{"id":301362,"date":"1983-01-01T00:00:29","date_gmt":"1982-12-31T23:00:29","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/"},"modified":"2021-06-04T15:05:28","modified_gmt":"2021-06-04T14:05:28","slug":"jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971","status":"publish","type":"dbnl","link":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/","title":{"rendered":"Jeroen Brouwers\r\n\r\nJan Emmens (1924-1971)"},"content":{"rendered":"<div class=\"wp-block-columns alignwide is-layout-flex wp-container-core-columns-is-layout-9d6595d7 wp-block-columns-is-layout-flex\"><div class=\"wp-block-column dbnl-links is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:66.66%\">\r\n\r\n <interp type=\"primair\" value=\"brou033\"><\/interp><interp type=\"secundair\" value=\"emme001\"><\/interp><div class=\"pb\">[p. 266]<\/div>\r\n<a name=\"26\"><\/a>\r\n<h3>\r\n<i>Jeroen Brouwers<\/i>\r\n\r\n<br>\r\nJan Emmens (1924-1971)<\/h3>\r\n\r\n<p>In zijn recensie van de <i>Verzamelde gedichten en aforismen<\/i> (1980) van Jan Emmens maakt Willem Jan Otten (<i>Vrij Nederland<\/i>, 31.1.1981) de opmerking dat het \u2018verdienstelijk\u2019 zou zijn om een artikel te schrijven waarin de zelfmoord van Emmens gezien wordt in het licht van diens po\u00ebzie, en andersom.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Deze verdienste zal mij niet kunnen worden aangerekend: ik acht mij op het terrein der po\u00ebzie een onbevoegde, op zijn hoogst ben ik er een zeer ge\u00efnteresseerde toerist. Wat in het bijzonder de po\u00ebzie van Jan Emmens betreft: &#8211; niet, dat ik die niet \u2018begrijp\u2019, maar wel dat zij \u2018gesloten\u2019 voor mij blijft. Steeds als ik die po\u00ebzie lees, meen ik haar anders te begrijpen dan de voorgaande keer dat ik haar las. Dit maakt voor mij die po\u00ebzie eeuwigdurend raadselachtig en intrigerend, zoals de kosmos, maar \u2018er in doordringen\u2019 kan ik niet.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Van \u2018Een gedicht van Eugenio Montale\u2019 in Emmens&#8217; bundel <i>Een hond van Pavlov<\/i> luidt de laatste strofe aldus:<\/p>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Vraag niet om de spreuk die werelden opent<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>maar om een lettergreep, knoestig en droog als een tak.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Slechts dit kunnen wij je zeggen vandaag:<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>dat wat wij niet zijn, dat wat wij niet willen.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>Wat was Emmens (niet); wat wilde Emmens (niet)?<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zeer verhelderend over Emmens persoonlijk heeft H. van Galen Last geschreven in een stuk, dat heet: \u2018Een leek tegenover de autoriteit\u2019. Emmens wilde zo min mogelijk te maken hebben met alles wat doorging voor \u2018autoriteit\u2019. Van Galen Last citeert Emmens&#8217; <i>Autobiografisch woordenboek<\/i>: \u2018Men krijgt het gevoel een leek te zijn wanneer men weigert zich met\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 267]<\/div><p>zijn vader, met de autoriteit, te identificeren.\u2019 Leek zijn, niet-specialist, aldus Van Galen Last, was voor Emmens een eretitel, \u2018zoals het dat geweest was voor zijn voorgangers, de Franse moralisten\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(Waarom, eigenlijk, verwijst Van Galen Last hier uitsluitend naar de Franse moralisten? Emmens, die de mede-oprichter van <i>Tirade<\/i> is geweest, welk tijdschrift is voortgekomen uit <i>Libertinage<\/i>, dat weer is voortgekomen uit <i>Forum<\/i>, was veel rechtstreekser een nakomeling van Ter Braak en Du Perron: &#8211; ook deze beiden hadden al \u2018niet-specialist\u2019 willen zijn, ook deze beiden hadden zich al tegen \u2018de autoriteit\u2019 in al zijn vormen en gestalten verzet.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Was het Emmens enerzijds een eer om leek en niet-specialist te zijn, anderzijds was het (Van Galen Last:) \u2018blijkbaar ook de oorzaak van zijn onlustgevoelens\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(Net als bij Du Perron: &#8211; al stelde deze zich op als leek en \u2018amateur\u2019, hij was toch bedroefd als \u2018de autoriteiten\u2019 hem op grond daarvan uitlachten en afwezen.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens had, schrijft Van Galen Last, \u2018grote behoefte tot bewondering\u2019 (behoefte om dingen te bewonderen, betekent dit; zodra hij zelf werd bewonderd werd hij schichtig).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(Ook in deze behoefte leek hij op Ter Braak en Du Perron: voor de een was Nietzsche een vriend, voor de ander was Multatuli de bewonderde afgod. Het talent tot bewonderen is altijd goed ontwikkeld bij buitengewoon kritische naturen, van wie men wel aanneemt dat zij, omdat zij zo kritisch zijn, alleen maar zouden kunnen veroordelen en kwetsen.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Van Galen Last:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018\u201cM\u00e9content de tous et m\u00e9content de moi\u201d, schreef Baudelaire en tot op grote hoogte, vooral voor wat de laatste woorden betreft, gold hetzelfde voor Emmens, al zou hij de eerste zijn geweest om te erkennen dat deze onvrede in de eerste plaats bij hem zelf gezocht diende te worden. Wie dat zijn kwaal wil noemen, moet het zelf maar weten. ()\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>Even \u2018ondoordringbaar\u2019 als Emmens&#8217; po\u00ebzie, was de structuur van zijn karakter.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Hij had, zo schreef hij \u00e9\u00e9n maand voor zijn dood in een brief aan zijn\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 268]<\/div><p>vriend Van Galen Last, een \u2018mortalistische ambitie\u2019: &#8211; hij bezocht klaarblijkelijk graag kerkhoven om daar te zoeken naar de graven van bewonderde schrijvers. Onderhavige brief handelt over zijn bezoek aan \u2018le cim\u00e9ti\u00e8re marin\u2019 in het Franse kustplaatsje S\u00e8te, waar Paul Val\u00e9ry ligt begraven.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Waarom bezocht hij dat kerkhof? Hij gaf zelf het antwoord:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Misschien: Val\u00e9ry als onbereikbaar model, als de man die ik had willen zijn?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens die \u2018iemand anders\u2019 wilde zijn, zij het natuurlijk wel iemand die hij onvoorwaardelijk bewonderde. Ontevreden met zichzelf, zichzelf in de weg zittend, zichzelf relativerend, zichzelf het liefst onzichtbaar makend.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Bij het ontwaken had hij de gedachte: \u2018hier ben ik nu, met mijn buik voor, mijn borst aan en mijn hoofd op\u2019 (<i>Alfabetisch<\/i>). In een van zijn gedichten staat: \u2018Later zul je vertrekken, later\/zet je weer een gezicht op.