Rozen

illustratie Anna Borisova

Een meisje met een enorme bos rozen stapt de bus in en leunt tegen het raam net naast de deur. De omaatjes om mij heen stoten elkaar aan, wijzend naar de bos. Eentje staat zelfs meteen haar stoel af. Druk beginnen ze fluisterend te speculeren:

‘Van wie zou ze die bos gekregen hebben?’

‘Vast van een hele rijke man. Wat zou zo’n bos wel niet kosten?’

‘Maar ze zijn het waard hoor, dat zie je zo’

‘Ik heb laatst van die rozen gehad, nou, die hebben zeker twee weken gestaan’

De omaatjes giechelen, mompelen wat onderling. Eentje buigt voorover.

‘Zeg meisje, van wie heb jij die mooie rozen gekregen?’

Geen reactie. Het omaatje kijkt vragend om naar haar nieuwe vriendinnen.

‘Watteh?’ roept het meisje dan, veel te hard, terwijl ze het oortje van haar koptelefoon uit haar oor trekt.

‘Van wie heb je die mooie rozen?’

‘Bestelling’ zegt ze nors, en stopt het oortje weer terug.

 

 

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en portretteert voor Tirade mensen die ze ontmoet.

"Foto van Eline Helmer"
Eline Helmer

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en ze portretteerde voor Tirade mensen die ze ontmoet.

In de Oorshop

Irina

illustratie Nikita Klimov

Een oud vrouwtje met oranje haar schuifelt mij in een wolk van duiven over de stoep tegemoet. Ik glimlach, mijn armen vol rode tulpen die ik net ter ere van internationale vrouwendag op het Nederlandse Consulaat heb gekregen. Ze kijkt me recht aan, roept iets. Leuk, die is duidelijk in voor een praatje.

‘De duiven kennen me, ik geef ze te eten, kijk dan toch naar die hongerige kopjes, met hen moet je toch delen? Net als vroeger, toen deelden we ook, al hadden we bijna niks. Ten tijde van de blokkade heb ik zelfs gras gegeten. Schoon gras, dat wel, alles was toen schoner, vooral de lucht. Dat vieze gras dat daarzo groeit bijvoorbeeld zou ik echt nooit eten. Al heb ik toen zelfs aarde geproefd, gewoon, voor de smaak.’

Ik vertel dat ik pas een documentaire over de blokkade heb gezien, gemaakt door de BBC. De dame, die zich voorsteld als Irina, steekt meteen van wal.

‘Mij hebben ze ook een keer geïnterviewd, in 2001. Ik was postbode in oorlogstijd, bracht brieven van de soldaten aan het front naar hun geliefden in de stad. Dat interview kun je vinden op het internet, kun jij op het internet?’

Ze vraagt om een papiertje. Met trillende hand schrijft ze haar naam op, met daarbij ‘op de computer’. De documentaire ging over de zevende symfonie van Sjostakovitsj in de Filharmonie, vertel ik.

‘Daar was ik bij!’ roept Irina uit.

‘Kijk eens aan, levende geschiedenis’ zeg ik.

‘Levende geschiedenis, precies!’ herhaalt een enthousiaste voorbijganger.

Irina vervolgt haar verhaal.

‘Ik ben 91 jaar. Mijn moeder was pianiste. Thuis hadden we een vleugel. In de oorlog heeft mijn moeder die zelf in stukken gezaagd, we hadden het brandhout nodig. Mijn vader sneuvelde aan het front. Mijn oma verdween in een massagraf. Dat had ze voorzien, oma. Vlak voor de oorlog aanbrak had ze een droom dat ze anoniem in een groot graf zou liggen. Die nachtmerrie werd werkelijkheid, we hebben nooit een plek gehad om te rouwen.’

Ik zeg dat ze de tulpen, die ik zo lang even in haar boodschappenwagentje had gelegd toen ik een pen en papier voor haar zocht, mag houden. Ik heb tenslotte zelf sinds mijn verjaardag al zoveel bloemen, ik kom vazen tekort. Een traan van ontroering verschijnt, of misschien komt het door de kou of zijn haar ogen gewoon waterig van ouderdom. Ik moet beslist de groeten doen aan mijn ouders. En complimenten. Wat een fantastische dochter hebben die zeg. Ze heeft zelf twee zonen, prachtige jongens. Roken en drinken allebei niet. De een is laatst nog op bezoek geweest, die is ook alweer zestig geworden. Ze woont hier vlakbij en loopt iedere dag haar rondje: duifjes voeren, naar de winkel en weer terug. Met haar wandelstok wijst ze naar de chique nieuwe appartementen die achter het Nederlands Instituut verrijzen.

‘Kijk, die lui worden dus nooit 91, neem dat maar van mij aan. Zij delen niet.’

