Precisie en afstand – over Japanse etskunst

Een van de natste films die ik ken is Seven Samurai van Akira Kurasawa: in een goed deel van de film regent het pijpestelen. Waarom werkt het nou zo goed Japanse zwaardvechters in de stortregen aan het werk te zien? Misschien om hetzelfde reden als waarmee het rijstpapieren kamerscherm werkt: suggestie. Door een scherm heen zie je minder, maar je durft beter te kijken omdat je je ook minder gezien weet. Of de gesuggereerde afstand maakt dat je langer en preciezer kunt waarnemen. En omdat iets afleidt van waarom het gaat raak je geïnteresseerder in het hoofdonderwerp. Misschien heeft het zelfs te maken met het wabi-sabi (侘寂) principe, zoals Jun’Ichirō Tanizaki berschijft in zin prachtige essay over de schaduw.

De kracht van deze ets hiernaast van Tanaka Ryōhei is mede ontleend aan dat effect. De truc van deze kale boom heet in de beeldende kunst een repoussoir begreep ik bij de tentoonstelling in het Leidse Sieboldhuis. De gangbare verklaring is dat het onderwerp voor in beeld de kijker de diepte intrekt. Maar bij Tanaka Ryōhei gaat het daar maar ten dele om. Deze etser etst met een aan autisme grenzende precisie een betrekkelijke gering scala aan onderwerpen. Daken steken er in deze beperkte hoeveelheid nog bovenuit. Honderden moet hij er geëtst hebben. En muren en bladeren. En vaak iets wat de diepte versterkt, maar vaker nog een repoussoir dat omfloerst, om achter verborgen te blijven, alsof je met een oog achter de vitrage beter kijken kunt. Dit repoussoir drukt jou weg, houdt jou op afstand. En in en door die afstand is ruimte tot denken. Vervolgens is zijn uitsnede eigenaardig, steeds net iets anders dan je zou verwachten.  De met grote nauwkeurigheid geëtste schijnbaar willekeurige muuroppervlakken raken aan iets wat ik maar nauwelijks begrijp: of preciecer, ik begrijp ze zo goed dat ik me erover verbaas wat dat dan betekenen moet? Waarom wil ik minutenlang naar een heel precies geëtst stuk muur kijken, of een heel nauwkeurig weergegeven half vervallen strodak?

Uitsnede, oppervlak, repoussoir of kamerscherm. Tanaka ziet iets wat ik ook wil zien. En niet begrijpen kan maar ook niet hoef, maar wil blijven zien en niet hoe, maar dat het werkt. En ineens wist ik het: Chr. J. van Geel

 

Bomen

Windstil in het ondragelijk
vermogen om beweeglijk stil
te staan, van niets te leven dan
van lucht, van aarde en
tot humus te vergaan.

 

of

 

Kromboom

Een naar één kant topzwaar verwaaide
boom, diepzwart, naast naar één kant
topzwaar verwaaide bomen – nacht.

Mijn hart is vol verstand van angst.

 

 

—-

IMG_6285

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot. Hier een stukje over Tanizaki.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.