De wereld is weer plat, ja

Guus Middag is een van Nederlands beste poëzielezers. En de aanstekelijkste.

Er worden in Nederland veel gedichten geschreven, maar wie leest ze eigenlijk en wie zegt er iets zinnigs over? In zijn nieuwe boek bespreekt Guus Middag twintig mooie gedichten van twintig hedendaagse dichters en hij schrijft er twintig heldere, diepgravende en montere stukken over – zoals we van hem gewend zijn. Alle gedichten zijn geschreven in het nieuwe millennium. Ze zijn van dichters als Marieke Lucas Rijneveld, Ingmar Heytze, Ester Naomi Perquin, Ilja Leonard Pfeijffer en Radna Fabias. Er zitten ook hiphoppers bij, en zangers en zangeressen als Daniël Lohues en Katinka Polderman.

Vernederd en gekrenkt

Zo luidt de titel in de nieuwe vertaling van Gerard Cruys en Arthur Langeveld. Recentelijk verscheen de hertaling van deze roman, en Aantekeningen uit het dodenhuis in de Russische Bibliotheek.

Aantekeningen uit het dodenhuis en Vernederd en gekrenkt zijn bijna gelijktijdig geschreven, in 1860, en ze zijn de meest autobiografische werken in Dostojevski’s oeuvre, maar tegelijkertijd volkomen verschillend. Aantekeningen uit het dodenhuis is een verhaal over de lotgevallen van de schrijver in een Siberische strafkolonie en daarmee het allereerste voorbeeld van Russische kampliteratuur.

Vernederd en gekrenkt is een echte Petersburgse roman. De schrijver voert zichzelf ten tonele in een driehoeksverhouding zoals Dostojevski die zelf had meegemaakt. Hij vervlecht dit gegeven gaandeweg met het hartverscheurende verhaal van de kleine Nellie, een weesmeisje over wie de schrijver zich ontfermt, uitmondend in een uitermate spannende intrige.