Met haar rimpelige koude handje grijpt ze mij vast, uit balans gebracht door het korte gebrek aan steun van de wandelstok. Ik zeg dat we maar weer eens moeten gaan bewegen, het vriest ten slotte, zo lang stilstaan is niet gezond. Irina schuifelt verder.

‘Wie weet treffen we elkaar nog eens, ik loop hier toch iedere dag. De mensen hier kennen me: duifjes en de winkel, iedere dag hetzelfde rondje. En ik maak graag een praatje. 91 jaar, vertel dat maar aan je ouders, levende geschiedenis ben ik!’

 

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en portretteert voor Tirade mensen die ze ontmoet.

"Foto van Eline Helmer"
Eline Helmer

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en ze portretteerde voor Tirade mensen die ze ontmoet.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Sasja

Illustratie Anna Borisova

04:50. Met Sasja, taxichauffeur in Okoelovka. We rijden naar het station.

‘Heb je echt geen Russische familie? Het is zo bijzonder, je bent de eerste buitenlander die ik ontmoet en het is voor mij gewoon mooi om te zien hoe jij je hier op je gemak voelt. Ik bedoel, de hele wereld heeft een hekel aan ons, aan de Russen, hoe komt dat toch? Mijn zoon vaart op zee, zijn schip moet altijd het langste wachten. Hier zag mijn vriend gisteren trouwens een eland, ik zal speciaal langzaam rijden, let goed op, misschien krijgen we hem te zien.’

De minuten vliegen voorbij op het display van het autoradiootje terwijl Sasja en ik met een slakkengangetje langs een moerassig berkenbos hobbelen. Als hij ziet dat ik naar de klok kijk in plaats van naar eventuele elanden schrikt hij op.

‘Hoe laat was je trein ook alweer?’

 

 

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en portretteert voor Tirade mensen die ze ontmoet.

"Foto van Eline Helmer"
Eline Helmer

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en ze portretteerde voor Tirade mensen die ze ontmoet.

Aarde, bodem, grond, Herman de Vries

Ik zie de rode bauxietwegen in Suriname waar een jongen op de middelbare school van vertelde, jaren later reed hij zich dood op een vroege ochtend na een feest. De bosgrond nabij Doorn was wellicht het laatste wat hij zag toen het leven langzaam uit zijn ogen verdween. Uit de permafrost in Rusland halen ze stukken kakelverse mammoet, als je er een mes in steekt gulpt het bloed er uit, de Chinezen zijn met klonen begonnen. Een stoffig dorp in midden China is een van de levendigste herinneringen aan maanden reizen daar, de stof die opwolkt als je je zool over de bodem wrijft. Stof, grond, bodem.

De humuslaag is een vruchtbaar psychologisch symbool: rottenis verandert langzaam in vruchtbare aarde: composteren: troep erboven in: mooie rijke zwarte aarde er onder uit.

The River’s tent is broken; the last fingers of leaf
Clutch and sink into the wet bank. The wind
Crosses the brown land, unheard.

T.S. Eliot The Waste Land

Herman de Vries is een in Duitsland woonachtige kunstenaar die grond verzamelt en rustig uitwrijft op papier.  Een meditatieve handeling verwacht ik, elementair tekenen, kleurproeven van de aarde, een palet van grondsoorten, elementen. In Museum Alkmaar is een mooie kleine tentoonstelling van zijn werk. Vaak heel direct opsparen van natuur, planten, grassen, grond en dat inkaderen, betekenis geven. Mooi!

[…]

Al het kraken van de wieg, al het zingen van de moeders die hun kinderen sussen
al het hijgen van geliefden, de ogen bloeddoorlopen,
al het sneeuw van het oranje ochtendgloren in de bergen
zijn nog in mij. Nog even zijn ze er,
tot ik in de afgrond van de zwarte zenit stort.

Hier overwint een mensheid, vruchtbaar en verbeten,
die niet dorst naar het geheim, die zich vermeerdert en bestaat.
In weerwil van haar wilde ik de bodem raken,
hoewel het gelijk aan haar kant staat, want alleen zo
raakt men aan de bodem.

Zo toont Miłosz het ‘bodemverlangen’ van Witkiewicz, een Poolse schrijver die aan de opeenvolging van dictaturen bezweek, zelf de aarde in vluchtte. Grond is schoonheid en gruwel ineen, geur en dood, voedsel en honger. Je ziet hem neergaan. Miłosz  prachtige autobiografie heet Geboortegrond.

De Vries werd geboren in Alkmaar. De grondpaletten van Herman de Vries jagen deze gedachten door je brein in de fraaie opstelling in het Alkmaars museum.

