De emigratie (spoorzoeken in het werk van anderen)

Wie houdt er niet van zich een ander leven voor te stellen, beter en mooier dan het leven waar we middenin zitten? Mijn echtgenoot en ik wensten vooral een warmer leven; de regen had onze botten broos gemaakt. We deden ons koude huis van de hand en ik kocht een doos vol nieuwe boeken, angst had ik niet, ook al noemden vrienden en bekenden ons dapper. In een oude stadswijk, op de heuvel van Alicante, tikten we een zolderappartement op de kop. De verdieping stond al jaren leeg maar wij zagen het meterslange terras met uitzicht over stad en zee. In de kamers stonden ijzeren bedden, de muren waren appelgroen en roze, plafonds beplakt met zijdepapier. Soms grappen we dat we alleen het terras wilden, dat het appartement er nu eenmaal aan vast zat. Dan lach ik zacht, beheerst.

Tegenwoordig houd ik mijn emoties aan de korte lijn, bang dat ze me anders zullen bespringen.

Het begon op een avond in maart, we waren op weg naar ons nieuwe huis met inmiddels glad gestuukte muren, er kleefde geen snipper papier meer aan het plafond. We hoefden geen jas aan. Zojuist had het kort geregend en verbaasd keek ik naar de bruinrode vlekken op mijn T-shirt: bloedregen. Achteraf is het verleidelijk te stellen dat de regen symbool stond voor datgene waar ik in de Calle Saint Vincente door werd overvallen, dat in feite ik het was die bloedde, maar zo hoogdravend wordt het allemaal niet. Mijn hoofd zat bij wat er zo-even uit de lucht was komen vallen, ik lette simpelweg niet op. Ik had mijn verdediging laten zakken en de gedachte die ik tot dan toe zo effectief op afstand had weten te houden schoot tussen de palmbomen door naar voren en sloeg me in de touwen: Wat. Doe. Je. Hier.

Heimwee is een kracht die je sprakeloos achterlaat. Ik probeer het vast te pakken, uit te spinnen, ik wil er lange en begrijpelijke zinnen van maken, kaftje eromheen en wegzetten. Ik grijp naar mijn boeken om te lezen wat geliefde schrijvers zeggen over nieuwe plekken in nieuwe landen. Het lijkt noodzakelijk, dit spoorzoeken in het werk van anderen, het heeft iets van een pelgrimstocht. Ik neem aan dat ik een antwoord zal vinden. Spoken zie je nooit alleen, er is altijd nóg iemand die iets hoorde of zag. Maar het heimweespook laat zich niet gemakkelijk vangen.

Ik kom erachter dat vertrekken niet het moeilijkste deel was.

Lia Jildiz Kaptein (3)
foto: Jildiz Kaptein

 

Lia Tilon (1965) debuteerde in 2002 met de roman Huizen van papier bij Uitgeverij De Arbeiderspers. In 2012 publiceerde Uitgeverij Cossee haar roman Zielhond, in 2017 gevolgd door Archivaris van de wereld. Tilon schrijft romans en korte verhalen.

 

"Foto van Lia Tilon"
Lia Tilon

Lia Tilon (1965) debuteerde in 2002 met de roman Huizen van papier bij Uitgeverij De Arbeiderspers. In 2012 publiceerde Uitgeverij Cossee haar roman Zielhond, in 2017 gevolgd door Archivaris van de wereld. Tilon schrijft romans en korte verhalen. Zij blogt over emigratie en de vraag wat heimwee is. Is heimwee wel verbonden met een plek in je leven, of aan het gevoel dat je had toen je je op die plek bevond? En maakt het wat uit?

In de Oorshop

‘T is new to thee

Dit zijn levende buitenlandse schrijvers van wie ik geen boek kan overslaan:

Michel Houellebecq, Judith Schalansky, Patrick Modiano, Daniel Kehlmann, Rachel Cusk, Ian McEwan, Ferdinand von Schirach, Julian Barnes, Rebecca Solnit, Sandro Veronesi, Paul Auster, Edward StAubyn, J. M. Coetzee.

