Meer der herinnering

Nu ik mag meedoen aan een project van Douwe Draaisma over vergeten & herinneren schoot me een ontmoeting met Rudy Kousbroek te binnen, die er als geen ander over heeft geschreven. Niets droeviger, dan precies de weg weten in een huis dat niet meer bestaat, merkte hij bij voorbeeld ooit op.

Nu die ontmoeting. Kousbroek zou voorlezen in een radioprogramma dat ik presenteerde. Maar hij gedroeg zich na binnenkomst hoogst merkwaardig. Bijna of ik hem niet zou gaan aankondigen maar van plan was om zijn papieren te stelen. Maar toen na enige tijd mijn naam viel keek hij me verbaasd aan en zei: ‘O, ben jij het!’ Misschien herinnerde hij zich dat ik wel eens bij hem op bezoek was geweest. Veel later hoorde ik van zijn uitgeefster dat dit hem wel vaker overkwam: Kousbroek vergat makkelijk gezichten. Makkelijker dan huizen.

Op internet beschrijft Rutger Cornets de Groot een ontmoeting met Kousbroek als volgt: “Wat ik me vooral van die avond herinner is dat hij zich bij het weggaan – we gingen in de buurt naar een    Indisch restaurant – bij de deur omdraaide en de kamer nog eens inkeek, alsof hij die in zijn herinnering wilde bewaren. Kennelijk zag hij na een uur al kans om ook een eenvoudige kamer toe te voegen aan dat ‘meer der herinnering’ waar hij zo graag in verwijlde.”

In de Oorshop

Gertrude Stein

Er bestaat een verhaal van Gertrude Stein waarin een zoon zijn vader aan diens haren door het stof sleept. Tenminste, dat herinnerde ik me. Maar waar stond het? Gertrude Stein bleek onvindbaar, in de kast vond ik wel – verscholen achter andere boeken – een werk van de Amerikaanse journaliste Janet Malcolm over haar. Lang geleden heb ik bijna alle boeken van Gertrude Stein gelezen, omdat ik zo onder de indruk was van haar stijl. En toen kwam ‘The making of Americans’ toch tevoorschijn. Ik las het begin en voelde me als mijn neef die na lange tijd de beer van zijn jeugd terugvond en uitriep: ‘Jongen, waar heb jij al die tijd gezeten!’

‘It happens very often that a man has it in him, that a man does something, that he does it very often that he does many things, when he is a young man when he is an old man, when he is an older man. One of such of these kind of them had a little boy and this one, the little son wanted to make a collection of butterflies and beetles and it was all exciting to him and it was all arranged then and then the father said to the son you are certain this is not a cruel thing that you are wanting to be doing, killing things to make collections of them, and the son was very disturbed then and they talked about it together the two of them and more and more they talked about it then and then at last the boy was convinced it was a cruel thing and he said he would not do it and his father said the little boy was a noble boy to give up pleasure when it was a cruel one.

The boy went to bed then and then the father when he got up in the early morning saw a wonderfully beautiful moth in the room and he caught him and he killed him and he pinned him and he woke up his son then and showed it to him and he said to him see what a good father I am to have caught and killed this one, the boy was all mixed up inside him and then he said he would go on with his collecting and that was all there was then of discussing and this is a little description of something that happened once and it is very interesting.’

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

They fuck you up

Voor de radio interviewde ik Julia Blackburn, over haar familiekroniek The three of us. Een paar keer dacht ik daarbij aan dit gedicht van Philip Larkin:

They fuck you up, your mum and dad.
They may not mean to, but they do.

They fill you with the faults they had
And add some extra, just for you.

But they were fucked up in their turn
By fools in old style hats and coats,

Who half the time were soppy stern
And half at one another’s throats.

Man hands on misery to man.
It deepens like a coastal shelf.

Get out as early as you can,
And don’t have any kids yourself.

Julia Blackburn schrijft over een vader die Victoriaans werd opgevoed, zwaar aan de drank raakte en daarnaast ook nog eens pillen slikte in een hoeveelheid die zijn levensvreugde nog meer deed slinken. En over een moeder die voortdurend jaloers was op haar dochter en dat niet onder stoelen of banken stak. Toch slaagt ze er in deze gekken liefdevol te portretteren. Ze besefte dat ze eerst hen moest vergeven voor ze met zichzelf in het reine kon komen. Dat is Larkin nooit gelukt.

Kussenlava

Kleine merel, onder het kussenlava,
boven de ijsgroene gletscher,

wat denk je? moet ik terug naar
de universiteit of niet?