——-

 IMG_6285Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot. Hier een verwant stukje over De fenomenen van Jean Dubuffet.
"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Goede schrijvers

Voordat mijn officiële schrijverschap aanbrak las ik alleen Engelstalige boeken. Ik heb daar geen excuus voor, maar ga toch opvoeren dat het de schuld was van mijn ouders, die altijd Engels lazen; van het Gymnasium, waar ik gedwongen was te kiezen tussen Mulisch, Wolkers of Brouwers.

Eenmaal in Amsterdam kocht ik al mijn nieuwe boeken bij ABC of Waterstone’s. Mijn tweedehandsjes haalde ik bij The Book Exchange op de Kloveniersburgwal, die toen nog van de kettingrokende Barry was. Barry had Louis Armstrong zonder moeite omver kunnen brommen, en vertelde me vaak dat ik the most eclectic taste in books had. Never seen anything like it. 

Pas nu ik dit opschrijf vraag ik me af of hij dat positief bedoelde.

Omdat ik zo’n slecht geheugen heb, was deze hele levensfase al weg aan het glippen toen Menno van der Veen me eraan herinnerde.

Ik dacht hem recent te ontmoeten op een feestje van de uitgeverij, maar Menno vertelde me dat ik hem al kende. Hij hoorde in de jaren ’90 bij een groepje gidsen van Rederij Kooij dat altijd hun fooi opdronk aan de bar van Zeppos.

Voor de late inhaker: ik was daar barman.

‘Jij vertelde me dat je een boek schreef, maar nooit iets las,’ zei Menno. ‘Dat weet ik zeker.’

We zaten met wat andere schrijvers op het kantoortje van corrector Jaap, waar sinds mensenheugenis wordt gerookt. Hoewel ik wist dat Menno geen gelijk kon hebben, liet ik het erbij. Thuisgekomen liep ik naar mijn boekenkast en verzekerde me ervan dat meer dan de helft van die ruggen in de jaren ’90 was gekocht.

Sinds ik word uitgegeven ontmoet ik veel Nederlandse schrijvers, en als zo’n figuur me interesseert lees ik zijn/haar werk. Mijn ontdekking is dat bijna alle schrijvers die ik ken in staat zijn een goed boek te produceren.

Een mens zou kunnen denken: Ok, ik zal dus iets moeten maken wat beter is.

Hoewel sommigen dit als een geweldige stimulans ervaren, word ik er vooral moedeloos van.

Ik las laatst ergens dat concurrentie de dood voor de kunst is. Wie niet vrij is om te maken, maar werkt vanuit een verlangen te overtreffen, verliest de ruimte om te láten gebeuren, en precies die ruimte brengt unieke uitingen voort.

Voorlopig houd ik me daar aan vast.

________________________________________________

Optie 8Gilles van der Loo (Breda, 1973) is schrijver en recensent. Hij was redacteur van Tirade en zijn fictie verscheen online en in diverse bladen. Bij Van Oorschot publiceerde hij de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de romans Het laatste kind en Het jasje van Luis Martín.

 

"Foto van Gilles van der Loo"
Gilles van der Loo

Gilles van der Loo (Breda, 1973) is schrijver en schrijfdocent. Tussen 2011 en 2015 was hij redacteur van Tirade. Bij Van Oorschot publiceerde hij de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de romans Het laatste kind, Het jasje van Luis Martín, Dorp en  Café Dorian. Meest recent verscheen Mens blijven aan het front bij Hollands Diep, dat hij samen met zijn Oekraïense vriend Andrii Kobaliia schreef.

Stanislav

illustratie Nikita Klimov

‘Sorry, ik weet gewoon nog niet precies hoe dit ding werkt, ik wil even zeker weten dat de route klopt.’

Een man van een jaar of vijftig rommelt aan de tablet op zijn dashboard.

‘Werkt u nog niet zo lang als taxichauffeur?’ vraag ik.

‘Dit is mijn vijfde dag. Ik ben eigenlijk vrachtwagenchauffeur, maar mijn wagen staat bij de garage. Dacht ik in de tussentijd even uit te rusten, het is lekker weer tenslotte, maar nee hoor, ze gunnen je geen moment rust, moest meteen aan de slag op de taxi. Nog anderhalve week, dan ga ik met vakantie. Twee weken naar het dorpje in de oblast Novgorod.’

‘Heeft u daar een datsja?’

‘Nee, een huis. Een echt huis. Als vrienden op bezoek komen zeggen ze, kijk dit is nu een echt huis. Dikke balken, mooie lak, geen behang of andere onzin. En een grote kachel, precies zoals het hoort. Alleen ver weg, zeventig kilometer van het dichtstbijzijnde stadje. Daarom vertrekt iedereen. Toen mijn vader het kocht telde het dorp nog veertig bewoonde huizen. Hij heeft er zelfs nog een houten kapel gebouwd, een mooi ding. Maar ja, de een overleed, de ander vertrok, en nu zijn wij de enige bewoners die nog over zijn.

Dit jaar gaan we voor het laatst.

