Vandaag luisterde ik naar een lezing van de Amerikaan David G. Stork die verbonden is aan de Stanford University. Hij doceert daar electrical engineering, maar weet door gebruik te maken van technologische kennis interessante zaken over beeldende kunst te vertellen. Door toepassing van computertechnieken weerlegt hij bijvoorbeeld een voor mij aannemelijke theorie van kunstenaar David Hockney die beweert dat de opkomst van het realisme in de schilderkunst ten tijde van de Renaissance te maken heeft met het gebruik van lenzen en spiegels. Hockney illustreert dit aan het mooie schilderij ‘Portret van Giovanni Arnofini en zijn vrouw’ van de Vlaamse schilder Jan van Eyck (1390-1441). Door gebruik te maken van een juiste lichtval zou via een lens en een spiegel het portret van een persoon geprojecteerd kunnen worden op een doek, waarna het voor de schilder nog een kwestie van inkleuren is geweest om een mooi gelijkend portret af te leveren. Een soort photoshoppen dus. Stork illustreet nu met behulp van computerberekeningen dat dit niet waar kan zijn en dat de geschilderde portretten zo levensecht lijken – men spreekt om die reden van de vernieuwing in de artistieke praktijk en ook wel van ars nova – omdat voor het eerst olieverf wordt gebruikt. En voegt hij op grond van ander onderzoek eraan toe; schilders droegen voor het eerst een bril, een dertiende-eeuwse uitvinding. Zij waren voor het eerst in staat de omringende wereld scherp waar te nemen. Dit is mooie wetenschap. 

Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen
De encyclopedie van het geluk 30 Na 55 jaar ben ik er nog steeds niet achter of ik lui ben of niet. Op school spijbelde ik veel. Maar spijbelen is nog steeds en probaat middel om dingen gedaan te krijgen: spijbel van je administratie en de afwasmachine wordt ingeladen. Spijbel van het opruimen en je...
Lees verder
Zoeken
’s Ochtends vroeg: we staan achter het hek en speuren door verrekijkers het weiland af. Het perceel lijkt ongemoeid, straks de boer maar even bellen wat zijn plannen ermee zijn. Er zitten kieviten op. Twee dofferts – mannetjes – duikelden zopas even door de lucht en streken erop neer. Vorige week vonden we al een...
Lees verder
Roeien – een liefdesverklaring
De encyclopedie van het geluk 30 Ik heb veel nagedacht over de activiteit van het roeien. Gewoon omdat ik veel geroeid heb. En als de mederoeiers de bovenmenselijke goedheid hebben even te zwijgen is er ruimte voor denken. Laatst vertelde ik er iemand over. Ik roeide op een sloep uit het begin van de eeuw....
Lees verder
Blog archief


