Waarschijnlijk wordt het huishoudelijk afval nergens ter wereld zo nauwkeurig gerecycled als in Park Slope in Brooklyn. Ik was anderhalve week in deze New Yorkse wijk en als ik niet beter wist dan zou ik nu een volkomen vertekend beeld van de Verenigde Staten hebben. In Park Slope wonen vrijwel alleen maar blanke Democrats. Ze lezen de New Yorker en de New York Times en willen best af en toe een hamburger eten maar alleen als het vlees organic is en het broodje meergranen. Alles in Park Slope is organic. Als je een half uur in de auto rijdt en in het échte Brooklyn komt, zie je om de 300 meter een Dunkin’ Donuts. Hier zie je om de 300 meter een organic supermarkt, een organic koffiebar of een organic ijskraam. Fastfoodketens bestaan niet in Park Slope.
Op zaterdag is er op Grand Army Plaza een organic markt. Ze verkopen er erg goede warme appelsap. De prijzen liggen wel wat hoger dan bij de biologische kramen op de Nieuwmarkt. Ik kocht per ongeluk een zakje gemengde sla en was toen 25 dollar armer. Voor een Nederlander is zoiets lastig te verkroppen.
Op deze zelfde markt aan de rand van het Prospect Park kunnen de Park Slopers hun groenteafval, hun oude glaswerk en gelezen kranten kwijt. Voor plastic moeten ze ergens anders zijn, in de Union Street, tussen 6th en 7th Avenue.
We wandelden erheen door de licht glooiende straten, in de richting van Governors Island. In dit deel van Brooklyn is het elke dag Koninginnedag: vooral in het weekend is er om de paar huizen wel een stoop sale waar kinderen de huisraad van hun ouders verkopen. Wat ook veel gebeurt is dat mensen hun oude boeken op het muurtje voor hun Brownstone huis leggen. Zo wordt ook de literatuur gerecycled. Ik struikelde onder andere over Tristram Shandy van Laurence Sterne, Atonement van Ian McEwan en Bleak House van Dickens. Geen Grishams en Baldacci’s dus. In Park Slope lezen ze dezelfde boeken als de bezoekers van de Tirade-website. Paul Auster woont overigens ook in Park Slope – wie weet was hij het wel die Atonement de deur uit deed.
Een mooi gezicht zijn de vele peren- en kersenbomen waarvan de takken met hun witte en roze bloesem over de straten hangen. Lopend onder deze natuurlijke gewelven bereikten we uiteindelijk de plek waar de milieubewuste bewoners hun plastic konden inleveren. Dat bleek echter nog niet zo eenvoudig. Want er bestaan nogal wat variaties in plastic en het juiste soort diende in de juiste (plastic) ton geplaatst te worden. Een reclyclaarster die een inleverfout maakte werd publiekelijk gecorrigeerd. Er werd driftig gepraat over de zakjes, emmertjes en bekertjes die een nieuw leven tegemoet gingen. De bedoeling was dat men thuis de yoghurtbakjes al van binnen had schoon gemaakt. Voor wie dat niet had gedaan stonden er een schoonmaakspray en een keukenrol.
Voldaan liepen we verder, bijna met het gevoel alsof we zelf net plastic hadden ingeleverd. Nadat we het Gowanuskanaal hadden overgestoken, een groenbruine rivier die bekendstaat als een van de smerigste van de VS, bleven we even staan. Aan de oever van het kanaal stond een nondescript gebouw. De deur was open. En op de binnenplaats lag een reusachtige berg plastic, ik denk qua omvang vergelijkbaar met wat een paar blokken verder in een jaar tijd werd verzameld door de bewoners van Park Slope.
Met een beetje een ongemakkelijk gevoel stelden we ons voor dat een van de recyclaars hier nietsvermoedend langsliep, even nadat het weekplastic was ingeleverd.
Lees de Tirade Blog
Nog niet voorbij te zijn
We waren vroeg opgestaan, Ada (8) en ik. Vandaag zou ze gaan logeren op de Parade in Utrecht. Ada’s nichtje woont daar in een pipowagen op de personeelscamping. Als Ada op bezoek gaat dan krijgen de kinderen passen met Paradekind erop en mogen ze eindeloos in de zweefmolen, onbeperkt dierenpannenkoeken, snoep van de snoepmeisjes en...
Lees verderEen levend werken
Een psycholoog bij wie ik liep vroeg eens hoeveel uur ik per week werkte. Ik had in die tijd een bedrijfje naast mijn schrijverschap, kluste ook nog bij als kok. ‘Een uur of vijfendertig,’ zei ik, en begon te vertellen waar mijn werkweek uit bestond. Toen ik klaar was met mijn opsomming vroeg ze hoeveel...
Lees verderTerug
Na drie dagen rijden kwamen we aan in Cilento, waar de hitte middagslaapjes afdwong in ons huisje op de steile heuvel aan zee. Er waren geen buitenlandse toeristen in San Marco di Castellabate. Hoewel mijn Italiaans beter was, stonden de jongens die een kiosk aan de kade beheerden er steeds op Engels met me te...
Lees verder
Blog archief