[p. 208]
Ik schreef op de advertentie van die toren:
zijn klokken wilde ik wel eens horen.
Naast hem ben ik op het plein gaan staan.
Rond was de maan om zijn gouden haan.
Zilver het plein om mijn zwarte Ik.
Wit mijn horloge van ’t ogenblik.
Onze schaduwen heb ik vergeleken,
groot was zijn romp en klein mijn teken.
Daar kwamen de middernachts-slagen aan-
gonzen over de stad onder de maan.
Op de laatste slag ben ik gesprongen
en met hem weggezongen.
Sinds ben ik niet meer vernomen.
Niemand vroeg: waar mag hij blijven?
Eerst nu ben ik teruggekomen
om dit in zijmvorm op te schrijven.
Lees de Tirade Blog

Veerkracht
Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
Lees verder
Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen
De encyclopedie van het geluk 30 Na 55 jaar ben ik er nog steeds niet achter of ik lui ben of niet. Op school spijbelde ik veel. Maar spijbelen is nog steeds en probaat middel om dingen gedaan te krijgen: spijbel van je administratie en de afwasmachine wordt ingeladen. Spijbel van het opruimen en je...
Lees verder
Zoeken
’s Ochtends vroeg: we staan achter het hek en speuren door verrekijkers het weiland af. Het perceel lijkt ongemoeid, straks de boer maar even bellen wat zijn plannen ermee zijn. Er zitten kieviten op. Twee dofferts – mannetjes – duikelden zopas even door de lucht en streken erop neer. Vorige week vonden we al een...
Lees verder
Blog archief



