Het belang van een eiland

IMG_4014Ik geloof bij het schrijven sterk in het vinden van de juiste plek voordat personages zich aandienen. Voordat er een iemand is, moet er een ergens zijn.

Idealiter dicteert een plek isolement, als een stolp waaronder de gebeurtenissen plaatsvinden. Zo krijgt die plek gewicht, een zwaartekracht die licht verhindert te ontsnappen.*

Afgelopen weekend bevond ik me op een eiland. Met vrienden logeerden we in het ouderlijk huis van een van ons. Op tien minuten rijden in alle richtingen lag water. Het licht was anders. Overdag stond de maan helder zichtbaar aan de hemel.

Omdat we oesters wilden rapen verdiepten we ons in de getijdenkalender. Getijden ontstaan doordat de maan de zee naar zich toe trekt. Een gigantische watermassa wordt opgetild en het is eb. Vloed is wanneer de maan op grotere afstand staat.

In de tuin van het huisje stond een boom. We zaten in de schaduw. Otis de Hond had voor het eerst in tijden een erf en werd een stoere versie van zichzelf. Zijn poten zakten diep weg in het wad terwijl we oesters raapten, hij rook naar zout en rotte vis en straalde van oor tot oor. Niemand stak zich met het oestermes.

Nadim leek twee meter lang toen we samen een hut bouwden in het bos, waarnaar hij daarna elke dag terug wilde. Iedereen moest komen kijken, even naast hem zitten in zijn hut.

Met mijn dochter op mijn arm kroop ik naar binnen. Zonlicht viel door de takken en bladeren op haar gezicht.

Ik vertelde Ada dat ik van haar hield en vroeg me af waarom ik fluisterde. De wind nam toe en verzwaarde de fietstocht naar huis, alsof ik teruggetrokken werd naar die specifieke plek binnen het decor, naar het brandpunt van een mogelijk verhaal.

Aan vliegvelden, dacht ik. Aan de laatste dag van elke hartverscheurende vakantie. Aan wie we zijn als een plek ons tijdelijk heeft afgesloten van alles wat niet telt. Heimwee naar vakanties is een terugverlangen naar de beste versie van jezelf.

Ik geloof niet in een waar ik, in een kernversie van onszelf waarnaar we allemaal op zoek moeten. De strijd, de stress, het ongemak: dat zijn we ook. Probeer maar eens drie maanden op je droomplek te wonen. De strijd, de stress, het ongemak: je neemt ze mee.

Na een aantal valse starten in andere romans begon ik in Alleen met de godenIk heb Alex Boogers’ boek alleen nog neergelegd om te douchen en slapen. Er is een niveau waarop het niet meer uitmaakt dat iemand beter in iets is dan jij, dan telt alleen nog het werk.

Boogers’ hoofdpersoon sluit vriendschap met een hond die Otis heet. Toeval is alles.

In Alleen met de goden is plek heel bepalend. Het brandpunt is het ouderlijk huis van de hoofdpersoon. Ik maakte uit het boek op dat Boogers van Hemingway houdt. Over gevoel voor plek gesproken.

 

* Lees ook ‘aandacht’ waar ‘licht’ staat. 

_________________________________

Gilles van der Loo (Breda, 1973) was redacteur van Tirade. Sinds 2010 publiceerde hij online en in diverse bladen. Hij schreef de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de roman Het laatste kind. Op 23 oktober van dit jaar verscheen zijn nieuwe en sterk autobiografische roman Het jasje van Luis Martín.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gilles van der Loo

Gilles van der Loo (Breda, 1973) is schrijver, culinair recensent en docent aan de Schrijversvakschool. Hij was redacteur van Tirade en zijn fictie verscheen online en in diverse bladen. Bij Van Oorschot publiceerde hij de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de romans Het laatste kind en Het jasje van Luis Martín.