Ik kijk ze hun woorden uit de mond, ben soms ook teleurgesteld, maar vind het belang van hun werk zo groot dat ik er echt op zit te wachten. Dat ik een aantal belangrijke stemmen mis, dat accepteer ik omdat ik ook graag dode schrijvers lees. Selectie zit ingebakken in ieder lezen, er is altijd meer.

Ian McEwans Machines like me lijkt met de laatste Houellebecq  – Serotonine – een rondje lichte teleurstellingen te worden. McEwan vertakt de tijd naar een in details andere werkelijkheid in de jaren ’80, ’90 waarin de techniek wat sneller ontwikkeld is dan in in onze realiteit, de Beatles nog bestaan, de Falklandoorlog anders beslist is, Alan Turing nog leeft en  een hele grote is geworden in de wereld van de informatietechnologie. De hoofdpersoon koopt een robot voor een klein kapitaal, er zijn er wereldwijd van deze kwaliteit maar 20. Met zijn buurvrouw ontspint zich een relatie sinds ‘Adam’ er is. Ze besluiten samen zijn persoonlijkheidsinstellingen in te voeren, allebei de helft, zodat als bij een kind ze voor de helft ‘verantwoordelijk’ zijn voor wie hij gaat zijn, Adam.

In het Verenigd Koninkrijk heeft de dystopie en lange geschiedenis, alsook de ‘gemaakte mens’. Mary Shelley’s Frankenstein or the Modern Prometheus is van 1812, George Bernard Shaws adaptatie van de klassieke Pygmalion is van 1913. Aldous Huxleys Brave New World van 1931. Orwells 1984 is anagrammatisch van 1948, en brave new world’ is een Shakespeare-citaat uit The Tempest, (1610):

Miranda

Oh, wonder!
How many goodly creatures are there here!
How beauteous mankind is! O brave new world,
That has such people in ’t!

 Prospero

‘Tis new to thee.

 

McEwan gebruikt dus naast een oude naam (zijn vrouwelijke hoofdpersoon heet ook Miranda) een oude angst in zijn boek: kunnen we kennen wat we maken, is het sterker dan wijzelf. De Turing lijn is daarin interessant dat de roman uiteindelijk een sterk uitgewerkte Turing test is:  ‘an attempt to define a standard for a machine to be called “intelligent”. The idea was that a computer could be said to “think” if a human interrogator could not tell it apart, through conversation, from a human being.’

McEwan lijkt niet sterker voor de dag te komen dan  Spike Jonze met zijn film Her en tapt uit een zelfde vaatje: kun je verliefd worden op een machine, hoe nauwkeurig kunnen we ontwerpen wat beter en sterker is dan wij, en kunnen we dan nog afstand doen van onze suprematie? Hoe ver zijn we bovendien hiervan verwijderd? Hoewel Machines like me een aantal huiveringwekkende scènes bevat lijkt McEwan vooral op filosofisch vlak in te leveren. De vraag wordt nog nergens erg pregnant. En Turings test lijkt makkelijk te passeren als de hoofdpersonen op cruciale momenten niet de echt belangrijke vraag stellen.

Je zit op het puntje van je stoel bij deze McEwan, maar zakt toch wat teleurgesteld weer naar achteren als hij de kans laat lopen op het scherp van de snede zijn zaak te bevechten, angst te zaaien zoals Shelley deed door haar Adam in de zelfgemaakte mond te leggen:

“There is love in me the likes of which you’ve never seen. There is rage in me the likes of which should never escape. If I am not satisfied in the one, I will indulge the other.”

——-

 IMG_6285Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Hier andere stukjes over Houellebecq, over McEwan, over Solnit, over Coetzee, Kehlmann, Barnes, Modiano, Von Schirach.

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Leven, hoe lang nog?

