Een labyrint als het leven

‘Het leven is elders,’ schreef Milan Kundera. En het veelgebruikt verzuchten van de tragische John Lennon wil dat ‘Life is what happens while you’re busy making other plans.’  

Hoe we ook draaien en keren, de mens heeft haar leven verdubbeld met kunst en cultuur, met verhalen, met een geheugen. We leven een aantal levens, maar de tijd blijft even beperkt. Dus leven we onze levens wellicht minder intensief, laten we ons afleiden van dat ene bestaan dat we leiden. Elke dag, elke avond maakt voorgoed een onvervreemdbaar deel uit van ons bestaan, wordt ons verleden. Tijdens dit lezen dwalen uw ogen wellicht rond en denkt u door wat u leest heen, aan gisteren, of aan elders, want zo zijn we. We hebben te veel hersens voor het hier en nu. Dat is ons tragisch lot, eerder dan ons geluk, ben ik bang.  

In 51 manieren om de liefde uit te stellen van dichter en romancier Erik Lindner is het juist dit gegeven dat de motor, de zacht ronkende maar sterke motor, van deze subtiele roman gaande houdt. Al halverwege het lezen van deze roman had ik voortdurend de behoefte het ‘subtiel’ te noemen. En ik zal nagaan wat ik daar nou precies mee bedoel.  

Van Dale zegt: ‘alleen bij nauwkeurig toezien, of voor een fijn gevoel waar te nemen of te begrijpen’.  

Het uitgangspunt van Lindners boek is dit: een journalist wordt verliefd op een Baskische vrouw. Ze werkt voor de film. Wanneer de journalist teruggeroepen wordt naar Nederland staan er gebergten, taalproblemen en de onmogelijkheid van telefoneren in de weg. Hier begint een zoektocht naar haar, maar tegelijkertijd is het een eindeloos uitstel van het besluit iets te gaan doen aan, of met, de verliefdheid. Behalve door in de films die zij maakte te speuren naar iets wat van haar is.  

Dit is een uitstelboek zoals ons leven een uitstelleven is. Lindner verabsoluteert het gegeven dat het leven ‘elders’ is. Voor zijn hoofdpersoon is de Baskische episode het startpunt van een parallel pad. Hij leeft hier, maar ook daar. In die zin doet de roman denken aan het beroemde verhaal van de Argentijn Jorge Luis Borges, vertaald als ‘De tuin met zich splitsende paden’. Hierin vertelt een Chinees denker over de legende van een oneindig labyrint met eindeloze mogelijkheden. Borges’ novelle bevat eveneens eindeloze afsplitsingen: elke zijweg genereert een nieuw verhaal. 

De subtiele wijze waarop Lindner in deze roman, die ook gewoon een prachtige liefdesgeschiedenis is, de cinematografie een volwaardige rol laat spelen, heeft veel met de splitsende paden te maken. Elke film die de hoofdpersoon ziet – en die de lezer in sprekende hoofdlijnen ook meekrijgt – opent een nieuw perspectief op dit verhaal, op dit leven. De roman is zo een eindeloze verzameling zich splitsende paden. Een labyrint als het leven, bij nauwkeurig toezien. 

Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.