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Hij is het niet z\u00e8lf die hij \u2018ziet\u2019 als hij aan zichzelf denkt, hij ervaart zichzelf als een menselijk \u2018iets\u2019 dat slechts uit lichaamsdelen bestaat, welke hij beschrijft als waren het kledingstukken die men v\u00f3\u00f3r het naar bed gaan uittrekt en bij het wakker worden weer aantrekt: zijn buik doet hij voor als een schort, zijn borst trekt hij aan als een hemd, zijn hoofd zet hij op als een hoed, en uit gezichten kan hij blijkbaar kiezen: hij zet \u2018een\u2019 gezicht op, als een masker, alsof hij net zo goed een ander gezicht kon opzetten. \u2018(Ik) pas maskers die mij niet bevallen\u2019, schreef hij, en een van zijn nagelaten gedichten, waarbij ieder commentaar in de hier gegeven context overbodig is, luidt:<\/p>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Thuisgekomen nam ik mijzelf ter hand<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>vilde me, maakte mij schoon,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>sneed mij in stukken, bekeek en overwoog<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>welke te nemen, besliste niet<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>borg mij op in de ijskast en stelde vast<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>dat de voorraad nog groot was, hoewel<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>het mij aan variatie begon te ontbreken.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>Een van zijn dagboeknotities in <i>Aforismen<\/i> luidt: \u2018Wakker geworden met bewustzijn dat ik uitsluitend uit vlees en gebroken ribben bestond.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ook hier lijkt hij het niet te hebben over zichzelf of dan toch over zijn\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 269]<\/div><p>eigen lichaam, &#8211; hij heeft het onpersoonlijk over \u2018vlees\u2019, dat bovendien een vormeloze aanblik moet bieden want de ribben die het moeten dragen zijn gebroken.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Misschien toch een vooruitgang,\u2019 zo gaat de notitie verder, \u2018vergeleken bij een paar jaar geleden () toen ik het gevoel had van glas te zijn en in duizend scherven te zijn gebroken.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ook Caspar Barlaeus meende dat hij van glas was; tot n\u00f2g grotere onzichtbaarheid dan wanneer men in duizend glasscherven uit elkaar is gevallen kan men zichzelf in zijn verbeelding niet desintegreren. Wie zich voorstelt dat hij van glas is, moet zich voelen alsof hij <i>afwezig<\/i> is, hij kijkt dwars door zichzelf heen en ziet zichzelf alsof hij <i>niet bestaat<\/i> (misschien zou Ren\u00e9 Magritte dit hebben kunnen schilderen; misschien zou de kunsthistoricus Emmens het hier mee eens zijn geweest).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ik zit in een verdwijnperspectief &#8211; de verdwijnmachine\u2019, zo staat in <i>Aforismen.<\/i> In een interview (<i>Tirade<\/i> nr. 143, januari 1969) zei hij dat hij in een \u2018soort relativisties verdwijnperspectief\u2019 was terechtgekomen: &#8211; \u2018het individu, hoezeer ook gereduceerd door alles wat wij in en na de oorlog hebben meegemaakt, (is) toch het eindpunt van het relativeren.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens die \u2018iemand anders\u2019 wilde zijn, Paul Val\u00e9ry bij voorbeeld, of anders misschien Eugenio Montale, of W.H. Auden, van welke beide dichters hij verzen vertaalde, of nog anders misschien \u2018Henrick de Roover\u2019 of \u2018Henk de Rover\u2019, met welke pseudoniemen hij sommige van zijn verzen ondertekende, schreef in <i>Aforismen<\/i>:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ander (De). Zie <i>Ik.\u2019<\/i>\r\n<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Sub <i>Ik<\/i> schreef hij: \u2018E\u00e9n van de hoedjes waaronder een wolk van parfum, een hoop kussens met boodschappentas, een gebroken kruikje met druiloren, een beurszoekende gladakker, een behaarde lapswans, een karaktervast monument en een kartonnen minister zich elk op hun tijd laten vangen. Ik geschift, ik laf, ik flink, ik door dik en dun, ik onmogelijk, ik gewild, ik dom, ik doordacht, ik bijzonder vervelend. Ik dus. Het beste ermee. Maar de ander dan? E\u00e9n van de hoedjes waaronder enz. De ander nobel, de ander slijmerig, de ander bol, de ander hol, de ander bot, de ander week, de ander bijzonder gevoelig, de ander onmiskenbaar een hufter. De ander dus. Mijn hartelijke groeten.\u2019<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 270]<\/div>\r\n<p>Omdat hij zichzelf in toenemende mate waardeloos vond, &#8211; zijn nagelaten <i>Aforismen<\/i> benadrukken dit en herhalen het (verschillende keren, soms met bijna dezelfde bewoordingen), &#8211; had hij \u2018als eerste reactie\u2019 vaak de neiging om \u2018er naast (te) gaan staan\u2019: naast zichzelf, naast zijn levenssituaties en naast zijn gevoelens. \u2018Vandaar ook voortdurend behoefte mij met iemand anders te associ\u00ebren of zelfs te identificeren.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Hij noemde zichzelf een \u2018Mann ohne Eigenschaften, een Sartriaanse Baudelaire, die zichzelf bestraft om zich ervan te overtuigen dat hij, althans in de ogen van de anderen bestaat\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>Emmens was het slachtoffer van zijn verleden.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In zijn nagelaten gedicht \u2018<i>Futiel<\/i>\u2019 dat, zoals ik het begrijp, misschien de sleutel bevat tot Emmens \u2018ondoordringbaarheid\u2019, zijn karakter, zijn zelfmoord, heet het:<\/p>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ik heb het verleden aangeharkt.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Het is doorzichtig geworden.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>Zo doorzichtig als glas, zo doorzichtig als hij zichzelf wel eens in een droom had gezien. Emmens, zijn <i>Autobiografisch woordenboek<\/i> en <i>Aforismen<\/i> bewijzen het, kon niet leven met zijn verleden, dat hij (tevergeefs) heeft gehaat. Dat verleden vertegenwoordigde voor hem \u2018de autoriteit\u2019: &#8211; zijn vader moet op hem een zo verstikkende invloed hebben uitgeoefend dat hij er tot aan het eind van zijn leven niet over uitgeschreven is geraakt en er tot in zijn laatste dromen van heeft gedroomd. Naar aanleiding van een gebeurtenisje waarbij hij zich iemands naam niet kon herinneren, noteerde hij: \u2018(ik) begreep toen dat ik ook zelf niet wist hoe ik heette, ik herinnerde mij alleen de naam van mijn vader. Misschien dacht ik dat ik hem was?