Thomése’s wegbereiders

Lolita

In de besprekingen van P.F. Thomése’s nogal geslaagde roman De weldoener die ik tot nu zag, wordt geen melding gemaakt van de frequentie waarmee het thema ‘oudere man raakt geobsedeerd door een jong meisje’ in de recente Nederlandse literatuur opduikt. En dan denk ik niet meteen aan Louis-Paul Boon, die niet alleen over nymphets schreef maar ze ook met honderden tegelijk uit pedofiele blaadjes knipte, maar allereerst aan Geerten Meijsings roman Dood meisje en aan De zeemeermin en De loden schoentjes van de onderschatte en veel te vroeg overleden Paul Marijnis.

Meijsing en Marijnis waren net als de neo-Haarlemmer Thomése gefascineerd door de perverse binnenkant van het Hollandse burgerdom, dat Meijsing bekend was uit zijn Haarlemse jeugd. Meijsing schreef eerder dan Thomése over een puberale borderline case. Marijnis evoceerde in De loden schoentjes met veel kennis van zaken en met een pen waar de vitriool van afdruipt de amour fou tussen een dolende vijftiger en een veertienjarig secreet. Het nabij Haarlem gelegen duingebied biedt daartoe het toneel.

Ook als gemaniëreerde stilisten gingen de heren M & M collega Thomése voor. Benieuwd of hij ze ooit de eer zal geven die hun toekomt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.