[p. 54]
Of hij nu lyrisch opwiekt tot de pieken,
De Muze langzaam uitkleedt tot het bot,
Of als de drekpoëet bij Hogarth
Het rijmelboek van Ezelsoor beduimelt,
– de bakkersvrouw kijkt toe en toont de lat –
Of hij – hoe groter beest – door de Geest
In het oor wordt bevrucht met dictees
Zoals Claudel die de hel en de hemel in pacht had,
Of vlijtig een perzisch tapijt knoopt:
Of hij nu klopt, veegt of zuigt
Het blijven tenslotte woorden van tijd
Die hoe dan ook wat dan ook zeggen.
De leeuw kijkt even verbaasd
als stamgasten met de biljartbal
zorgvuldig geklemd in de mond:
Maar dan een duw met de tong
en temmer Kakenkijker toont
een koprol in het zand.
Lees de Tirade Blog

Winterslaap
Ik heb nog nooit zo uitgezien naar de lente. Elke ochtend is als opstaan uit het graf – alsof ik me diep onder de grond bevind en me aan de randen van een koude kuil moet ophijsen. Dit mag geen gotische vertelling worden; wat ik bedoel is dat ik de hele tijd moe ben. Ook...
Lees verder
Ballen
Dit is de eerste keer in vijftien jaar dat ik ga zeuren in een column, maar als een grote groep mensen in deze samenleving zich chronisch misdraagt, dan moeten we daar toch echt iets mee. Ik zeg dit niet om mijn gram te halen of anderen te kwetsen; ik zeg het omdat het gedrag van...
Lees verder
Jonge mensen
Voordat ik achter de bar begon te werken bij Café De Druif wist ik dat het personeel een stuk jonger zou zijn dan ik. Ik maakte me daar geen zorgen over, omdat er in mijn eigen vriendenkring ook een paar twintigers zaten – de communicatie met hen was nooit problematisch. Ik had er alleen niet...
Lees verder
Blog archief
- 2026



