They fuck you up

Voor de radio interviewde ik Julia Blackburn, over haar familiekroniek The three of us. Een paar keer dacht ik daarbij aan dit gedicht van Philip Larkin:

They fuck you up, your mum and dad.
They may not mean to, but they do.

They fill you with the faults they had
And add some extra, just for you.

But they were fucked up in their turn
By fools in old style hats and coats,

Who half the time were soppy stern
And half at one another’s throats.

Man hands on misery to man.
It deepens like a coastal shelf.

Get out as early as you can,
And don’t have any kids yourself.

Julia Blackburn schrijft over een vader die Victoriaans werd opgevoed, zwaar aan de drank raakte en daarnaast ook nog eens pillen slikte in een hoeveelheid die zijn levensvreugde nog meer deed slinken. En over een moeder die voortdurend jaloers was op haar dochter en dat niet onder stoelen of banken stak. Toch slaagt ze er in deze gekken liefdevol te portretteren. Ze besefte dat ze eerst hen moest vergeven voor ze met zichzelf in het reine kon komen. Dat is Larkin nooit gelukt.

In de Oorshop

Kussenlava

Kleine merel, onder het kussenlava,
boven de ijsgroene gletscher,

wat denk je? moet ik terug naar
de universiteit of niet?

(vrij naar Lewis Hyde)

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Maeve Brennan

Maeve Brennan schreef onvergetelijk mooie stukken voor The New Yorker totdat ze onderging in die stad en van troosteloos hotel naar troosteloos hotel zwierf. Een van haar verhalen speelt zich af op een zondagochtend. Door een verlaten straat trekt een christelijke fanfare, door bijna niemand gadegeslagen.

Vanochtend dacht ik aan dat verhaal, en aan Maeve Brennan, toen ik in alle vroegte door een uitgestorven Amsterdamse buurt wandelde en opeens klassieke muziek hoorde. Er fietste een bejaarde man langs die een recorder in zijn rugzak had zitten. Met zijn linkerhand dirigeerde hij zichzelf naar het centrum van de stad.

Charles Reznikoff

Een van de dichters die mij vergezellen is Charles Reznikoff. Ik weet van zijn bestaan dankzij Paul Auster. Hem vertelde ik eens dat ik de poëzie van Raymond Carver goed vond, zo helder, zo eenvoudig. Of zoals Carver het zelf ooit uitdrukte.

It’s simple?
It’s that simple.

Auster was het niet met me eens. Hij deelde mijn verlangen naar een helderheid die zo helder is dat je niet meer weet waar je moet kijken, maar hij vond een andere Amerikaanse dichter wat dat betreft veel beter dan Carver: Charles Reznikoff. Ik heb zijn verzameld werk gekocht, en het essay gelezen dat Auster over hem schreef. Hij had gelijk. Die uitspraak van Carver gaat over het werk van Reznikoff.

It’s simple?
It’s that simple.

Still much to read, but too late.
I turn out the light.

The leaves of the tree are green
beside the street-lamp;

the wind hardly blows and the tree
makes no noise.

Tomorrow up early,
the crowded street-car, the factory.

(Charles Reznikoff)

Het rode licht

Ben je een bezoeker,
vroeg de hond.

Ja, antwoordde ik.
Slechts een bezoeker,

vroeg de hond.
Ja, antwoordde ik.

Neem me mee,
zei de hond.

K.L. Poll was een van de beste literaire tijdschriftredacteuren die Nederland gekend heeft. Al was het maar omdat hij gedichten afdrukte die nog niet helemaal goed waren maar waarin het vuur toch smeulde. Al was het maar omdat hij eens een half nummer van zijn blad reserveerde voor de gedichten van Kees Ouwens. Poll kreeg eens een tekst toegestuurd die we nu allemaal kennen: Wacht tot het rode licht gedoofd is. Er kan nog een trein komen. De tekst was ingestuurd als gedicht. En terecht. Het gaat je duizelen.
Net zo vergaat het me als ik bovenstaand gedicht van Robert Lax lees, over de hond.Alsof ik lang naar helder water kijk, tot het me zwart wordt voor de ogen.

Vader

Ik weet niet waarom, misschien omdat ik ouder word – ik zie steeds slechter, dat zal het zijn. Hoe dan ook: het overkomt me steeds vaker dat ik in de grote stad waar ik woon – ook in buitenwijken – opeens een man zie lopen die op mijn vader lijkt. Vroeger was dat niet zo:

De jas

Maar eerst is er een oude jas. Nu hangt hij
aan de kapstok, binnenkort wordt hij
verbannen naar het hok.

En eerst is er een avond waarop ik aarzel
naar buiten te gaan. Buiten is het koud.
In gedachten trek ik voor het eerst

die oude jas aan. Ik ben alleen op straat.
Wie had dat durven hopen. Ik kijk
in de ruiten en zie

voor het eerst mijn vader in deze stad lopen.
‘Waar ga je heen?’ ‘Nergens heen.’
‘Dan gaan we dezelfde kant op.’

Meer blogs

  • Afbeelding bij Onder de moede blaren - over het bos

    Onder de moede blaren - over het bos

    De encyclopedie van het geluk 31 Het is warm en ik verlang intens naar de koelte van het bos. Ik ben opgegroeid op de scheidslijn tussen bos en veld dus je kon altijd beide kanten uit, maar ik zat van jongs af aan het meest in het bos. Zoals je in een oceaan op een...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Veerkracht

    Veerkracht

    Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen

    Verlangen naar wat ongedaan bleef – de kunst van het nietsdoen

    De encyclopedie van het geluk 30 Na 55 jaar ben ik er nog steeds niet achter of ik lui ben of niet. Op school spijbelde ik veel. Maar spijbelen is nog steeds en probaat middel om dingen gedaan te krijgen: spijbel van je administratie en de afwasmachine wordt ingeladen. Spijbel van het opruimen en je...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Menno Hartman"
    Menno Hartman

    Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

  • "Foto van Kevin Headley"
    Kevin Headley

    Kevin Headley (1983) is een Surinaamse documentairemaker, journalist en schrijver. Sinds een aantal jaar schrijft hij ook korte verhalen, welke onder andere gepubliceerd zijn in de Surinaamse krant de Ware Tijd, het opinieblad Parbode, het online literair tijdschrift Papieren Helden, het tijdschrift Wobby en Tirade. Kevin heeft ook de speciale uitgave van Tirade PRAKSERI met alleen Surinaamse verhalen samengesteld. Tweewekelijks leren we door zijn ogen verschillende aspecten kennen van Suriname.

  • "Foto van Ida Hondelink"
    Ida Hondelink

    Ida Hondelink is schrijver en performer. Ze studeert momenteel af aan de studie Writing For Performance aan de HKU. Reeds is ze actief als dichter en essayist op verschillende platforms en podia, waaronder Notulen van het Onzichtbare, Hard//hoofd, Dichters in de Prinsentuin, de U-Slam en de Nacht van de Literatuur. Haar werk is fantasierijk, maatschappijkritisch en heeft doorgaans een poëtische ondertoon.
    (portret: Lin Woldendorp)