[p. 113]
Was dat nu al?
Wij zaten in de vierde klas
van het gymnasium.
Weldra zou het opengaan
het dikke boek
het grote,
de Homerus.
Ach, was dát popelen!
Je leraren, die beulenbent,
dat wist je best,
die waren een cordon sanitaire.
Daarbuiten ging de wereld door.
En zich maar ontwikkelen
ontplooien.
Je rook het al
uit het chemielokaal,
waar ook die onherstelbaar mooie jongen
knoeide met verderf.
Hij was voor mij wat Jezus was voor zullie.
[p. 114]
Ik deed er maar wat Mozart bij –
per bos dat sneuvelde
een Satz van een sonate,
alsof dat het verval beteugelde.
Maar kon je anders?
Hij had mijn tijd voltooid.
Iets beters heb ik nooit gevonden
terzijde van de stank,
nog altijd niet –
wat goud verheuging
en wat blauw verdriet.
Dan stond al op een kiertje het heelal.
En dat was al.
Lees de Tirade Blog

Dingen kwijtraken
Naast een strekkende meter fotoalbums bleek er niet zo veel van emotionele waarde te zitten tussen de spullen van mijn ouders. Ik werkte bij het uitruimen van hun huis met twee stapels, waarbij de stapel mee naar Amsterdam na elke heroverweging kromp. Na hun meubels verdwenen alle boeken, platen, interieurprulletjes en kunstigheden die me niet...
Lees verder
'Met een nog net coherent "goedenavond" eindigen, dat is een ongeschreven wet'* – Over het café
De encyclopedie van het geluk 27 In een café rijg je drankjes aan elkaar. Bij Carmiggelt klinkt het zo: ‘de boekhouder zet ‘m elke dag dionysisch op, vult de delicate schemer van de kroeg met zijn schelle stem en wordt alleen geduld omdat hij zo’n goed klantje is. Hij begint altijd met een pilsje. De...
Lees verder
Er geen vrij voor nemen
Sinds deze week zit ik in ronde zes van de roman waaraan ik in 2024 begon. De eerste anderhalf jaar gingen op aan het schrijven van de grote lijn: twee levens moesten worden vastgelegd, elk met een eigen begin. Er moest hoop zijn voor mijn opgroeiende personages, maar ook best wat tegenslag. Mijn wens was...
Lees verder
Blog archief