\u2019 Een andere keer schreef hij in een soortgelijk verband: \u2018Ik had het over de kinderen van mijn ouders en zag ze voor me. Tot mijn verbazing was ik er \u00e9\u00e9n van.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens heeft zijn vader omschreven als een zelfingenomen ijdele opschepper, en zijn moeder als een angstige en bekrompen vrouw. Hij voelde zich \u2018op zijn slechtste momenten\u2019 \u2018een combinatie\u2019 van beiden of, zo omschreef hij het ook: \u2018Ik ben voortgekomen uit blaaskakerigheid enerzijds, angstige bekrompenheid anderzijds.\u2019 Zijn vader te moeten door-<\/p><div class=\"pb\">[p. 271]<\/div><p>gronden gaf hem het gevoel alsof hij werd \u2018gekneveld door een wraakzuchtige gnoom\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zijn leven lang zou hij zich door zijn vader gekneveld en gefnuikt blijven weten; &#8211; als een rat in de val van zijn carri\u00e8re, zo schreef hij, was zijn verplichting geld te moeten verdienen misschien geen andere dan: \u2018door geld mijn vader van mijn waarde te overtuigen en mijn moeder te imponeren zoals mijn vader dat doet\u2019. Zelf had hij omtrent zijn eigen waarde en de waarde van zijn maatschappelijke en artistieke prestaties geen enkele dunk of illusie, opgevoed als hij was met het besef van de absolute nietswaardigheid van alles wat hem aanging en alles wat hij ondernam. Hij was een glazen kind: &#8211; zijn ouders zagen hem niet. Die ouders hebben het kind (woorden van Emmens zelf) zijn identiteit ontnomen, het kind werd bestraft als het \u2018ergens voor stond\u2019: \u2018het is een lafaard geworden\u2019. Emmens werd opgevoed met straf en dus met het idee van ontilbare schuldbeladenheid, waarvan hij zich nooit heeft kunnen bevrijden. In zijn gedicht \u2018Antiek\u2019 schreef hij: \u2018Aeneas met zijn vader op de schouders, \/ een jongen die naar school gaat met zijn tas.\u2019 In het tweede supplement van <i>Autobiografisch woordenboek: \u2018Oedipus<\/i> (blind). Ik kon niet tegelijkertijd mijzelf zijn en mijn vader.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Moeder lijkt streng, ze is altijd streng, soms draagt ze een Schotse rok, dat lijkt vrolijk, maar het is raadzaam zich alleen somber en berouwvol aan haar te vertonen. De zwarte zeilen waarmee Tristan terugkeert. Rampen staan ons altijd te wachten. De thuiskomst van mijn vader, de woede van mijn broertje en ook altijd voorzichtig zijn met mijn kleine zusje, moeders eigen speelgoed. Voorzichtig, voorzichtig, anders krijg je een pak slaag\u2019 (<i>Aforismen<\/i>).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zijn moeder heeft Emmens \u2018emotionele verwaarlozing\u2019 verweten; &#8211; hij was een ongewenst kind, in die zin dat zijn moeder liever had gehad dat hij een meisje was geweest. Zijn ouders hebben hem door deze toevalligheid van de natuur klaarblijkelijk zo gesard dat hij later, tijdens het schrijven van zijn proefschrift, \u2018zeer parano\u00efed\u2019, nog voortdurend leed onder de angst de \u2018ongewenste jongen\u2019 te zijn.<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 272]<\/div>\r\n<p>Wat betekent dit aforisme van Emmens?: \u2018Ik gehoorzaam aan verborgen verboden totdat ik tussen je dijen ontsnap.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ik\u2019 zou het nog ongeboren, het nog \u2018verborgen\u2019 jongetje in de buik van zijn moeder kunnen zijn, dat dan al beseft dat hij \u2018gehoorzaamt aan verboden\u2019, &#8211; dat hij dus te maken heeft met dingen die niet zijn toegestaan: een van die dingen is het dragen van een mannelijk geslacht. Dit verschrikkelijke feit zal blijken als dat jongetje wordt geboren (\u2018tussen de dijen ontsnapt\u2019). Dat jongetje, dan al op parano\u00efde manier ellendig van angst voor de straf die hem te wachten staat, zal allicht proberen zo lang mogelijk niet geboren te worden, in die buik te blijven, niet naar buiten te komen.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Misschien is deze interpretatie juist: &#8211;<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens&#8217; latere \u2018angst om naar buiten te gaan\u2019 omschreef hij zelf als angst om \u2018geboren te worden als de \u201congewenste jongen\u201d en mij te moeten gedragen als het \u201cgewenste meisje\u201d. Mijn wens is dus een jongen te mogen zijn, mijn haat: een meisje te moeten zijn.\u2019 Hier voegde hij een voetnoot aan toe, die luidt: \u2018als jongen moet ik mij daarom steeds \u201congewenst\u201d gedragen, \u201cgewenst\u201d ben ik alleen als \u201caansteller\u201d: als het meisje dat ik niet ben.\u2019 Even verderop in zijn <i>Aforismen<\/i> is deze variant te lezen: \u2018Binnenblijven wordt onaangenaam als het gevoeld wordt als wegblijven: geen man te mogen zijn.\u2019 Nog elders staat opnieuw hetzelfde: vanwege de teleurstelling van zijn moeder dat hij geen meisje was doet hij nu \u2018dan ook niets liever dan wegblijven\u2019. (Meer en meer werd hij onzichtbaar, meer en meer veranderde hij in glas. Hij had het over \u2018mijzelf uitsparen\u2019.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Twee aforismen van Emmens:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\r\n<i>\u2018Vrouw<\/i> (De). Voor mij een stelsel van verboden.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\r\n<i>\u2018Man<\/i> (De). Onderwerping en straf.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Ook in zijn <i>Aforismen<\/i> treffen opeens de woorden: \u2018de geboren zelfmoordenaar\u2019. Deze woorden verliezen hun paradoxaalheid als men bedenkt wie ze heeft neergeschreven. \u2018De geboren zelfmoordenaar\u2019 schreef ook dit <i>Aforisme<\/i>: \u2018Hoewel vader van twee kinderen, ben ik een geboren zoon\u2019. Wie zo, als Emmens, werd geboren had de navelstreng al als een strop om zijn nek. Voor zo\u00efemand is het leven niets anders dan: \u2018Vacantie van de dood\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Als kind trachtte hij de aandacht van zijn moeder op zich te vestigen\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 273]<\/div><p>door onder andere in zijn broek te doen, schreef Emmens, om aldus voor haar inderdaad de ongewenste jongen te zijn. Tientallen jaren later, tijdens wat hij aanduidde met \u2018benoemingscrisis\u2019, had hij het gevoel \u2018tot op grote hoogte met poep te zijn gevuld\u2019 en, zich afvragend wat dit gevoel zou kunnen betekenen (\u2018symbool voor angst? bezitsdrift? geldzucht?\u2019) kwam hij tot de conclusie: \u2018aandacht op zich vestigen als ongewenst kind (jongen).\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens was toen al over de veertig en dacht na over \u2018vergeestelijking\u2019. Dit begrip definieerde hij als: \u2018Zich zover mogelijk verwijderen van het \u201canale\u201d probleem: bezit, stank, geld, macht, dwang.