Therapie (2): meppen, je armen voelen en wakame gooien



Twee mannen staan tegenover elkaar in een bos. Laten we zeggen dat de ene man een therapeut is en de andere man een cliënt. De ene man zegt tegen de andere man: ‘wat voel je?’
De andere man zegt: ‘waar?’
‘Je armen’
‘In mijn armen?’
‘Ja. Voel je dat?’
De man die zijn armen moet voelen, denkt na. Probeert te voelen. Het waait in het bos. Bladeren ritselen, er valt een takje naar beneden.
‘Ja man,’ roept de man die zijn armen moet voelen uit, ‘ik voel het man!’

*

In de eerste aflevering van Volgens Robert slaat de huisarts Robert Finkelstein eerst een strijkplank doormidden en dan zijn vrouw Jacqueline voor haar gezicht. Twee keer. Jacqueline heeft het daarvoor over een vakantie in Noorwegen. Iets met fjorden en op een boot varen om walvissen te kunnen zien. Daarna haalt Robert uit. Jacqueline kijkt verbouwereerd, zegt: ‘Je gaat in therapie. Maar eerst ga je een nieuwe strijkplank kopen.’
In het volgende shot staat Robert met de gebroken strijkplank in de Blokker. In een rij met mensen die net als hij – en ik – waarschijnlijk wel eens zin hebben om hun vuist in iemands gezicht te planten, een gordijn van de rails te trekken of iets kapot te gooien.

*

strijkenIk ben op een feestje in Amsterdam en vertel aan twee meisjes over de man die naar het bos gaat om daar zijn armen te voelen. Ik zeg dat ik ook zoiets wil. Ik denk aan de mensen die ik afgelopen week sprak. Ze zeiden dingen als: ‘je moet gewoon bier drinken’, ‘je kunt naar een haptonoom, maar die raakt je ook aan’, ‘je moet niet in een traject terecht komen’. De meisjes en ik staan op een balkon en kijken uit over een grachtje. Aan de overkant is een hotel, waar mensen steeds vergeten de gordijnen dicht te doen. Een vrouw ligt in zwarte lingerie op haar buik op het bed. Ze heeft haar benen in de lucht. Ze is alleen, maar het lijkt of ze op iemand wacht. Een haptonoom legt haar hand op je rug en vraagt je te voelen, vraagt je dieper te graven dan waar je in je hoofd bent.

*
We leven allemaal volgens patronen. We herkennen ze of we herkennen ze niet. Als we ze niet herkennen komt het tot een ontploffing. Het valt alleszins mee met de man die in een bos staat te schreeuwen dat hij zijn armen voelt. Ik probeer me in hem te verplaatsen als ik in bed lig. Maar een bed is geen bos en er is niemand om aan me te vragen hoe mijn armen voelen of om een hand op mijn rug te leggen.

*

Robert wordt door Jacqueline de laan uit gestuurd en hij komt niet meer terug. Tussen het moment van zijn vertrek en niet meer terug komen, gooit hij een baksteen door een ruit, gaat hij in therapie bij een vrouw die zelf ook in therapie zou moeten en veel te veel drinkt, koopt hij een midlifecrisis-bontjas en wipt hij met een minstens twintig jaar jonger meisje. Hij zegt dat hij zich vrij voelt. Hij huilt en schaamt zich als hij een banaan eet.

*

Je moet naar de kreukels blijven kijken en blijven strijken. Je moet die plank heel houden. Van overhemden, blouses en shirts dient de stof recht te zijn. Keurig. Bij keurig hoort niet je vrouw voor haar gezicht meppen. Of een bakje wakame, Japans zeewier, tegen een muur smijten – iets wat ik een aantal maanden geleden deed. Dank god voor het gradatieverschil tussen de klap en het zeewier, maar toch, als ik terug denk aan dat moment van gooien, denk ik aan die man in dat bos. Aan de armen en hoe dat voelt. Hoe het voelt als het echt voelt, bedoel ik: in je lichaam. Dat je spieren stijf trekken en dan loslaten, dat alles stroomt en warm is, dat je weet waar die stroom voor staat.

wakame

lisa-weedaLisa Weeda (1989) schrijft, maakt literair programma bij Mooie Woorden in Utrecht, is co-host bij de literaire podcast Ondercast, geeft les en workshops. Haar werk verscheen onder meer in Das Magazin, De Titaan, op De Optimist en Hard//Hoofd. Lisa is onderdeel van het Slow Writing Lab, het talentenprogramma van het Nederlands Letterenfonds. In november verschijnt haar chapbook ‘De benen van Petrovski’ bij Literair Productiehuis De Wintertuin.

Foto: Masha Bakker

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.