Sophie Pinkham is hoogleraar aan Cornell University. Haar essays en artikelen verschenen onder meer in The New York Review of Books, The New Yorker, The Guardian en Harper’s. Eerder publiceerde ze Black Square. Adventures in Post-Soviet Ukraine (2016), een portret van Oekraïne waarin ze memoires, reportage en cultuurhistorie combineert om de geschiedenis van het land te schetsen.
Bibi Dumon Tak
Bibi Dumon Tak (1964) is alom geliefd om haar non-fictieverhalen over dieren. Ze heeft inmiddels zeker vijfentwintig boeken geschreven waarvan de meeste ook zijn vertaald – de meest recente is Wij komen in vrede. Haar kinderboeken werden bekroond met meerdere Zilveren Griffels en een Gouden Griffel, en voor haar oeuvre kreeg ze de prestigieuze Theo Thijssenprijs. Ze heeft een maandelijkse column in het radioprogramma Vroege Vogels.
Klaske Havik
Klaske Havik is hoogleraar Methoden van Analyse en Verbeelding aan de faculteit Bouwkunde van de TU Delft. In haar academische werk ontwikkelde zij een literaire benadering van architectuur die zich toespitst op de ervaring, het gebruik en de verbeelding van ruimte. Haar literaire werk verscheen onder meer in DWB, Terras en De Revisor en Vanuit de Lucht. Haar gedichten verschenen in het Engels als Way and Further (2021) en in het Ests als Tee Edasine (2026).
Margo Hoogenberk
Margo Hoogenberk (1984) studeerde in 2022 af aan de Schrijversvakschool. Ze won de Mensje van Keulen-schrijfwedstrijd
en publiceerde in De Optimist en Tirade. Bloedeigen is haar debuutroman. Als ze niet schrijft is ze bezig de energiemarkt een beetje groener te maken.
Richard van Leeuwen
Richard van Leeuwen (1955) is vertaler van Arabische literatuur en was tot 2022 universitair docent islam aan de Universiteit van Amsterdam. Hij heeft veel gepubliceerd over de geschiedenis van het Midden-Oosten, Arabische literatuur en de islam. Naast moderne romans, verhalen en poëzie vertaalde hij De vertellingen van duizend-en-een-nacht. In 2019 verscheen bij Van Oorschot een selectie uit dit omvangrijke werk, met tekeningen van Floris Tilanus.
Lucas Ligtenberg
Lucas Ligtenberg (1958) is schrijver en journalist. Eerder publiceerde hij onder meer De nieuwe wereld van Peter Stuyvesant, New York, The Beatles in Holland en Mij krijgen ze niet levend. De zelfmoorden van mei 1940. Hij werkte als correspondent voor NRC in New York en is nog aan de krant verbonden.
Tillie Olsen
Tillie Olsen (1912–2007) was een Joods-Amerikaanse schrijfster, socialistisch activiste en feministe van het eerste uur. Ze schreef over het leven van de arbeidersklasse en vrouwen. De verhalenbundel Tell Me a Riddle (1961) is haar veelbekroonde debuut. Haar werk en activisme hebben een blijvende invloed op het feminisme gehad.
Marja Pruis
Marja Pruis (1959) is schrijver en redacteur bij De Groene Amsterdammer. Haar romans, columns en essays worden geprezen om haar persoonlijke, onderzoekende en scherpzinnige blik. Pruis’ werk werd bekroond met onder meer de Heldringprijs, de Jan Hanlo Essayprijs en de J. Greshoffprijs. Haar meest recente roman Huiswerk verscheen in 2023.
Vrouwkje Tuinman
Vrouwkje Tuinman (1974) is dichter en schrijver. Haar veelzijdige oeuvre werd onder meer bekroond met de Grote
Poëzieprijs en de C.C.S. Croneprijs. Tuinman treedt regelmatig op tijdens festivals en literaire avonden. Haar werk
werd vertaald in het Duits en Engels. In november 2025 verscheen haar roman De straaljager. Tuinman was op de dag af vijftien jaar samen met de dichter F. Starik (1958–2018).
Michelle van der Kind
Michelle van der Kind (1978) debuteerde in 2021 met de verhalenbundel Sea, seks & witlof. Ook publiceerde zij verhalen in De Gids en op de literaire websites Hard//Hoofd en De Optimist.
Rónán Hession
Rónán Hession (1975) is een schrijver en bluesmuzikant uit Dublin. Zijn debuutroman Leonard en Hungry Paul stond op de shortlist van maar liefst zes literaire prijzen en is inmiddels vertaald in onder meer het Duits, Spaans, Italiaans en Turks.
Thomas Mann
Thomas Mann (1875–1955) wordt beschouwd als de grote meester van de twintigste-eeuwse Duitse vertelkunst. Zijn bekendste werken zijn de romans De Buddenbrooks en De Toverberg, en de novelle De dood in Venetië. Hij ontving de Nobelprijs voor Literatuur in 1929.
Vanwege de opkomst van het nationaalsocialisme in Duitsland verbleef hij vanaf 1933 in zelfgekozen ballingschap, aanvankelijk in Zwitserland, vervolgens in de Verenigde Staten en ten slotte weer in Zwitserland.