Station

Op het perron van station Hilversum-Noord zat een man met een laptop op schoot.  Op die laptop keek hij naar de beelden die een camera – even verderop – voor hem opnam.  Weer verder pufte een generator die de apparatuur van stroom voorzag. Te laat – ik zat al in de trein – bedacht ik dat ik eigenlijk een filmpje had moeten maken van het tafereel. Of beter nog: eigenlijk zou ik elke dag een verslagje moeten maken van een alledaagse gebeurtenis anno 2010 met zo’n surrealistische omlijsting. Want laten we eerlijk zijn: het zag er heel gewoon uit, maar wat deed die man daar eigenlijk? En – mijn fantasie sloeg nu op hol – stel je voor dat mijn collectie ooit, over honderd jaar, zou worden gevonden en dat iemand dan een film zou gaan maken over de man die dit alles had vastgelegd…. Zo breng ik het liefst mijn dagen door.

In de Oorshop

Anne Carson

Op weg naar de lagere school zag ik hem soms. Ik stapte dan af. Gradus, die niet helemaal goed bij zijn hoofd was, zoals ze zeiden, en die niet sprak maar grommende geluiden maakte als hij iets wilde, Gradus zat meestal binnen, in een hoek van de kleine boerderij. Hij vertoonde zich alleen buiten als zijn moeder of zijn broer hem hadden bevolen een emmer water te gaan halen. Als ik hem buiten zag stapte ik af omdat Gradus de gewoonte had achteruit te lopen. Hij struikelde nooit, vergat nooit de drempel. Veel later las ik een korte tekst van de Canadese schrijfster Anne Carson waarin ze vertelt dat zij van haar moeder niet achteruit mocht lopen, de doden doen dat namelijk.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Klooster

Onder mijn huis liggen de restanten van een klooster. Vanochtend stond ik daar bij stil toen ik in alle vroegte door de hal van het complex liep, het leek alsof ik door een zonovergoten kloostergang wandelde. In geen eeuwen had hier iemand gelopen. Ik moest denken aan een regel die ik gisteren terugvond, ooit opgescheven, geen idee waarom…maar de regel correspondeerde op een wonderlijke manier met de stemming waarin ik vanochtend verkeerde: eens in de zes weken wordt er een bladzij omgeslagen.

Meneer Klaassen plukt appels


Ze zeggen dat je na je zestigste niet meer
op een ladder moet gaan staan.
Ik herinner me dat als ik

hem in zijn boomgaard zie.
Zesenzeventig.

Als hij valt – moet ik dan zijn val
breken met mijn rug,
hem opvangen

in de kruiwagen?

Volgend jaar zouden de appels blijven liggen.
Gaan rotten – en niemand zou in de herfst
het kraken van de bomen horen.

Het kruiwagenwiel draait een slag.
Er wordt niet veel gezegd.

(vrij naar Tom Warner)

p.s.


Toen ik het gedicht las moest ik denken aan een film van de Engelse kunstenaar Tacitia Dean. Ze was ingehuurd om een werk te maken over W.G. Sebald, het werd een film over de dichter en vertaler Michael Hamburger, Sebald beschrijft een ontmoeting met hem in een hoofdstuk van de De ringen van Saturnus. In haar film concentreert Deanzich op Hamburgers liefde voor appels. Hij heeft een boomgaard. Als hij over zijn appels praat heeft hij het eigenlijk over poezie.

Executie

Ibrahim Ag Alhabib was op jonge leeftijd getuige van de executie van zijn vader. Kort daarna bouwde hij een gitaar van een blik, een plank en een remkabel en ging trillende snaarmuziek maken.