Toen het gisteren eindelijk begon te regenen haalde ik opgelucht adem. Ik lees dan ook een doodenge thriller die heet De toekomst van het leven, geschreven door bioloog en Harvard professor Edward O. Wilson. Het vermoedelijk aanstaande zoetwatertekort is een van de scenario’s die buitengemeen beangstigend zijn in dit boek. Geen thriller dus in eigenlijke zin maar een verontrustend toekomstperspectief in ecologisch opzicht.

Als ik zelf dit stukje zou lezen, zou ik al niet meer tot deze witregel zijn gekomen. Doemscenario’s zijn betrekkelijk onappetijtelijk en onplezierig om te lezen. Wilson heeft daar in zijn boek ook een fraai biologische verklaring voor. ‘De betrekkelijke onverschilligheid voor het milieu komt, zo meen ik, diep uit de menselijke aard. De hersenen hebben zich duidelijk zo ontwikkeld dat ze zich emotioneel slechts kunnen binden aan een klein stuk van de geografie, een beperkte groep verwanten en een of twee generaties in de toekomst. Het is een grondbeginsel in de zin van Darwin om niet te ver in de toekomst en niet te ver om ons heen te kijken. […] Honderden millennia lang leefden degenen die hun kortetermijnbelang voor ogen hielden binnen een kleine kring verwanten en vrienden, langer en kregen meer nakomelingen, zelfs als door hun collectieve streven hun stammen en rijken om hen heen instortten.’

Kortetermijndenken is een geselecteerde eigenschap in de meesten van ons! We zijn dus opgezadeld met een intelligentie die de wereld zo veranderde dat door een te grote groei van de bevolking de natuurlijke habitat van veel soorten moet wijken voor landbouwgrond om ons te voeden – met desastreuze gevolgen – en te weinig echt realisme om dat te gaan voorkomen.

Want realisme is waar het Wilson om gaat. Zo ver uitzoomen dat je werkelijk ziet wat er aan de hand is en dat economische groei alleen op de heel korte termijn leuk is, zeg tot de volgende verkiezingen.

Het fraaie van het boek van Wilson is dat hij geen somberaar is, maar elk besef aangrijpt om een beweging in de goede richting te maken. Vegetarisme, of minstens reductarisme, minder vlees eten, is een goed stap in het hanteerbaar houden van het voedselprobleem van rond 2051 – als ik 80 kan zijn – en er  wellicht al 10 miljard mensen te voeden zullen zijn. Ik had het tien jaar terug niet voor mogelijk gehouden, maar mijn contra-intuïtieve langetermijndenken heeft me die kant alvast opgedreven. Per dag geen vlees eten bespaar je 1366 liter water. Bye bye biefstuk.

Het boek richt zich verder specifiek op soortenafname, onder meer door op Hawaï te kijken hoe vlug dat ging door een vaste combinatie van factoren: habitatvernietiging, invasieve soorten, milieuvervuiling, meer mensen en overmatige exploitatie. Dit vijftal doet overal ter wereld zijn werk. We wandelen bijziend naar een intense verarming van de planeet, er zullen langzaam dingen uitvallen. Nee vrolijk word je er niet van. Om echt vrolijk te worden moet je goed naar Thierry Baudet kijken, dan valt er echt wat te lachen.

Waar ik tien jaar geleden eveneens voortdurend mopperde op elke druppel regen die viel, haal ik nu bij elke bui dus opgelucht adem, dat werkt nu in ieder geval nog. Zo lang het duurt.

——-

 IMG_6285Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

 

 

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Een ooglid dat knippert

Het eponieme eilandje Block Island, zie ook klik op plaatje

Stop Robin Hood, Robinson Crusoe en Superman in een blender en je krijgt de Netflix-serie Arrow. Waarom ik het in godsnaam dan toch kijk wordt binnen het bestek van dit tekstje niet opgelost. Eén aspect dan: de hoofdpersoon heeft zijn krachten op gedaan door vijf jaar op een verschrikkelijk eiland te overleven. Het woord ‘eiland’ is eigenlijk al voldoende om mijn aandacht te krijgen. Deels is het de Boudewijn Buchachtige verzamelwoede: welke zag je al en welke wil je nog.

