[p. 349]
De winter van Breughel, de heuvel met jagers
en honden, aan hun voeten het dorp in de diepte,
nog even, maar hun doodmoeie houding, hun
doodmoeie stap in de sneeuw, bijna zo
langzaam als stilstand. En het dal aan hun voeten
groeit en groeit, wordt wijder en wijder, verder
en verder, tot het landschap verdwijnt in
een land, dat er moet zijn, en er is, maar
alleen zoals een vermoeden er is, zo ver.
Waarom duikt uit de hemel een pikzwarte vogel?
Alsof hij spot met de moeizame poging tot terugkeer
naar het leven in de diepte: de vijver met schaatsende
kinderen, de boerderijen met wachtende vrouwen,
alsof hij spot met de grijze verte waar hij
vandaan komt. Een pijl op weg naar zijn wond.

Onder de moede blaren - over het bos
De encyclopedie van het geluk 31 Het is warm en ik verlang intens naar de koelte van het bos. Ik ben opgegroeid op de scheidslijn tussen bos en veld dus je kon altijd beide kanten uit, maar ik zat van jongs af aan het meest in het bos. Zoals je in een oceaan op een...
Lees verder
Veerkracht
Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
Lees verder
Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen
De encyclopedie van het geluk 30 Na 55 jaar ben ik er nog steeds niet achter of ik lui ben of niet. Op school spijbelde ik veel. Maar spijbelen is nog steeds en probaat middel om dingen gedaan te krijgen: spijbel van je administratie en de afwasmachine wordt ingeladen. Spijbel van het opruimen en je...
Lees verder
Blog archief


