"A happy vicar I might have been Two hundred years ago To preach upon eternal doom And watch my walnuts grow" ... mijmert Orwell in zijn essay Why I write. In plaats van een happy vicar werd hij schrijver, zoals hij altijd al had geweten dat hij zou worden, zelfs toen hij zich tegen dat idee verzette. Alle schrijvers zijn verwaand, egocentrisch en lui, schreef Orwell, en het is een mysterie waarom ze eigenlijk schrijven. Het schrijven van een boek is een 'verschrikkelijke, uitputtende strijd', en niemand zou daaraan beginnen die niet door de een of andere demoon bezeten was. Wat voor demoon dat is? Misschien niet zoveel anders dan wat een baby bezielt die om aandacht schreeuwt. En tegelijkertijd vereist het schrijven van iets leesbaars het bijna volledig uitwissen van de persoonlijkheid; een goed boek is een venster op de wereld.
Lees de Tirade Blog

Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen
De encyclopedie van het geluk 30 Na 55 jaar ben ik er nog steeds niet achter of ik lui ben of niet. Op school spijbelde ik veel. Maar spijbelen is nog steeds en probaat middel om dingen gedaan te krijgen: spijbel van je administratie en de afwasmachine wordt ingeladen. Spijbel van het opruimen en je...
Lees verder
Zoeken
’s Ochtends vroeg: we staan achter het hek en speuren door verrekijkers het weiland af. Het perceel lijkt ongemoeid, straks de boer maar even bellen wat zijn plannen ermee zijn. Er zitten kieviten op. Twee dofferts – mannetjes – duikelden zopas even door de lucht en streken erop neer. Vorige week vonden we al een...
Lees verder
Roeien – een liefdesverklaring
De encyclopedie van het geluk 30 Ik heb veel nagedacht over de activiteit van het roeien. Gewoon omdat ik veel geroeid heb. En als de mederoeiers de bovenmenselijke goedheid hebben even te zwijgen is er ruimte voor denken. Laatst vertelde ik er iemand over. Ik roeide op een sloep uit het begin van de eeuw....
Lees verder
Blog archief