\u2019 Aldus herleidde hij \u2018de autoriteit\u2019 in zijn bestaan tot de functie van de endeldarm. Uitgezonderd geboorte, liefde en dood, welke drie hij \u2018democratisch\u2019 noemde, was voor Emmens \u2018de rest van zijn leven () fascisme: het afdwingen \/ van bewondering, geld, onderwerping\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>Kon hij niet leven met zijn verleden, hij kon het ook niet met zijn \u2018tweeslachtigheid\u2019, die het gevolg was van dat verleden en die de hoofdoorzaak van zijn verschrikkelijke angsten moet zijn geweest. Hij kwam niet uitgepiekerd over wie hij was en wat hij was: was hij jan Emmens of \u2018iemand anders\u2019, was hij een man of een vrouw, was hij een zoon of een vader, was hij \u2018links\u2019 of \u2018rechts\u2019, was hij een nette burgermeneer of een provo, bestond hij eigenlijk wel of bestond hij niet, was hij \u2018vlees\u2019 of was hij \u2018glas\u2019? Concludeerde hij dat hij \u2018het een\u2019 was, dan bezorgde \u2018het ander\u2019 hem schuldgevoelens; vond hij soms dat hij zowel \u2018het een\u2019 als \u2018het ander\u2019 was, dan vervulde hem dit met zelfhaat en afschuw; gaf hij toe aan \u2018het een\u2019, dan vond hij zichzelf laf, deed hij concessies aan \u2018het ander\u2019, dan overviel hem angst. \u2018Niet ik moet worden geanalyseerd, maar mijn superego\u2019, schreef hij. Grote zorgen baarde hem de parano\u00efde vraag hoe \u2018de buitenwereld\u2019 hem zou zien, &#8211; en gelijkertijd was hij daar nieuwsgierig naar, want misschien zou hij er in slagen door de ogen van anderen een verhelderend zicht op zichzelf te krijgen. Even gelijkertijd was hij dan ook al bezig alles in \u2018de verdwijnmachine\u2019 te stoppen om het te relativeren.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Uit <i>Alphabetisch: \u2018Bang.<\/i> De grootste na\u00efeviteit van iemand die bang is voor zichzelf, is te denken dat anderen hem niet zouden kennen als degene voor wie hij bang is.\u2019<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 274]<\/div>\r\n<p>Uit <i>Aforismen<\/i>:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018<i>Existentieel.<\/i> Ik denk dat zij denken dat ik niet besta, maar dat wil ik ook niet, denk ik.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\r\n<i>\u2018Spion.<\/i> Ik loop voortdurend te loeren of ze mijn andere ik al in de gaten hebben.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Ik ben bang dat zij van mij zullen zeggen wat ik denk van mijzelf.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Enige keren dacht hij (dat anderen dachten) dat hij homosexueel was, ettelijke keren gebruikte hij \u2018travestie\u2019 als beeld van zichzelf, zijn bestaan, zijn denktrant, zijn (vage) religiositeit, zijn wantrouwen, zijn troebele zelfkennis (\u2018houdt hij mij voor de gek of ik hem?\u2019), enzovoort. Dit beeld van transformatie leek ten slotte allesbepalend te zijn geworden, ook zijn visie op kunst die, zoals hij die soms formuleerde, eerder bleek neer te komen op een visie op hemzelf:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\r\n<i>\u2018Travestie.<\/i> Ten grondslag aan mijn interpretatie van de Meninas; de prinses was ik zelf. Op het moment dat ik mij dat bewust werd: kind en meisje te willen zijn, schaamde ik mij als \u201cman\u201d diep en bestrafte mij met een universele paranoia, waarin de voorstelling dat ik door mijn interpretatie van de Meninas het \u201cmanlijke\u201d Spaanse volk had beledigd door te denken dat ik het \u201cgewenste\u201d kind was en in het bijzonder misbruik had gemaakt van de gastvrijheid van Franco (boze vader) preponderant was\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Het leven moet voor Emmens in toenemende mate onleefbaar zijn geweest. Soms, zo schreef hij, was hij een ogenblik verbaasd over een vriendelijke wereld als hij niet was afgeblaft door een ober of als iemand op straat hem hoffelijk de weg had gewezen, maar verder: \u2018Angst veegt met mij de vloer aan\u2019; \u2018Alles wat ik vreselijk vind, betrek ik onmiddellijk op mijzelf\u2019. Een voorbeeld hiervan ervoer hij toen hij eens in een badhokje stond (hij had een hekel aan zwemmen) en iemand smalend hoorde zeggen: \u2018En dan is hij natuurlijk weer diep teleurgesteld\u2019. \u2018Dit (betrok ik) onmiddellijk op mijzelf, voelde mij diep teleurgesteld en schaamde mij ongelukkig dat ik diep teleurgesteld was.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zozeer betrok hij alles op zichzelf, dat hij er ten slotte een aanleiding in vond zichzelf het leven te benemen.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>Jan Ameling Emmens werd geboren in Rotterdam, op 17 augustus 1924.\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 275]<\/div><p>Na het gymnasium studeerde hij rechten te Leiden en kunstgeschiedenis in Parijs en Utrecht. Van 1958 tot 1961 was hij directeur van het Kunsthistorisch Instituut der Nederlandse Universiteiten te Florence. In 1964 promoveerde hij op het proefschrift <i>Rembrandt en de regels van de kunst.<\/i> In 1967 werd hij benoemd tot hoogleraar in de algemene kunstwetenschap en de ikonologie aan de Rijksuniversiteit te Utrecht.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens debuteerde in de letteren in 1945 met de verzenbundel <i>Chaconne<\/i>, daarop volgden de bundels <i>Kunst- en vliegwerk<\/i> (1957), <i>Autobiografisch woordenboek<\/i> (gedichten en aforismen, 1963) en <i>Een hond van Pavlov<\/i> (1969).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Op 12 december 1971 maakte hij in zijn woning te Utrecht door ophanging een eind aan zijn leven.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>\u2018Wat mij betreft\u2019, zo schreef Emmens in <i>Autobiografisch woordenboek<\/i>, \u2018zijn er minstens zeventien lagen van bewustzijn.\u2019 Iets wat Emmens zich bewust was, voelde hij in al die zeventien lagen tegelijkertijd.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zo was hij zich ervan bewust dat alles bestraft moest worden, ook maatschappelijke carri\u00e8re, ook succes in die carri\u00e8re en zeker bekroningen van dat succes. Hij was zich ervan bewust dat niets hem toekwam, dat alles wat hem te beurt viel onverdiend was en dat hij, in plaats van te worden beloond en geprezen, geminacht moest worden. \u2018Paranoia\u2019 omschreef hij als een \u2018zich voortdurend binnen een kring van afwijzende rechters bevinden &#8211; negatieve zelfoverschatting.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Toen hij tot hoogleraar was benoemd vond hij dat hem dat niet toekwam en dat een ander het had moeten worden. Hij vergeleek het (\u2018alles is altijd actueel\u2019) met de moord op Caesar, waaraan hij had deelgenomen. Nadat hij had gehoord dat hij professor zou worden in plaats van die ander, droomde hij van een bordje \u2018Verboden te passeren\u2019. Typerend voor Emmens is een opmerking als: \u2018Toen hij mij met mijn proefschrift compromitteerde, complimenteerde, bedoel ik.