Mijn vrouw vindt het wel moeilijk, maar het is niet anders. Het leven daar is, hoe zal ik het zeggen, aan de enge kant. De natuur is volstrekt wild: elanden, wolven, wilde zwijnen. En totaal niet bang voor mensen. Vossen blijven gewoon staan als je ze tegenkomt, dat is toch niet normaal? Die horen weg te rennen. Wel lekker rustig, daar hou ik van. Als je hier in de buurt van Petersburg een datsja hebt zit je hutjemutje op elkaar. Steek je ’s ochtends je slaperige kop uit het raam, zeggen twintig mensen goeiemorgen. Nee, dat is niks voor mij.

In ons dorpje is het dan wel rustig, maar het leven is er zeker niet makkelijk. Een winkel heb je er niet, dus rijden we naar een vrouw een eindje verderop. Zij heeft twee zoons van een jaar of tien, dertien, en vijf koeien. Een sterke vrouw. Haar vader was boer, een eigenzinnig type. Haar man is een paar jaar terug in het riviertje verdronken. Gewoon verdronken. Maar ja, de mensen daar, ze…’

Hij tikt tegen zijn keel. Ze drinken, begrijp ik.

‘En het zijn oudgelovigen, die geloven op een andere manier. Ze zijn een beetje vreemd, als ze een kruis slaan steken ze bijvoorbeeld twee vingers op.

Het leven daar is aan de enge kant. Boodschappen doen gaat niet bijvoorbeeld, en zaaien doen we al een paar jaar niet meer. We nemen alles mee in de auto, want de bus is ook gestopt met rijden. Maar ja, dan zit je daar met al dat eten dat je maar beter meteen kunt opeten, want om de haverklap valt de elektriciteit uit. En waar ga je dan naartoe, als ineens het licht uitvalt? En al je boodschappen bederven in de koelkast? Precies, nergens heen. Alleen maar lege huizen. In de dikke balken van ons huis wonen vleermuizen, ‘s nachts vliegen ze je om de oren, gewoon binnen, in het huis. Dat is natuurlijk ook aan de enge kant.

Het huis verkopen gaat niet, niemand die het koopt. Dus aan het eind van deze zomer trekken we gewoon de deur achter ons dicht, en dat was het dan. Dan doen we voor het laatst het licht uit, als dat tenminste niet toch al uitgevallen is.’

 

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en portretteert voor Tirade mensen die ze ontmoet.

"Foto van Eline Helmer"
Eline Helmer

Eline Helmer (1993) begon na een BA Antropologie (University College Utrecht) en MSc Russische en Oost-Europese Studies (University of Oxford) in 2017 aan een PhD (University College Londen). Ze woont en werkt sinds 2015 in Rusland; eerst één jaar in Pskov, daarna in Sint-Petersburg en ze portretteerde voor Tirade mensen die ze ontmoet.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Dingen kwijtraken

    Dingen kwijtraken

    Naast een strekkende meter fotoalbums bleek er niet zo veel van emotionele waarde te zitten tussen de spullen van mijn ouders. Ik werkte bij het uitruimen van hun huis met twee stapels, waarbij de stapel mee naar Amsterdam na elke heroverweging kromp. Na hun meubels verdwenen alle boeken, platen, interieurprulletjes en kunstigheden die me niet...
    Lees verder
  • Afbeelding bij 'Met een nog net coherent

    'Met een nog net coherent "goedenavond" eindigen,  dat is een ongeschreven wet'* – Over het café

    De encyclopedie van het geluk 27 In een café rijg je drankjes aan elkaar. Bij Carmiggelt klinkt het zo: ‘de boekhouder zet ‘m elke dag dionysisch op, vult de delicate schemer van de kroeg met zijn schelle stem en wordt alleen geduld omdat hij zo’n goed klantje is. Hij begint altijd met een pilsje. De...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Er geen vrij voor nemen

    Er geen vrij voor nemen

    Sinds deze week zit ik in ronde zes van de roman waaraan ik in 2024 begon. De eerste anderhalf jaar gingen op aan het schrijven van de grote lijn: twee levens moesten worden vastgelegd, elk met een eigen begin. Er moest hoop zijn voor mijn opgroeiende personages, maar ook best wat tegenslag. Mijn wens was...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Lodewijk Verduin"
    Lodewijk Verduin

    Lodewijk Verduin (1994) studeerde Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam. Hij schrijft over literatuur en is redacteur van Tirade.

  • "Foto van Milo van Bokkum"
    Milo van Bokkum

    Milo van Bokkum (Amsterdam, 1994)  is economieverslaggever bij NRC.

  • "Foto van Roos van Rijswijk"
    Roos van Rijswijk

    Roos van Rijswijk is redacteur van Tirade. Ze publiceerde proza in diverse tijdschriften en de roman Onheilig (Querido, 2016).