Een eiland biedt net als een boek de illusie de wereld overzichtelijk terug te brengen tot een zelfgekozen essentie. De zee de boekomslagen. De begrenzing is letterlijk concentratie. Zoals een muziekstuk dat is, een schilderij, een gedicht; overzicht door beperking. De zee alomtegenwoordig, het eiland een samengevouwen kuststrook.

 

Hoe de zee er die dag

zou kunnen bijliggen,
wordt niet vermeld.
Zo er iets beweegt

is dit eerder een siddering
die door het gras gaat,
of een ooglid dat knippert
tegen zoveel licht.

Hetzelfde: voor altijd hetzelfde,

al zijn veranderingen ten spijt –

Als moest ik mij steeds opnieuw
in éen enkel woord kunnen uitputten,
mij vasthoudend aan alles waarin ik
al ontbonden scheen, en sindsdien

voorgoed voortvluchtig bleef.

 

(Hans Faverey)

 

Een wereld in een enkel woord, klankplezier ook: Alcatraz, Andros, Bunaken, Camiguin, Curaçao, Fårö, Gili Meno, Gulangyu, Hainan, Lofoten, Malapascua, Marettimo, Naoshima, Omotepe, Perhentian, Putuoshan, Sifnos, Serifos, Stromboli, Vlieland, Te Waipounamu. Exil: voorgoed voortvluchtig. Voor $34,967,623 koop je het Caraïbisch eilandje Baliceaux. Hier meer aardigs te koop. (Of even watertanden bij deze: Pepin Island bij New Zealand, $10,826,172:

Het is niet zo dat er nooit wat aan de hand is op zo’n eiland. Als er maar eenmaal twee mensen wonen heb je ruzie: ‘Tourism Council Director Jessica Willi recommended the Tourism Board take legal action for what Willi felt were slanderous statements made by the former President of the Block Island Chamber of Commerce about her and members of the Tourism Council.’ Lees lekker door op De krant van Block Island: de Block Island Times.

Dan toch maar liever alleen.

——-
 IMG_6285Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

The Durrells in Corfu

Het mirakel blijft natuurlijk dat zo’n kleurrijke wereld zich kan ontvouwen vanuit zo’n stoffige Penguinpocket uit 1960. De indruk die het boek op me maakt moet wel iets te maken hebben met de veelheid van aspecten die aan het eigen leven raken, een verdubbeling ervan vormen, rijm. Zo is de oudste broer in het onderhavige boek My Family and other animals van Gerald Durrell, Larry, net als mijn eigen broer vroeger een soort belezen professor die overal bovenuit torent, zich mild ergerend aan de stroom onnozele kinderen onder hem. Maar hij is ook degene die – moe van het verschrikkelijke weer in augustus in Engeland – het gezin suggereert te verhuizen, naar Corfu. De familie stamt uit de Raj, de kinderen zijn in India geboren, de geselende koude zomerregen zijn ze niet gewend. In Larry herken je vervolgens al snel Lawrence Durrell, de auteur van het door mij intens bewonderde Alexandria Quartet over een vriendengroep in de Egyptische stad, rond de Tweede Wereldoorlog.

De hoofdpersoon in de familiegeschiedenis op Corfu is uitsluitend geïnteresseerd in alles wat met de natuur te maken heeft. Die verdubbeling werkt op mij al heel snel zeer sterk. Tochten over het eiland zijn speurtochten naar torretjes, spinnen, vlinders, libellen, schildpadden, vogels etc. lijken in veel op mijn tochten in de jaren ’80 met dezelfde voor sommigen onbegrijpelijke verzengende begeerte: beesten zien: kruipende, sluipende, vliegende, lopende.  Het begint in de tuin en waar eindigt het? In de bibliotheek van het Roland Holsthuis in Bergen trof ik begin 2005 mijn eerste Durrell aan, Encounters with Animals, een vreemde eend in de bijt van die bibliotheek, wie had dat boek gelezen daar, de oude dichter zelf, of zijn laatste minnares Didia de Boer?