\u2019 Emmens werd drie maal voor zijn geschriften bekroond, &#8211; natuurlijk maakte hem dat gelukkig, en niettemin schreef hij bij een van die gelegenheden: \u2018Het is mij nog steeds onbegrijpelijk dat mijn boek is bekroond: er moet een hogere instantie bestaan die het veroordeelt.\u2019<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 276]<\/div>\r\n<p>In veel literatuur over zelfmoord wordt er op gewezen dat in \u2018de sociale omstandigheden\u2019 van de zelfmoordenaar de reden van diens dood kan worden gezocht. Die sociale omstandigheden heten in bedoelde literatuur doorgaans \u2018armoede\u2019, \u2018werkloosheid\u2019, \u2018crisis\u2019, \u2018onzekerheid\u2019, \u2018uitzichtloosheid\u2019, \u2018demoralisatie\u2019, enzovoort. Bij schrijvers blijkt bepaald niet zelden dat zij, integendeel, zelfmoord hebben begaan nadat in hun \u2018sociale omstandigheden\u2019 een opwaartse lijn naar de top te zien is geweest, &#8211; er zijn schrijvers die zelfmoord hebben begaan <i>omdat<\/i> zij een of andere top hadden bereikt.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Enige jaren nadat hij de Nobelprijs in ontvangst had genomen, maakte de Japanse schrijver Yasunari Kawabata (1899-1972) een eind aan zijn leven: hij zou de geweldige last die die prijs op hem had geladen niet hebben kunnen dragen. (Ook Ernest Hemingway brak zijn leven af nadat hij bovenop alle bereikbare toppen had gestaan: wereldsucces, Nobelprijs.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De Amerikaanse auteur Ross Lockridge (1914-1948) ging tot zelfmoord over nadat hem was meegedeeld dat zijn roman <i>Raintree County<\/i> op nummer een van de bestsellerlijst van de <i>New York Herald Tribune<\/i> stond.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Op het toppunt van zijn roem, nadat hij de \u2018Premio Strega\u2019, de belangrijkste literaire prijs van zijn land, had ontvangen, beging de Italiaanse schrijver Cesare Pavese (1908-1950) zelfmoord.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Toen Jan Arends zijn top meende te hebben bereikt, sprong hij uit het raam, &#8211; voor Jan Emmens moet die top zijn benoeming tot hoogleraar zijn geweest, gevolgd door de toekenning van de door zijn geboortestad uitgeloofde Fenixprijs voor zijn literaire werk: zijn zelfmoord vond plaats in dezelfde maand als waarin hem die prijs was uitgereikt.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\r\n<i>\u2018Psychodrama.<\/i> De ziektewinst van de zelfbeschuldiging: aandacht, aandacht van de vijandige anderen. Het stelt bepaald teleur als zij niet vijandig zijn. Zo misschien afknappen na prijsuitreiking?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Over zijn literaire werk liet Emmens zich al even \u2018relativerend\u2019 uit als over zichzelf. Publiceren was \u2018laten zien wat niet mag\u2019. In het hier eerder ter sprake gebrachte interview in <i>Tirade<\/i> sprak Emmens in lettergrepen \u2018knoestig en droog als een tak\u2019, het gesprek vorderde moeizaam en leverde weinig op, &#8211; het interview is te vergelijken met een glazen ruit waar tegenaan is geademd. Zijn versjes, och&#8230; \u2018Nou ja, wat dichten is, weet ik niet ()\u2019. In deze toon verwoordde hij, drie jaar voor zijn dood, zijn moeheid en\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 277]<\/div><p>onthechtheid. Bij het interview werd een foto geplaatst: Emmens zittend bovenop een stapel rotsblokken, zijn gestalte tekent zich af tegen de lucht, hij kijkt in de verte. Dit is niet Ernest Hemingway die zich bovenop alle bereikbare toppen bevindt, dit is jan Emmens: &#8211; \u2018Ik voel in mijn innerlijk een gapende wond.\u2019 Er spreekt uit die foto een grote desolaatheid, &#8211; wie hem bekijkt, voelt deernis met die daar voorgoed verstarde, eenzame man, die op een soort hunebed is geklommen om vandaar zijn lege omgeving te overschouwen; om hem heen is niets, de lucht, de stilte. (Wie zich die foto voorstelt zonder de figuur van Emmens bovenop die stapel stenen, Emmens \u2018uitgespaard\u2019 als het ware, ziet toch \u2018Emmens\u2019: het landschap is zoals hij zichzelf zijn leven lang moet hebben gevoeld.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Het heeft Jan Emmen steeds verdroten,\u2019 zo schreef zijn uitgever G.A. van Oorschot, \u2018dat behalve in de kleine kring van kenners en fijnproevers, waarin hij als dichter hoog stond genoteerd, zijn litteraire werk nauwelijks bekend was en niet eens ook maar matig werd verkocht. () Als wij over die minimale verkoop van zijn werk spraken, relativeerde hij zijn teleurstelling met ironie en zelfspot. Hij verborg zijn kwetsbaarheid dan onder honend gelach. \u201cIk kan mijn lier beter in de wilgen laten hangen\u201d, zei hij eens.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u00a0<\/p>\r\n\r\n<p>Emmen in <i>Slachtoffer van een schilderij<\/i>, een essay over Gerrit Achterberg: \u2018het gedicht is voor Achterberg een bezweringsformule (het Latijnse carmen!) \u00f2f een zelfmoord. Dat hij de werkelijke zelfmoord niet heeft gepleegd is te wijten aan zijn eigen verzen die hem soms liever zijn dan wat ermee bereikt moet worden.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">(Opmerkelijk is, dat Emmens hier het woord \u2018wijten\u2019 gebruikt, waar een ander allicht \u2018danken\u2019 zou hebben geschreven.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Zoals meer zelfmoordenaars notities hebben nagelaten waarin zij, bij wijze van balans, hebben geformuleerd wat het enige was dat zij ten slotte nog bezaten (b.v. Dirk de Witte: \u2018De enige die me nog begrijpt is mijn hond\u2019), zo liet Emmens een \u2018aforisme\u2019 na, dat luidt: \u2018Het enige dat mij verzoent met mijn leven is de literatuur.\u2019 Meer dan een Achterbergiaanse \u2018bezweringsformule\u2019 kan dit niet zijn geweest: &#8211; er was ten slotte niets meer dat hem nog met zijn leven verzoende.<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 278]<\/div>\r\n<p>\u2018Ik moet ervan kotsen, maar zelfs dat kan ik niet.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Enige keren vereenzelvigde hij zich met \u2018de kruipende Nebukadnezar\u2019, omtrent wie de bijbel vermeldt dat hij door de mensen werd verstoten en in zijn verdierlijking als een rund begon te grazen. Dat op handen en voeten lopen van Nebukadnezar zag Emmens als \u2018een uitkomst\u2019 (\u2018de man was krankzinnig\u2019). Deze opmerking rijmt met een ander \u2018aforisme\u2019 uit Emmens&#8217; nalatenschap: \u2018In mij leeft een volstrekt eenzaam, zwaarbeschadigd, loeiend dier.