Tsjechov deel 4 verschenen

‘En het is weergaloos: van zeker twaalf verhalen in dit vierde deel van de nieuwe en heel mooie vertaling van Tsechovs prozawerk is het nog lastig vast te stellen welke verhalen uit de literatuur ermee zouden kunnen wedijveren.’ – Michaël Zeeman (de Volkskrant, 21 maart 2008)
 
Toen Anton Pavlovitsj Tsjechov (1860–1904) enkele jaren voor zijn dood zijn Verzameld werk samenstelde, nam hij daarin de eenentwintig verhalen op die hij schreef in de jaren 1889–1894. Het zojuist verschenen Verzamelde werken deel vier bevat ze allemaal en ze zijn stuk voor stuk prachtig! Een greep: ‘Zaal 6’, ‘De viool van Rothschild’, ‘De weddenschap’, ‘Een vervelende geschiedenis’, ‘Het duel’, ‘Mijn vrouw’, ‘Het verhaal van een onbekende’ en ‘Vrouwenheerschappij’. En wat te denken van Tolstoj die, toen hij ‘De zwarte monnik’ gelezen had, uitriep: ‘Oh wat mooi, wat mooi!’? De schitterende nieuwe vertaling is van Tom Eekman, Aai Prins en Anne Stoffel.

Tsjechov was arts. Zijn befaamde uitspraak ‘De geneeskunde is mijn wettige echtgenote, de literatuur is mijn maîtresse’ sloeg omstreeks 1888 om in haar tegendeel. Nu zou men de ‘jonge’ Tsjechov onrecht doen door te stellen dat hij zijn reputatie dankt aan de verhalen die hij na 1888 schreef: ook in de eerste drie delen van zijn Verzamelde verhalen ziet men de grootmeester aan het werk. Maar uit ‘De weddenschap’ (1889), het verhaal waarmee dit vierde deel begint, blijkt direct dat de literatuur in 1889 inderdaad Tsjechovs nieuwe ‘echtgenote’ was geworden. En dat is nog maar het begin.

Introductieprijs van deel 4 tot 21 mei: 34 euro; daarna 39 euro.

Gelijktijdig met Tsjechov deel 4 verscheen de korte, met veel foto’s geïllustreerde monografie van Natalia Ginzburg Tsjechov. Een schrijversleven.