Foto Edward S. Curtis, 1908, naam nog niet achterhaald

Broadway the Hard Way – over al of niet uitsterven

De encyclopedie van het geluk 29

Een van de opvallendste straten in New York is natuurlijk Broadway, alleen al op de kaart als je de schuine lijn al die rechte blokken ziet snijden. Het is een mooie, voortdurende herinnering aan wat niet voorbij is: de aanwezigheid van Native Americans in Amerika. Het is oorspronkelijk de ‘Wickquasgeck trail,’ het brede pad waarmee de Wickquasgeck – een Native American volk – het schiereiland Manhattan opreden. In wezen schijnt het 600 km door te lopen richting het noorden.

In Rebecca Solnits hoopgevende nieuwe boek The Beginning Comes After the End gaat het veel over de ‘Indeginous people’ de mensen die voor Columbus al in Amerika woonden. Haar hoopvol verhaal spitst zich toe op de vele na pakweg 1870 ontstane emancipatiebewegingen: van vrouwen, van Afro-Amerikanen, Hispanics en van Native People. Deze bewegingen – versneld na 1950 – die ook veel aan elkaar te danken hebben, elkaar nogal versterkt hebben, brachten een verandering in gang die nu weliswaar heftig bestreden wordt, maar waarvan de geest niet meer terug in de fles gaat. Volgens Solnit zijn de autocraten en oorlogshitsers van vandaag, ze noemt ze maar zelden bij naam, de ‘monsters uit de duisternis’  die nu eenmaal verschijnen bij het einde van een tijdperk. Hun rijk is stervende. Dat is wel de hoop die je wilt horen. Verandering is ingezet, de haviken voeren een achterhoedegevecht tegen de duiven.

Op een bijeenkomst in de jaren -90 van de twintigste eeuw, over de geschiedenis van zijn volk werd een leider van het volk van de Ahwahneechee van Yosemite verteld dat hij en zijn volk uitgestorven waren. Een vreemde opmerking om te maken in het gezicht van een levend mens. In het boek van Solnit blijkt dan ook dat niets minder waar is. Veel Native American volken zijn recentelijk succesvol geweest in het terugkrijgen van hun land. En er wordt steeds meer geluisterd naar hun manier van met land omgaan: zo is in California geleerd dat de manier waarop daar levende volken met vuur hun land onderhielden uiteindelijk tot minder natuurbranden leidt. De kolonisten vonden het belachelijk: maar zo nu en dan preventief een stuk grasland of bos in de hens zetten creëert vuurdrempels die veel erger voorkomen

David Graeber schrijft in The Dawn of Everything over zeventiende-eeuwse europeanen: ‘ In feite waren [ze] in veel opzichten totaal anders dan wij. Als het ging om kwesties van persoonlijke vrijheid, de gelijkheid van mannen en vrouwen, seksuele zeden of volkssoevereiniteit—of zelfs, wat dat aangaat, theorieën over dieptepsychologie—liggen inheemse Amerikaanse opvattingen waarschijnlijk veel dichter bij die van de lezer dan die van de zeventiende-eeuwse Europeanen.’

Kortom, ze zijn niet uitgestorven, en hebben Europa veel meer beïnvloed dan we wel dachten, claimt Solnit met Graeber. En dat betekent dus dat we nog steeds leren van inzichten die we eeuwen terug belachelijk en primitief vonden. We zitten midden in een grote paradigmawisseling.

In Michael J. Bentons Extinctions wordt diep ingegaan op de verschillende golven van uitsterven die de wereld al heeft ondergaan. Vijf golven van massa-uitsterven over de loop van 540 miljoen jaar. Misschien minder opwekkende lectuur dan Solnit, maar ergens zie ik overeenkomsten: een uitsterven is zelden een compleet uitsterven. En wat er overblijft, tsja, dat leidde ook tot wat wij nu een te beschermen wereld vinden. Ik doe dit boek eveneens veel onrecht door het te kort samen te vatten, maar: pieken in soortenverlies: ‘uitsterfgolven’ volgen een min of meer gelijksoortig patroon, vaak temperatuurschommelingen door verhoogd co2, sterfte op land, troep in zee, verzuring van de zee. In wat er aan soorten overblijft volgt vervolgens vaak een diversificatie: snel veel nieuwe soorten…

Door nauwkeurig naar uitsterven te kijken wordt het wel wat minder eng. De voor de hand liggende gedachte: ‘er overleven vast wel een paar dieren en planten en die ontwikkelen zich tot nieuwe boeiende soorten’ helpt ons Homo sapiens niet zo veel. Maar iets vrolijks zit er toch in. Helemaal uitsterven, dat kan ook ons nog bespaard blijven.

Laten we hopen dat de monsters van de duisternis, volgens Solnit, de achterhoedevechters van de ongelijke samenleving het eerst het loodje leggen.

Trump is al een end heen. Volgens Geert Mak is hij gewoon een psychiatrisch patiënt, een oude man die ontremd is geraakt en niet meer bijgestuurd wordt.

Ook hij krijgt de geest van verandering niet meer in de fles. Het tijdperk van de Trumposaurus komt tot een einde…

Lezen:

Rebecca Solnits The Beginning Comes after the End, Notes on a World of Change
Michael J. Benton Extinctions How Life Survives, Adapts and Evolves
David Graeber and David Wengrow, The Dawn of Everything A New History Of Humanity

En natuurlijk luisteren: Broadway the Hard Way, Frank Zappa

ps, de Curtis foto (niet uit The North American Indian The Complete Portfolios, maar uit the Unpublished Plains) sprak me – zoals veel van zijn foto’s – enorm aan. Nu vind ik tot mijn ergernis niet de naam en het volk van deze man. Graag Schrijf ik de volgende keer verder over de ongemakkelijke kwestie van antropologische fotografie: zonder Curtis zouden we deze prachtige man niet kennen, maar met Curtis… kennen we ook voornamelijk Curtis….

Zie ook hier.

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.