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens, die zijn \u2018vage religiositeit\u2019 \u2018soort travestie\u2019 noemde, en ook \u2018ikonologie\u2019 omschreef als \u2018de wetenschap der travestie\u2019, vereenzelvigde zich al even innig met die andere krankzinnige bijbelse koning: Saul, wiens leven met zelfmoord eindigde. De kunsthistoricus en ikonoloog Emmens versmolt met de dichter Emmens en deze beiden versmolten weer met de ontroostbaar ongelukkige mens Emmens, waar al deze verschillende ikken met hun minstens zeventien lagen van bewustzijn naar het schilderij <i>Saul<\/i> van Rembrandt keken:<\/p>\r\n\r\n<h4>Meesterwerk<\/h4>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Wat nu de Saul van Rembrandt betreft,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>mij ontbreekt het wel eens aan een tulband en iemand<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>die harp of harpsichord voor mij speelt,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>aan een scepter en een bescheiden gordijn<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>waarmee ik tranen kan drogen.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>Ook met de al evenzeer \u2018door de mensen verstoten\u2019 apostel-zelfmoordenaar judas heeft Emmens zich vereenzelvigd. In het gedicht \u2018Nabeschouwing bij Judas\u2019 wordt Judas opgevoerd als \u2018ik\u2019. Mij intrigeren in dit gedicht deze regels:<\/p>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ik zag het gebied waarin hij was geborgen;<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>wij allen, hij en ik &#8211; dat wij als tuin verzorgen<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>met een geluid, dat om de stilte fleemt<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>\u2018Het gebied dat wij als tuin verzorgen\u2019. In Emmens&#8217; leven was dit gebied: zijn verleden, &#8211; in de aarde van dat gebied bleef hij op handen en voeten\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 279]<\/div><p>en gras etend rondwroeten, tot deze lichaamshouding gedwongen door de permanente herinnering aan zijn ouders die hem kleineerden, hem zijn identiteit ontnamen en voorgoed beschadigden. Hij was \u2018in het bedrukte verleden gevangen\u2019, zo staat in zijn gedicht \u2018Mededeling\u2019. Door dit verleden werd Emmens gebiologeerd zoals een konijn door een slang, over welke situatie hij (in <i>Alphabetisch<\/i>) al had opgemerkt dat zij \u2018niet hopeloos\u2019 was: \u2018Waarschijnlijk moet men aannemen dat het konijn door een diepe sympathie voor de slang is bezield en daarom blijft zitten. Misschien is het konijn op dat moment wel van de prachtigste po\u00ebtische uitvluchten vervuld, om te voorkomen dat het zich bewust wordt van zijn fatale sympathie. Misschien is het wel druk bezig zijn leven los te zingen van zijn betekenis.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens het konijn (de leek) tegenover de slang (de autoriteit; het verleden).<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Emmens in zijn tuin. \u2018Ik weet de namen niet van bloemen ()\u2019, schreef hij ergens, &#8211; en ergens anders (in <i>Aforismen<\/i>) definieerde hij \u2018mislukte po\u00ebzie\u2019 aldus: \u2018In de verwaarloosde tuin van mijn onbewuste: rotzooi, onvrede, rancune, bloeit soms een struik van verhelderend inzicht.\u2019 Het was hem zaak, deze tuin \u2018waarin hij was geborgen\u2019 inzichtelijk te maken, te \u2018verhelderen\u2019, \u2018doorzichtig\u2019 te maken, aan te harken, om zich aldus, door literatuur te maken van wat hem kwelde, \u2018met zijn leven te verzoenen\u2019, zoals het Achterberg was gelukt. (\u2018Tuin\u2019, eveneens verbonden met de begrippen \u2018aanharken\u2019 en \u2018stilte\u2019, is vaker een beeld in Emmens&#8217; gedachten, bij voorbeeld in \u2018De leeuw van Juda\u2019.)<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Via deze weg ben ik teruggekeerd bij \u2018Futiel\u2019, Emmens&#8217; vers dat ik meen als een \u2018sleutelvers\u2019 te mogen begrijpen. Alleen al de titel ervan is voor de zichzelf volkomen weg-relativerende Emmens veelzeggend. In dit vers wordt opruiming gehouden, de schrijver ervan weet zich in de herfst van zijn bestaan en volvoert het werk dat men in de herfst in zijn tuin moet doen; &#8211; is dat werk gedaan, dan hoeft er niets meer te worden gedaan, want wat volgt is het afsterven, het vergaan en het worden toegedekt door de winter, de dood. De dichter gooit een steen door zijn glazen bestaan.<\/p>\r\n\r\n\r\n<div class=\"pb\">[p. 280]<\/div>\r\n<h4 class=\"small-margins\">Futiel<\/h4>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ik heb het verleden aangeharkt.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Het is doorzichtig geworden<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>een tuin in de herfst.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ik kan er op terugzien met een lichte verbazing<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>dat dit alles bestond en in zekere zin<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>verwelkt, verdord, vervallen<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>nog bestaat.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ik kan er in wandelen en voorspellen<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>wat zal blijven bestaan.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ikzelf ben, harkende als ik was,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>al verleden geworden,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>een kracht van betekenis,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>een zucht die de bladeren doet vallen.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>\u2018Ik voel mij innerlijk uitgehold \/ door de dood, de ontkenning \/ een gapend gat, een holle kies.\u2019 Kon hij maar psychisch niezen, zo schreef hij, dan zou hij zijn angst wel kwijt zijn. Hij met zijn zeventien lagen van bewustzijn karakteriseerde zichzelf als iemand die uit twee verdiepingen bestond: \u2018Op de bovenkamer wordt intelligent gediscussieerd. Op de begane grond is alles in de soep gelopen.\u2019 Maar onder die begane grond was nog een ruimte, Dostojewskiaans van atmosfeer, &#8211; \u2018Ik leef voornamelijk in mijn souterrain\u2019, schreef Emmens.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Navolgend gedichtje heeft, grafisch-typografisch gezien, de vorm van een trap. Emmens, die niet gewoon was deze soort (\u2018concrete\u2019) po\u00ebzie te vervaardigen, kan er bewust of onbewust de verbinding tussen zijn verschillende \u2018verdiepingen\u2019 mee hebben getekend: &#8211; het is een neerwaarts leidende trap, waarvan de onderste \u2018trede\u2019, het woord \u2018ik\u2019, al bijna in het \u2018verdwijnperspectief\u2019 is opgelost. Toen hij dit gedichtje maakte en van een ook al zo veelzeggende titel voorzag, moet hem al min of meer duidelijk zijn geweest op welke manier zijn dood zich zou voltrekken.