(vrij naar Lewis Hyde)

Maeve Brennan

Maeve Brennan schreef onvergetelijk mooie stukken voor The New Yorker totdat ze onderging in die stad en van troosteloos hotel naar troosteloos hotel zwierf. Een van haar verhalen speelt zich af op een zondagochtend. Door een verlaten straat trekt een christelijke fanfare, door bijna niemand gadegeslagen.

Vanochtend dacht ik aan dat verhaal, en aan Maeve Brennan, toen ik in alle vroegte door een uitgestorven Amsterdamse buurt wandelde en opeens klassieke muziek hoorde. Er fietste een bejaarde man langs die een recorder in zijn rugzak had zitten. Met zijn linkerhand dirigeerde hij zichzelf naar het centrum van de stad.

Charles Reznikoff

Een van de dichters die mij vergezellen is Charles Reznikoff. Ik weet van zijn bestaan dankzij Paul Auster. Hem vertelde ik eens dat ik de poëzie van Raymond Carver goed vond, zo helder, zo eenvoudig. Of zoals Carver het zelf ooit uitdrukte.

It’s simple?
It’s that simple.

Auster was het niet met me eens. Hij deelde mijn verlangen naar een helderheid die zo helder is dat je niet meer weet waar je moet kijken, maar hij vond een andere Amerikaanse dichter wat dat betreft veel beter dan Carver: Charles Reznikoff. Ik heb zijn verzameld werk gekocht, en het essay gelezen dat Auster over hem schreef. Hij had gelijk. Die uitspraak van Carver gaat over het werk van Reznikoff.

It’s simple?
It’s that simple.

Still much to read, but too late.
I turn out the light.

The leaves of the tree are green
beside the street-lamp;

the wind hardly blows and the tree
makes no noise.

Tomorrow up early,
the crowded street-car, the factory.

(Charles Reznikoff)

Meer blogs

  • Afbeelding bij DE MENS ALS BIOPIC 10 Soekarno

    DE MENS ALS BIOPIC 10 Soekarno

    Jochies waren we, op een lagere school in Amsterdam Noord. Nu staan we op een filmset achter het Tropenmuseum. Hans Hylkema regisseert er de televisiefilm Soekarno Blues. Ik schreef samen met hem het scenario en mag hier even figureren als particulier secretaris van koningin Juliana. Vanuit het Oosterpark zwaait de president van Indonesië naar ons....
    Lees verder
  • Afbeelding bij Dit feestje

    Dit feestje

    Na haar repetitie bij Orkater at vriendin M met mijn gezin mee. Sommige mensen kunnen na een hectische dag in je huishouden binnenkomen en daar iets lichts toevoegen, aandacht brengen in plaats van vragen. Vriendin M is zo iemand. Ik had saoto gemaakt op verzoek van de kinderen; we aten en daarna vroeg M of...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Tafel voor twee

    Tafel voor twee

    Omdat ik in mijn eentje in Parijs was en tussen het werk door ook moest eten, besloot ik naar restaurants te gaan die me door een kennis waren aangeraden. In de toeristische steden moet je op tijd zijn; wacht je te lang dan worden die fijne zaakjes erg druk of erg duur of allebei. Reserveren...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • Foto van Jasmijn Kenselaar
    Jasmijn Kenselaar

    Jasmijn Kenselaar studeert in de zomer van 2025 af als toneel- en filmschrijver. Het samenbrengen van mensen en het aanbieden van nieuwe perspectieven kenmerken haar signatuur. Ze schrijft veel voor en over jongeren en plaatst haar verhalen vaak in werelden die een beetje – of heel erg – verschillen van de onze. Haar eindwerk De Ongewilden is een komische, sciencefiction-dramafilm over een zestienjarige wees die zich staande probeert te houden in een wereld die niet voor haar gemaakt is. Haar afstudeerscriptie As if! is een praktijkgericht onderzoek naar hoe schrijftechnieken kunnen worden ingezet om films en series te creeëren met een positieve impact op tieners. Voor afstuderend regisseur Julija Filipović schreef ze daarnaast De Golven – een vrije bewerking van de gelijknamige roman van Virginia Woolf. Haar korte film GENIUS is in juni 2025 te zien tijdens het Rotterdams Open Doek Filmfestival.

  • Foto van Thom Wijenberg
    Thom Wijenberg

    Thom Wijenberg (1996) schrijft poëzie en proza. Hij werkt als redacteur en programmamaker en studeert aan de Schrijversvakschool. Zijn werk verscheen onder andere op Notulen van het Onzichtbare, Tijdschrift Ei en in de Seizoenszine.

    Auteursfoto: Gaby Jongenelen

  • Foto van Ida Blom
    Ida Blom

    Ida Blom schrijft proza en essays. Haar werk verscheen op papieren helden.