Gerald krijgt thuisonderwijs van een erudiete eilander. De rij curieuze personages die het boek bevolken is al even onthutsend als de schilderachtige flora en fauna. De keverman is een fraaie, die met een hoed rondloopt waaraan draadjes die om levende kevers gebonden zijn, die vliegend als een soort planeten om de zon van zijn hoofd bewegen. Zoiets verzin je niet, die man heeft rondgelopen op Corfu in 1936.

Als Larry een groep groep vrienden uitnodigt en de (geweldige) moeder verbaasd reageert dat ze daar in hun kleine huisje helemaal geen ruimte voor hebben komen ze al kibbelend tot de conclusie dat er maar een oplossing is: verhuizen naar een grotere villa.

En net als je denkt: wat een geweldig verhaal, hier zou je eigenlijk een serie van moeten maken, blijkt die te bestaan:

‘Maar eerst het boek:’This is the story of a five-year sojourn that I and my family made on the Greek island of Corfu. It was originally intended to be a mildly nostalgic account of the natural history of the island, but I made a grave mistake by introducing my family into the book in the first few pages. Having got themselves on paper, they then proceeded to establish themselves and invite various friends to share the chapters. It was only with the greatest difficulty, and by exercising considerable cunning, that I managed to retain a few pages here and there which I could devote exclusively to animals…

En dan verder

 

——-
 IMG_6285Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.
Hier valt in een heel vreemd verband de naam Durrell ook al een keer.
"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Voorbije werelden

Het is hoe dan ook een beetje langzaam afbouwen op deze planeet*, de planten gaan het eerst, wegens een tekort aan kooldioxide, de dieren volgen, de zon wordt eerst te heet, de platentektoniek valt stil, het magnetisme houdt op. Alles tussen 600 miljoen en vijf miljard jaar. Ik raad je van harte aan deze pagina maar eens te lezen het is echt wetenschappelijk griezelen op macroniveau, hier kan geen Hollywood rampenfilm-blockbuster tegenop.

Dus een algemeen gevoel van verlies is alleen om die reden al onvermijdelijk. Maar Michael Bywater somt in Lost Worlds een veelheid van zaken op die al lang voor die tijd, en eigenlijk nu al, verdwenen zijn, voorgoed voorbij. ‘Yet we understand little about the quiet storm of loss which blows about our lives and histories.’ Televisieseries, gereedschappen, beroepen, kleding, gerechten, vaders, planten, dieren, vrienden, bibliotheken, steden, landen, koninkrijken, beschavingen, betaalbare huizen, hobby’s, treinkaartjes, roken in het vliegtuig, tante Henny, poste restante, zelfkritieksessies, Dolle Mina, suffragettes, de pest, koude winters, Xanadu, twee tortelduiven in 1979, Atlantis.

Bywater verzamelt ze, erudiet en geestig, zonder de ‘voorbij, voorbij o, en voorgoed voorbij’ connotatie. Maar vanuit de eenvoudige (?) aanname dat alles in chaos zal eindigen.

9780192505323In Twenty years a-growing roept Maurice O’Sullivan (Muiris Ó Súilleabháin) de wereld van Great Blasket op, het uiterst westelijk gelegen Ierse eilandje dat tot 1953 door maximaal 160 mensen bewoond werd, en daarna niet meer. Het is eigenlijk het soort boek dat de meeste mensen wel in de familie hebben: opa vertelt hoe het vroeger was, verwacht geen literaire brille dus, maar wat een schitterende voorbeeld van een verdwenen wereld. Muiris wordt op zijn 8ste van het vasteland naar naar het eiland gehaald door zijn vader en wat tantes, hij spreekt dan Engels en geen woord Iers. Op de tocht naar beneden is hij bang voor de grote kevers die hij in het landschap naar zee ziet lopen. Het zijn, als op het omslag, mannen die met de lokale boten naar zee wandelen, lichte houtcontsructies met een koeiehuid omspannen, een curragh.