<\/p>\r\n\r\n\r\n<div class=\"pb\">[p. 281]<\/div>\r\n<h4 class=\"small-margins\">Solipsisme <i>(weggooipo\u00ebzie)<\/i>\r\n<\/h4>\r\n\r\n<div class=\"poem\">\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>Ik heb wel verstand<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>maar nergens van,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>ik heb wel gevoel<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>maar nergens voor,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>ik heb wel<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>maar niet,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>ik heb<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>maar,<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<div class=\"\n\t\t\t\tline\n\t\t\t\t\">\r\n<div class=\"line-nr\">\u00a0<\/div>\r\n<div class=\"line-content-container\">\r\n<div class=\"line-content\">\r\n<i>ik.<\/i>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n<\/div>\r\n\r\n<\/div>\r\n\r\n<p>Een van Emmens&#8217; dromen, genoteerd in <i>Aforismen<\/i>, luidde: \u2018In steeds kleinere cirkels naar beneden racen (een soort bergweg), niet meer mogelijk de bochten bij te sturen, kan niet harder remmen, een tunnel begint met nog scherpere bochten, kan geen licht opsteken: ik moet maar kan niet <span class=\"small-caps\">stoppen en licht opsteken<\/span> = behoefte aan inzicht in doodsdrift?\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Deze droom gaat over \u2018vallen\u2019, \u2018in de diepte verdwijnen\u2019: &#8211; de in het gedichtje \u2018Solipsisme\u2019 getekende neerwaarts leidende trap is de droom \u2018een soort bergweg\u2019 \u2018naar beneden\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In Emmens&#8217; <i>Aforismen<\/i> is nog verschillende keren meer sprake van \u2018vallen\u2019: &#8211;<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In berustende zin, geestig geformuleerd: \u2018<i>Tegenvallen en meevallen.<\/i> Leren aanvaarden dat men valt zoals men valt.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In overdrachtelijke zin: \u2018<i>Wulpse onderdanigheid.<\/i> Zich in het stof werpen, sich herabsetzen om \u201cgloria\u201d te winnen en \u201cliefde\u201d, veronderstel ik.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In psychologische zin en in aansluiting op het vorige aforisme:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018<i>Vallen.<\/i> Om te worden opgevangen. Ook: passief protest, bij ongelijke krachtsverhouding, het boze kind.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Niet voor niets, denk ik, besluit het gedicht \u2018Futiel\u2019 met het beeld: \u2018een zucht die de bladeren doet vallen\u2019.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Weinig meer dan \u2018een zucht\u2019 had Emmens ten slotte nog nodig om zichzelf te laten vallen: &#8211; \u2018Na een aanval van waanzin weet men niet meer wat men moet doen of laten om een volgende aanval te voorkomen\u2019, schreef hij.<\/p>\r\n<div class=\"pb\">[p. 282]<\/div>\r\n<p>Emmens stierf van angst, in de meest letterlijke zin van het woord, &#8211; hij stierf van angst voor zijn angst, zoals meer schrijvers:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De Rus Vsevolod Garsjin (1855-1888) beging uit angst voor een nieuwe aanval van krankzinnigheid zelfmoord door zich van driehoog in een trappenhuis te pletter te storten.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">De Amerikaanse schrijfster Virginia Woolf (1882-1941) liep met haar jaszakken vol stenen het water in, nadat ze op de schoorsteenmantel een briefje voor haar man had achtergelaten: \u2018Ik weet zeker dat ik weer gek word. Ik voel dat we niet opnieuw door die hel kunnen gaan. En ik zal deze keer niet opknappen. Ik hoor stemmen en kan me niet concentreren. Daarom doe ik wat me in deze situatie het beste lijkt. ()\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">In haar boek <i>Niets te verliezen en toch bang<\/i> (1978) schrijft Renate Rubinstein over panische, krankzinnigmakende angst die haar heeft overvallen en die haar zelfmoordgedachten ingeeft. Tenzij hier en daar in het werk van Maarten Biesheuvel (in wie verschillende overeenkomsten met Jan Emmens zijn te onderkennen), heb ik het onderwerp nergens in de jongste Nederlandse literatuur zo pregnant onder woorden zien gebracht als Renate Rubinstein dit heeft gedaan:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018Maar gedurende die nacht werd de hechte grens tussen gek en normaal voor mij steeds poreuzer. Ik hoorde geen stemmen die mij opdracht gaven, maar ik lag huiverend te wachten op de macht die mij als het ware slaapwandelend de trap op zou zuigen, tot ik in de goot zou staan om mij van het dak te werpen. Ik wist niet en weet nog steeds niet waar ik banger voor was: dat ik zelfmoord zou plegen of dat ik dat juist niet zou durven doen. Sindsdien heb ik begrepen dat de scheidslijn tussen neurotisch en psychotisch niet waterdicht is.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Het stuk waarin Renate Rubenstein dit schrijft, is getiteld \u2018Het lijden dat men vreest\u2019. Zij vervlecht in dit stuk enige herinneringen aan een \u2018Ian\u2019 geheten en als een Engelsman voorgestelde dichter, in wie het de insider echter niet moeilijk valt Jan Emmens te herkennen:<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018() Ian, die zich aan de leuning van zijn eigen trap had opgehangen na een aanval van vervolgingswaan (). Hij was ervan overtuigd geweest dat een nummer uit een populair satirisch televisieprogramma over hem gegaan was. Het programma was kort tevoren uitgezonden, om het niet zelf mee\r\n<\/p><div class=\"pb\">[p. 283]<\/div><p>te hoeven maken had hij het expres niet gezien, maar de verbaasde ontkenning van wie hij ernaar polste (\u2018Hoe kom je daar nou bij, het ging helemaal niet over jou\u2019) heeft hem waarschijnlijk niet overtuigd of nog kunnen helpen. Hij had een week eerder de po\u00ebzieprijs van de stad Manchester gekregen, maar voor hem betekende dat alleen dat hij zich nu de machten die loerden op een gelegenheid om hem uit te lachen, op de hals had gehaald.\u2019<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">Het televisieprogramma heette \u2018Hadimassa\u2019. Emmens, die dacht dat hij van glas was en die gek werd van bezorgdheid en angst over hoe \u2018de buitenwereld\u2019 hem zou zien en uiteraard hem zou misprijzen en verwerpen, was niet opgewassen tegen de waan zichzelf werkelijk \u2018als van glas\u2019 te zien weergegeven in het autoritaire glazen oog van de beeldbuis. In het trappenhuis, tussen de verdiepingen, legde hij de strop om zijn hals en liet zich vallen zoals hij viel.