absolute waarden\u2019 verborgen liggen. Maar als er iets te leren valt van de literatuurgeschiedenis, dan is het wel dat zulke eeuwige waarden een fictie zijn.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>\r\n<span class=\"small-caps\">gebruikte recensies<\/span>: B. Bos in <i>De nieuwe linie<\/i> 25-10-1972 (interview), T. van Deel in <i>Trouw<\/i> 7-10-&#8217;72, P.H. Dubois in <i>Het Vaderland<\/i> 9-12-&#8217;72, K. Fens in <i>De Volkskrant<\/i> 2-9-&#8217;72, T. Graftdijk in <i>Soma<\/i> 27, E. Hoornik in <i>Avenue<\/i> dec. &#8217;72, idem in <i>Algemeen Dagblad<\/i> 19-9-&#8217;72, G. Komrij in <i>Vrij Nederland<\/i> 30-9-&#8217;72, G. Luijters in <i>Het Parool<\/i> 12-8-&#8217;72, (W. de Moor) in <i>De Tijd<\/i> 16-9-&#8217;72, J. Paardenkooper in <i>Haarlems Dagblad<\/i> 14-10-&#8217;72, C. Peeters in <i>Elsevier<\/i> 9-9-&#8217;72, K.L. Poll in <i>N.R.C.-Handelsblad<\/i> 11-8-&#8217;72, K. Schippers in <i>Haagse Post<\/i> 23-8-&#8217;72, I. Sitniakowsky in <i>De Telegraaf<\/i> 29-7-&#8217;72, A. Visser in <i>Leeuwarder Courant<\/i> 28-10-&#8217;72, J.F. Vogelaar in <i>De groene Amsterdammer<\/i> 24-1-&#8217;73, A. Walrecht in <i>Prisma-lectuurvoorziening<\/i> (nov. &#8217;72) en H. Warren in <i>Provinciale Zeeuwse Courant<\/i> 19-8-&#8217;72.<\/p>\r\n\r\n<\/div><div class=\"wp-block-column dbnl-rechts is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:33.33%\"><div id=\"noten-apparaat\"><div class=\"interp\">\n<h3>Over dit hoofdstuk\/artikel<\/h3>\n<p><label>auteurs<\/label><\/p>\n<p> <a href=\"https:\/\/www.dbnl.org\/auteurs\/auteur.php?id=anbe001\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">Ton Anbeek<\/a><\/p>\n<br>\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-138\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#138T\" name=\"138\"><span class=\"notenr\">1.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Het preciese cijfer kan ik niet geven; in het <i>Nieuwsblad van de boekhandel<\/i> 8 februari 1973, tussen blz. 240-1 wordt vermeld dat in 1972 589 Nederlandse romans en novellen werden gepubliceerd, maar daarbij zijn ??k de herdrukken meegerekend.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-139\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#139T\" name=\"139\"><span class=\"notenr\">2.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>R. Kousbroek, <i>Anathema&#8217;s<\/i> 1 (Asd, 1969), blz. 152; H. Brandt Cortius, ?Woord vooraf?, in W. Martin, <i>Analyse van een vocabularium met behulp van een computer<\/i> (Brussel. 1970), blz. 9.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-140\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#140T\" name=\"140\"><span class=\"notenr\">3.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>B. Gray, <i>Style, the problem and its solution.<\/i> The Hague etc. 1969.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-141\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#141T\" name=\"141\"><span class=\"notenr\">4.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Interview met Bibeb, in <i>Vrij Nederland<\/i> van 9-10-1971.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-142\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#142T\" name=\"142\"><span class=\"notenr\">5.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Drs. J. Kuin in <i>De Volkskrant<\/i> van 14-11-1972, boekenbijvoegsel, blz. 13.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-143\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#143T\" name=\"143\"><span class=\"notenr\">6.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Vergl. voor die relatie: Jurij M. Lotman, <i>Vorlesungen zu einer struktur?len Poetik<\/i> (M?nchen 1972), hfst. 1; verder voor de kwestie roman-werkelijkheid: E. Ternoo, ?Roman en werkelijkheid? in <i>Forum der Letteren<\/i> 2 (1961), blz. 141-160.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-144\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#144T\" name=\"144\"><span class=\"notenr\">7.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>\r\n<i>Haagse Post<\/i> jrg. 59, no. 52 (20 dec. 1972-3 jan. 1973), blz. 66.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-145\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#145T\" name=\"145\"><span class=\"notenr\">8.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Daarover bestaat de uitstekende studie van M. Weitz, <i>Hamlet and the philosophy of literary criticism<\/i> (Cleveland 1966, Meridian Books). Volgens Weitz zijn alleen descriptieve uitspraken waar\/onwaar. Maar de criteria die hij daarvoor geeft (?textual data?, ?everyday criteria?) zijn uiterst dubieus.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-146\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#146T\" name=\"146\"><span class=\"notenr\">9.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Drs. J. Kuin in <i>De Volkskrant<\/i> van 4 november 1972.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><div class=\"notes-container\" id=\"noot-147\">\r\n<div class=\"note\">\r\n<dl>\n<dt>\r\n<a href=\"#147T\" name=\"147\"><span class=\"notenr\">10.