Muiris heeft een vreselijke hekel aan tantes, want die zoenen, hij houdt van zijn opa die hem Iers leert, hij wordt dronken op zijn 10e met een vriendje tijdens een grote botenrace, hij haalt papagaaiduikernesten leeg, luistert naar het zingen van de cicades in de schoorstenen.

De wereld van verloren zaken wordt groter en groter en voller, en wekt eerder verwondering en bewondering dan melancholie in deze twee boeken die het gegeven niet dramatiseren, maar vastleggen.

 

——-
 IMG_6285Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.
Hier schreef ik ook een stukje over verloren beschavingen.
* Langzaam afbouwen op deze planeet is de geweldige titel van een verhalenbundel van Nico Dros.
"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Dingen kwijtraken

    Dingen kwijtraken

    Naast een strekkende meter fotoalbums bleek er niet zo veel van emotionele waarde te zitten tussen de spullen van mijn ouders. Ik werkte bij het uitruimen van hun huis met twee stapels, waarbij de stapel mee naar Amsterdam na elke heroverweging kromp. Na hun meubels verdwenen alle boeken, platen, interieurprulletjes en kunstigheden die me niet...
    Lees verder
  • Afbeelding bij 'Met een nog net coherent

    'Met een nog net coherent "goedenavond" eindigen,  dat is een ongeschreven wet'* – Over het café

    De encyclopedie van het geluk 27 In een café rijg je drankjes aan elkaar. Bij Carmiggelt klinkt het zo: ‘de boekhouder zet ‘m elke dag dionysisch op, vult de delicate schemer van de kroeg met zijn schelle stem en wordt alleen geduld omdat hij zo’n goed klantje is. Hij begint altijd met een pilsje. De...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Er geen vrij voor nemen

    Er geen vrij voor nemen

    Sinds deze week zit ik in ronde zes van de roman waaraan ik in 2024 begon. De eerste anderhalf jaar gingen op aan het schrijven van de grote lijn: twee levens moesten worden vastgelegd, elk met een eigen begin. Er moest hoop zijn voor mijn opgroeiende personages, maar ook best wat tegenslag. Mijn wens was...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Jasmijn Kenselaar"
    Jasmijn Kenselaar

    Jasmijn Kenselaar studeert in de zomer van 2025 af als toneel- en filmschrijver. Het samenbrengen van mensen en het aanbieden van nieuwe perspectieven kenmerken haar signatuur. Ze schrijft veel voor en over jongeren en plaatst haar verhalen vaak in werelden die een beetje – of heel erg – verschillen van de onze. Haar eindwerk De Ongewilden is een komische, sciencefiction-dramafilm over een zestienjarige wees die zich staande probeert te houden in een wereld die niet voor haar gemaakt is. Haar afstudeerscriptie As if! is een praktijkgericht onderzoek naar hoe schrijftechnieken kunnen worden ingezet om films en series te creeëren met een positieve impact op tieners. Voor afstuderend regisseur Julija Filipović schreef ze daarnaast De Golven – een vrije bewerking van de gelijknamige roman van Virginia Woolf. Haar korte film GENIUS is in juni 2025 te zien tijdens het Rotterdams Open Doek Filmfestival.

  • "Foto van Aska Hayakawa"
    Aska Hayakawa

    Aska Hayakawa groeide op als third-culture kid in Leiden. Haar verhalen gaan over eenzaamheid in het kapitalisme en de hedendaagse zoektocht naar geluk. Deze zomer studeert ze af van de studie Writing for Performance aan de HKU met het avondvullend toneelstuk Pièce de Résistance! en een scriptieonderzoek naar werkbare kwetsbaarheid. Eerder schreef ze theaterteksten voor Cecilia Moisio Company, Club Guy & Roni, Maas Theater en Dans en Bosfest. Haar kortverhalen werden gepubliceerd bij DIG, De Gids, Tirade Blog en De Revisor. Momenteel werkt ze aan haar debuutroman bij Uitgeverij Pluim.

    (portret: Lin Woldendorp)

  • "Foto van Menno Hartman"
    Menno Hartman

    Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.