Empathie


Primatoloog Frans de Waal vertelt in zijn laatste boek Een tijd voor empathie over een kat die in een tehuis voor oude mensen leefde, het dier had de gewoonte om soms ’s avonds op het bed van een van de bejaarden te gaan liggen. Op een dag had een medewerker door dat er een patroon was: de kat sloop naar de kamers van mensen die kort daarna stierven – hij voelde dat aankomen. Frans de Waal vertelt dat het geen sprookje is, het is onderzocht. Toen ik het verhaal las moest ik denken aan de olifanten van circus Renz. Toen de eigenaar en zijn vrouw tragisch aan hun einde waren gekomen hebben circusmedewerkers even overwogen om de olifanten ook in de piste toe te laten waar afscheid werd genomen, om daar vervolgens van af te zien. Het zou gevaarlijk zijn geweest om de dieren in de nabijheid van de kisten te laten komen. ‘Ze worden te emotioneel’, zei een circusman, ‘en de kans bestaat dat ze de hele tent slopen van verdriet’. Onlangs maakte ik mee dat mijn kat ’s ochtends naar beneden kwam. Midden in de kamer ging liggen, z’n urine liet lopen, en toen wegkroop; het leek wel alsof z’n achterlijf was verlamd. Nu moest een van ons die dag naar het ziekenhuis en waren we gespannen. Ja, de spanning viel te snijden. De dierenarts legde me later uit dat de kat die stress had gevoeld. Maar of het verhaal over de kat en de oude mensen waar is, weet ik intussen niet meer. Iemand vertelde me namelijk dat het ook een broodje aap kan zijn, op internet schijnt het verhaal in varianten rond te spoken. En de waarheid zou zijn dat die mensen al zeer ziek waren en dat hun kamers daarom extra werden verwarmd en dat die kat dat aangenaam vond.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Lezers

    Lezers

    ‘Ja,’ zei W in het kleine café waar we zaten om een boekje te bespreken dat ik voor haar uitgeverij gemaakt heb. ‘We gaan natuurlijk ten onder met dat hele boekenvak, maar laten we dat dan wél feestelijk doen.’ We nipten van een glaasje crémant terwijl ik bedacht wat een geluk het was om op...
    Lees verder
  • tirade blog Menno Hartman

    Blauwbehoefte

    Larousse 25 Een ergerniswekkende beperking in mijn voorstellingsvermogen: hoewel ik sinds ik ooit voor het eerst met een vliegtuig boven het wolkendek raakte, weet dat daar blauwe lucht is, kan ik voor mijn welbevinden geen gebruik maken van die kennis. Met andere woorden: onder sombere wolkenluchten somber ik. Terwijl ik weet dat het maar een...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Humor

    Humor

    Toen onze zoon geboren werd, toen ze hem in mijn armen legden, gebeurde er iets onverwachts. Zijn verbijsterde gezichtje kwam mij als dat van een totale vreemde voor. Ondanks de waarschuwing van een vriend die eerder dan ik vader was geworden, was ik van een onmiddellijke lichamelijke herkenning uitgegaan, maar hier was een hele nieuwe...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • Foto van Anna op de Weegh
    Anna op de Weegh

    Anna op de Weegh schrijft experimenteel theater over honger, onhoudbare transformatie en de (her)ontdekking van een lichaam. Haar teksten zijn vlezig, tactiel en poëtisch. In de afgelopen vier jaar werkte ze o.a. als dramaturg, liep ze stage bij Theater Utrecht als regieassistent voor de voorstelling Panic Room en zette ze samen met Maggie Thedinga het tweekoppige collectief Disgusted & Horny op.

  • Foto van Mira Aluç
    Mira Aluç

    Mira Aluç (1993) schrijft korte verhalen en beschouwingen. Haar werk is sinds 2015 onder andere verschenen op Mister Motley, in Streven, De Revisor en De Gids en werd meermaals gepubliceerd op DIG (De Internet Gids) en in Tirade. In 2020 werd haar verhaal Backspace opgenomen in Rebel, Rebel, de bundel van Uitgeverij Prometheus ter gelegenheid van de Boekenweek. Ook maakte zij de podcast Balkon voor Sprekende Letteren.

  • Foto van Jan Lodewijckx
    Jan Lodewijckx

    Jan Lodewijckx (1990) had het wel even gehad op kantoor. Hij kocht een zware fiets en een kleine tent en zegde zijn werk op en zijn appartement.