Tirade 478

In haar essay over Handke onderzoekt Jolies Heij of die argumentatie wel houdbaar is. Het is de vraag die je kan stellen over kunstenaars van Picasso tot Achterberg en van Michael Jackson tot J.C. Bloem: als het werk briljant is, maar de maker een schurk, wat moeten we dan met het werk? Gelukkig zijn er ook nog helden in de literatuurgeschiedenis, bewijzen de gedichten van Yentl van Stokkum. In lange, vloeiende verzen beschrijft ze haar fascinatie voor Emily Brontë, in wat ze zelf een onderzoek noemt naar de overeenkomst tussen poëzie en séance. Laat u in trance zingen tot u door de negentiende eeuw loopt.

En dat er zelfs in de akelige actualiteit nog literaire helden rondlopen kunt u lezen in het verhaal van Tirade-redacteur Julien Ignacio, die zich liet inspireren door de ontberingen van Behrouz Boochani, de Koerdisch-Iraanse journalist die via Indonesië naar Australië probeerde te vluchten, waar hij zes jaar gevangen werd gezet op het eiland Manus. In gevangenschap schreef hij de meermaals bekroonde roman Alleen de bergen zijn mijn vrienden, en die inspireerde op zijn beurt Ignacio weer tot dit verhaal. Zo dendert de literatuur door de tijd en over zeeën, grijpt als een virus om zich heen en maakt steeds weer nieuwe, gelukzalige slachtoffers.

Laat u besmetten door de woorden van Anke Cuijpers, Mattijs Deraedt, Marjolijn van de Gender, Maria Kager, Hedda Martens, Harm Hendrik ten Napel en Francesco Piccolo (vertaald door Ada Duker). De illustraties zijn van Elianne Koolstra.

Nr. 478, 2020 | 

Bestel

Historisch
  • Nr. 411, 2005
  • Nr. 388, 2001
  • Nr. 190, 1973
  • Nr. 383, 2000
  • Nr. 122, 1967
  • Nr. 187, 1973
  • Nr. 105, 1965
  • Nr. 67, 1962
  • Nr. 482, 2020
  • Nr. 352, 1994
  • Nr. 465, 2016
  • Nr. 423, 2008
  • Nr. 402, 2004
  • Nr. 193, 1974
  • Nr. 209, 1975
  • Nr. 192, 1973
  • Nr. 425, 2008
  • Nr. 195, 1974
  • Nr. 205, 1975
  • Nr. 367, 1997
  • Nr. 138, 1968
  • Nr. 358, 1995
  • Nr. 446, 2012
  • Nr. 449, 2013
  • Nr. 382, 1999

Lees de Tirade Blog

  • Ze moeten wel

    Een regenachtige zomer betekent vooral veel tijd om te lezen. Eindelijk had ik tijd voor Onbehagen: Nieuw licht op de beschaafde mens (2016) van Bas Heijne, waarin hij schetst hoe hij opgroeide ‘in een tijd van vertrouwen en verwachtingen – verwachtingen over groei en gelijkheid’. Het verlichte mensbeeld dus, waarbij het optimisme twee zaken betrof: de in het vooruitzicht gestelde winstmaximalisatie en het idee dat de...
    Lees verder
  • Samen doen

    Hoewel ik toen best vriendjes had, herinner ik me van mijn vroege jeugd vooral de vele uren dat ik rondspeelde in mijn hoofd, al dan niet bijgestaan door huisdieren, knuffels of opstellingen van mijn Playmobil. Enig kind, was ik, en als er mensen kwamen spelen dan was dat leuk, maar kwamen ze niet, dan was...
    Lees verder
  • Mijn Indonesische jaren: De literaire salons

    Van de Indonesische deelnemers aan de literaire salon kan ik behalve Toeti Heraty, die haar gedichten in vertaling voorlas, ook Wiratmo Soekito (1929-2001) en Gerson Poyk (1931-2017) noemen. De eerste was actief geweest als theaterdocent, omroeper, journalist, tijdschriftleider, essayist en schrijver, maar zijn grootste bekendheid verwierf hij als opsteller van het Cultureel Manifest dat in...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • Milo van Bokkum

    Milo van Bokkum (Amsterdam, 1994)  is economieverslaggever bij NRC.

  • Jos Versteegen

    Jos Versteegen (1956) schreef zeven dichtbundels, waarin hij zich vooral liet inspireren door zijn familie en zijn jeugd in Limburg. Voor zijn debuutbundel werd hij genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs. Zijn meest recente bundel is Woon ik hier, met herinneringen van oude mensen. In 2016 publiceerde hij zijn vertaling van de Duitse gedichten die Hans Keilson in 1944 in de onderduik schreef voor een geliefde: Sonnetten voor Hanna. Jos Versteegen werkt sinds begin 2017 aan de biografie van Hans Keilson.

  • Jack de Boer

    Jack de Boer (1966) is leerkracht in het speciaal basisonderwijs. Zijn meer dan vijfentwintig jaar aan onderwijservaring heeft hij opgedaan in Amsterdam en Franeker, en vormt een belangrijke bron voor zijn schrijverschap.

    Zijn fraaie, essayistische  De gelukkigste klas toont wat het betekent basischoolkinderen door een jaar heen te begeleiden, op weg naar een betere toekomst.