<\/span><\/a>\r\n<\/dt>\r\n<dd>Zie vooral zijn kritiek op Luijters in <i>De groene Amsterdammer<\/i>, 31 januari 1973.<\/dd>\r\n<\/dl>\n<\/div>\r\n<\/div><\/div><\/div><\/div>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>[p. 297] Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek In 1972 werden enkele nieuwe romans op de markt gebracht1.. Er is natuurlijk niemand in Nederland die al die boeken gelezen heeft. Toch heeft binnen deze massale hoeveelheid een schifting plaats gehad: vele werden \u2018onbelangrijk\u2019 geacht en maar enkele waardevol. Die laatste boeken worden mogelijk&#8230; <a class=\"more-link\" href=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/\">Lees verder <span class=\"read-more-arrow\"><\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","class_list":["post-300425","dbnl","type-dbnl","status-publish","hentry"],"acf":[],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v26.4 - https:\/\/yoast.com\/wordpress\/plugins\/seo\/ -->\n<title>Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen?  Ton Anbeek &#183; Uitgeverij Van Oorschot<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"en_US\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen?  Ton Anbeek &#183; Uitgeverij Van Oorschot\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"[p. 297] Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek In 1972 werden enkele nieuwe romans op de markt gebracht1.. Er is natuurlijk niemand in Nederland die al die boeken gelezen heeft. Toch heeft binnen deze massale hoeveelheid een schifting plaats gehad: vele werden \u2018onbelangrijk\u2019 geacht en maar enkele waardevol. Die laatste boeken worden mogelijk... Lees verder\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Uitgeverij Van Oorschot\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2021-06-04T12:49:54+00:00\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Est. reading time\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"16 minutes\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\/\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/\",\"url\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/\",\"name\":\"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek &#183; Uitgeverij Van Oorschot\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website\"},\"datePublished\":\"1972-12-31T23:00:43+00:00\",\"dateModified\":\"2021-06-04T12:49:54+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"en-US\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"DBNL\",\"item\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website\",\"url\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/\",\"name\":\"Uitgeverij Van Oorschot\",\"description\":\"\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"en-US\"}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen?  Ton Anbeek &#183; Uitgeverij Van Oorschot","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/","og_locale":"en_US","og_type":"article","og_title":"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen?  Ton Anbeek &#183; Uitgeverij Van Oorschot","og_description":"[p. 297] Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek In 1972 werden enkele nieuwe romans op de markt gebracht1.. Er is natuurlijk niemand in Nederland die al die boeken gelezen heeft. Toch heeft binnen deze massale hoeveelheid een schifting plaats gehad: vele werden \u2018onbelangrijk\u2019 geacht en maar enkele waardevol. Die laatste boeken worden mogelijk... Lees verder","og_url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/","og_site_name":"Uitgeverij Van Oorschot","article_modified_time":"2021-06-04T12:49:54+00:00","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Est. reading time":"16 minutes"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/","url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/","name":"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek &#183; Uitgeverij Van Oorschot","isPartOf":{"@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website"},"datePublished":"1972-12-31T23:00:43+00:00","dateModified":"2021-06-04T12:49:54+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/#breadcrumb"},"inLanguage":"en-US","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/bestaan-recensies-uit-oncontroleerbare-zinledige-beweringenton-anbeek\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"DBNL","item":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"Bestaan recensies uit oncontroleerbare, zinledige beweringen? Ton Anbeek"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website","url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/","name":"Uitgeverij Van Oorschot","description":"","potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"en-US"}]}},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/dbnl\/300425","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/dbnl"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/dbnl"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=300425"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=300425"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}