<\/p>\r\n\r\n<p class=\"indent\">\u2018<i>Jagerslatijn.<\/i> \u201cZiek wild moet worden afgeschoten\u201d, dacht de man, toen hij opstond in een zelfmoordstemming. Het was een uitspraak van zijn vader.\u2019<\/p>\r\n\r\n\r\n<h4>Aantekeningen<\/h4>\r\n\r\n<p>Indien niet anders vermeld, heb ik gegevens en\/of citaten ontleend aan:<\/p>\r\n\r\n<table class=\"list\">\n<tr class=\"list-item-container\" id=\"\">\n<td class=\"list-item\">\n<i>Tirade<\/i> nr. 180 (Jan Emmens-nummer), oktober 1972.<\/td>\r\n<\/tr>\n<tr class=\"list-item-container\" id=\"\">\n<td class=\"list-item\">R.A. Fokkema, \u2018J.A. Emmens\u2019. In: <i>Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige Literatuur na 1945<\/i> (1980).<\/td>\r\n<\/tr>\n<tr class=\"list-item-container\" id=\"\">\n<td class=\"list-item\">J.A. Emmens, <i>Verzameld werk.<\/i> Deel <span class=\"small-caps\">i<\/span>. <i>Gedichten en aforismen.<\/i> Amsterdam 1980.<\/td>\r\n<\/tr>\n<\/table><\/div><div class=\"wp-block-column dbnl-rechts is-layout-flow wp-block-column-is-layout-flow\" style=\"flex-basis:33.33%\"><div id=\"noten-apparaat\"><div class=\"interp\">\n<h3>Over dit hoofdstuk\/artikel<\/h3>\n<p><label>auteurs<\/label><\/p>\n<p> <a href=\"https:\/\/www.dbnl.org\/auteurs\/auteur.php?id=brou033\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">Jeroen Brouwers<\/a><\/p>\n<p>over  <a href=\"https:\/\/www.dbnl.org\/auteurs\/auteur.php?id=emme001\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">Jan Emmens<\/a><\/p>\n<br>\n<\/div><\/div><\/div><\/div>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>[p. 266] Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971) In zijn recensie van de Verzamelde gedichten en aforismen (1980) van Jan Emmens maakt Willem Jan Otten (Vrij Nederland, 31.1.1981) de opmerking dat het \u2018verdienstelijk\u2019 zou zijn om een artikel te schrijven waarin de zelfmoord van Emmens gezien wordt in het licht van diens po\u00ebzie, en andersom. Deze&#8230; <a class=\"more-link\" href=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/\">Lees verder <span class=\"read-more-arrow\"><\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","class_list":["post-301362","dbnl","type-dbnl","status-publish","hentry"],"acf":[],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v26.4 - https:\/\/yoast.com\/wordpress\/plugins\/seo\/ -->\n<title>Jeroen Brouwers  Jan Emmens (1924-1971) &#183; Uitgeverij Van Oorschot<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"en_US\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"Jeroen Brouwers  Jan Emmens (1924-1971) &#183; Uitgeverij Van Oorschot\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"[p. 266] Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971) In zijn recensie van de Verzamelde gedichten en aforismen (1980) van Jan Emmens maakt Willem Jan Otten (Vrij Nederland, 31.1.1981) de opmerking dat het \u2018verdienstelijk\u2019 zou zijn om een artikel te schrijven waarin de zelfmoord van Emmens gezien wordt in het licht van diens po\u00ebzie, en andersom. Deze... Lees verder\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Uitgeverij Van Oorschot\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2021-06-04T14:05:28+00:00\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Est. reading time\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"29 minutes\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\/\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/\",\"url\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/\",\"name\":\"Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971) &#183; Uitgeverij Van Oorschot\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website\"},\"datePublished\":\"1982-12-31T23:00:29+00:00\",\"dateModified\":\"2021-06-04T14:05:28+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"en-US\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/\"]}]},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"DBNL\",\"item\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971)\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website\",\"url\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/\",\"name\":\"Uitgeverij Van Oorschot\",\"description\":\"\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"en-US\"}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"Jeroen Brouwers  Jan Emmens (1924-1971) &#183; Uitgeverij Van Oorschot","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/","og_locale":"en_US","og_type":"article","og_title":"Jeroen Brouwers  Jan Emmens (1924-1971) &#183; Uitgeverij Van Oorschot","og_description":"[p. 266] Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971) In zijn recensie van de Verzamelde gedichten en aforismen (1980) van Jan Emmens maakt Willem Jan Otten (Vrij Nederland, 31.1.1981) de opmerking dat het \u2018verdienstelijk\u2019 zou zijn om een artikel te schrijven waarin de zelfmoord van Emmens gezien wordt in het licht van diens po\u00ebzie, en andersom. Deze... Lees verder","og_url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/","og_site_name":"Uitgeverij Van Oorschot","article_modified_time":"2021-06-04T14:05:28+00:00","twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Est. reading time":"29 minutes"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/","url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/","name":"Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971) &#183; Uitgeverij Van Oorschot","isPartOf":{"@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website"},"datePublished":"1982-12-31T23:00:29+00:00","dateModified":"2021-06-04T14:05:28+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/#breadcrumb"},"inLanguage":"en-US","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/"]}]},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/jeroen-brouwersjan-emmens-1924-1971\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"DBNL","item":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/dbnl\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"Jeroen Brouwers Jan Emmens (1924-1971)"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/#website","url":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/","name":"Uitgeverij Van Oorschot","description":"","potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"en-US"}]}},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/dbnl\/301362","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/dbnl"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/types\/dbnl"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=301362"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vanoorschot.nl\/en\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=301362"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}