In de Oorshop

KAMPIOE

Nog niet zo lang geleden was media in het Nederlands een meervoud. Net als in het Latijn. Eén medium, twee media. Maar de laatste jaren zien steeds meer sprekers in het meervoud een enkelvoud. En dus is er een nieuw meervoud ontstaan. De media zegt, de media’s zeggen. Hetzelfde gebeurt met podium. Eén podia, twee podia’s. Het verschijnsel is niet nieuw. Spoorbielzen is nu het meervoud van spoorbiels. Maar biels was een eeuw geleden nog het meervoud van biel. Schoenen is nu het meervoud van schoen, maar schoen was in de middeleeuwen nog het meervoud van schoe. Eén schoe, twee schoen. In het Duits (Schuh) en het Engels (shoe) is die oude enkelvoudvorm wel bewaard. In het Nederlands niet. Liedtekstdichter Johnny Hoes (geen meervoud) zal er blij mee zijn. Op een slof en een oude voetbalschoe – vind daar maar eens een lekker rijmwoord op. Op een voetbalschoe was Ajax hooguit kampioe geworden.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

MIJN UITSTOOT

Ik heb een kleine platte rekenmachine. Het is een Casio HS-4A, ooit gekregen van de groenteboer, in ruil voor twintig bij elkaar gespaarde en volgeplakte zegelboekjes. Het was volgens de groenteboer een heel mooi machientje, want hij werkte op zonlicht. “Geen batterijen! Dus: altijd lekker goedkoop! En dus ook: goed voor het milieu!”

Ik zou graag willen denken dat ik nu voor altijd en eeuwig gratis kan rekenen met mijn rekenmachine met zijn vier zonneraampjes. Een gezellig rekenhuisje is het eigenlijk. Hij ligt de hele dag in de vensterbank, zo dicht mogelijk bij de zon, lekker energie te laden. Maar soms is het donker. Ik wil iets vermenigvuldigen, of ergens een mooie wortel uit trekken, ik pak mijn rekenhuisje – maar dan is er niemand thuis. Alle minirekenrobotjes die in het huisje wonen, zijn in diepe slaap gevallen en worden uit zichzelf niet meer wakker.

Dan knip ik in arren moede maar de elektrische lamp aan en leg het huisje eronder, met de raampjes naar boven, zodat er wat elektrisch kunstzonlicht door naar binnen valt. En dan wacht ik tot de robotjes wakker worden en weer nijver aan het rekenen slaan. Dat doen ze altijd. Ik vind het een mooi systeem: een oude elektrische gloeilamp levert kunstzonne-energie. Maar zo is het vast nooit bedoeld door de uitstootreductiepolitie.

Als ik de dikke witte stoomkolom van de elektriciteitscentrale aan het andere einde van de stad op windstille dagen weer kalm loodrecht uit de schoorstenen omhoog zie stijgen tegen de blauwe lucht, weet ik: daar gaat nu ook de uitstoot voor mijn zonnerekenmachine de lucht in. En dat alleen maar omdat ik geen zin heb om het zelf uit te rekenen, op pen en papier of met het blote hoofd.

MIJN VERSLAVINGEN

Eerst was het de geur van vers gemalen koffie.

Toen die van tabak in het vers geopende pakje shag.

Nu beweeg ik eenmaal daags het gietijzeren opvangbakje van de potloodslijpmolen, gevuld met vers potloodslijpsel, onder mijn neus heen en weer. Ogen dicht.

SAMEN OP WEG

“Hee, ben je dood of zo?”

(Amsterdam, voor het stoplicht, de ene weggebruiker tegen de andere, ongeduldig, het licht is net van rood op groen gesprongen)

FRIKADELVERKRACHTING

De drie jongens uit Augustinusga (Friesland) zijn nu toch vrijgesproken van een verkrachting met een bevroren frikadel, in 2006. “Hoewel volgens de raadsheren in het algemeen het anaal inbrengen van een bevroren frikadel een seksuele lading heeft, ontbreekt die strekking in dit geval”, aldus de advocaat van een van de verdachten. Ik heb het gisteravond ook even bij mezelf geprobeerd (onderzoeksjournalistiek) en ik kan inmiddels aan de overwegingen van de rechtsgeleerde toevoegen dat ook in dit geval, gisteravond dus, “die strekking” ontbrak en zich ook niet alsnog in enigerlei vorm aandiende. Voor een juiste waardering van het onderzoek moet ik erbij zeggen dat ik geen liefhebber van deze snack ben, ook niet oraal, ook niet in ontdooide toestand.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Lezers

    Lezers

    ‘Ja,’ zei W in het kleine café waar we zaten om een boekje te bespreken dat ik voor haar uitgeverij gemaakt heb. ‘We gaan natuurlijk ten onder met dat hele boekenvak, maar laten we dat dan wél feestelijk doen.’ We nipten van een glaasje crémant terwijl ik bedacht wat een geluk het was om op...
    Lees verder
  • tirade blog Menno Hartman

    Blauwbehoefte

    Larousse 25 Een ergerniswekkende beperking in mijn voorstellingsvermogen: hoewel ik sinds ik ooit voor het eerst met een vliegtuig boven het wolkendek raakte, weet dat daar blauwe lucht is, kan ik voor mijn welbevinden geen gebruik maken van die kennis. Met andere woorden: onder sombere wolkenluchten somber ik. Terwijl ik weet dat het maar een...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Humor

    Humor

    Toen onze zoon geboren werd, toen ze hem in mijn armen legden, gebeurde er iets onverwachts. Zijn verbijsterde gezichtje kwam mij als dat van een totale vreemde voor. Ondanks de waarschuwing van een vriend die eerder dan ik vader was geworden, was ik van een onmiddellijke lichamelijke herkenning uitgegaan, maar hier was een hele nieuwe...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • Foto van Marian van der Pluijm
    Marian van der Pluijm

    Marian van der Pluijm (1997) is historica. Momenteel woont ze in Boedapest, waar ze Hongaarse Taal en Cultuur studeert. Voor VPRO-radioprogramma OVT maakte zij een documentaire over de Hongaarse dichter Miklós Radnóti. Zondag 7 november werd de documentaire uitgezonden op NPO Radio 1.

  • Foto van Kevin Headley
    Kevin Headley

    Kevin Headley (1983) is een Surinaamse documentairemaker, journalist en schrijver. Sinds een aantal jaar schrijft hij ook korte verhalen, welke onder andere gepubliceerd zijn in de Surinaamse krant de Ware Tijd, het opinieblad Parbode, het online literair tijdschrift Papieren Helden, het tijdschrift Wobby en Tirade. Kevin heeft ook de speciale uitgave van Tirade PRAKSERI met alleen Surinaamse verhalen samengesteld. Tweewekelijks leren we door zijn ogen verschillende aspecten kennen van Suriname.

  • Foto van Jos Versteegen
    Jos Versteegen

    Jos Versteegen (1956) schreef zeven dichtbundels, waarin hij zich vooral liet inspireren door zijn familie en zijn jeugd in Limburg. Voor zijn debuutbundel werd hij genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs. Zijn meest recente bundel is Woon ik hier, met herinneringen van oude mensen. In 2016 publiceerde hij zijn vertaling van de Duitse gedichten die Hans Keilson in 1944 in de onderduik schreef voor een geliefde: Sonnetten voor Hanna. Jos Versteegen werkt sinds begin 2017 aan de biografie van Hans Keilson.