- Gerrit Kouwenaar Zomergedicht
- Bas Heijne Het verkeerde verhaal
- Eva Gerlach Tegelijk
- Toine Moerbeek Vrouwenkitsch III. De koningin van Sheba.
- H.H. ter Balkt Laaglandse hymnen
- Tomas Lieske Vleugels
- K. Michel
- Frans van Hasselt De dichter Lázaros
- L.F. Rosen
- Herlezen Nijhoff en wij
- Poëziekroniek Oude strijd nieuwe angst II
[p. 553]
Nu liefde, pezige liefde, het terrein verkaveld heeft
en ogen opengaan, niet voluit als van dieren in de nacht
maar besmuikter, menselijker, met wimpers die zich vertillen
aan de zojuist genoten schat, ’t halfronde van een naakte bil, een
verdwaalde grenssteen, die nog even nieuwe streling wacht
en dan verzinkt in wat hem schuldeloos omgeeft,
slaat de hond van Weggers aan. Hij heeft onraad geroken,
de schim gezien die in de schaduw van de gevels gaat.
Zijn perceel wordt bedreigd – Nu er een keus moet gemaakt
weet hij niet wat te doen, blijft hij van hulp verstoken.
Woede om angst drijft hem. Wij steken sigaretten aan,
lachen om onnozelen die op achterste poten staan.
[p. 554]
Meer dan het wijkend koren van
meisjesnekken ontroeren konijneoren.
Iets in de wind krijgt hen soms beet. Dan duiken zij
onder – Verwarring wil altijd al bij onschuld horen.
Maar aangescherpt komen zij weer boven
en vangt het trouwe seinen aan
van wie niet eenzaam leven wil.
Soms zitten zij in doodsnood in het rond
en zien we hoe ze aan zichzelf beginnen te eten.
Er steekt een storm op in het korenveld –
De sloot raakt vol. Er vallen gaten
in de grond – Hevig jaknikkend trekken zij zich
door de flessehals van de dood,
gestrekt in overgave, haast verbeten.
Lees de Tirade Blog

Blauwbehoefte
Larousse 25 Een ergerniswekkende beperking in mijn voorstellingsvermogen: hoewel ik sinds ik ooit voor het eerst met een vliegtuig boven het wolkendek raakte, weet dat daar blauwe lucht is, kan ik voor mijn welbevinden geen gebruik maken van die kennis. Met andere woorden: onder sombere wolkenluchten somber ik. Terwijl ik weet dat het maar een...
Lees verder
Humor
Toen onze zoon geboren werd, toen ze hem in mijn armen legden, gebeurde er iets onverwachts. Zijn verbijsterde gezichtje kwam mij als dat van een totale vreemde voor. Ondanks de waarschuwing van een vriend die eerder dan ik vader was geworden, was ik van een onmiddellijke lichamelijke herkenning uitgegaan, maar hier was een hele nieuwe...
Lees verder
Het oude thuis - over het geluk van herinneren
Larousse 24 Ik rust met mijn hoofd tegen een tuinmuur in Lissabon. Een muur aan mijn rechterzijde is begroeid met wingerd. Links klatert een fonteintje. Vannacht werd ik wakker met gierende doodsangst. Ik dacht dat ik dat wel achter me gelaten had. Ik word nooit meer zo wijs als ik was toen ik 30 was....
Lees verder
Blog archief



