In Tirade 487 een veelheid aan poëtische stemmen, van gelauwerde dichters als Ad Zuiderent en Delphine Lecompte, tot Tirade-bekenden als Rogier de Jong en Lars Ruben. En natuurlijk ook veel beginnende dichters: Joshua Snijders, Sasha Popowycz, Ka(a)te Dejonckheere en Senna Felius. Verder een verhaal van Omar Ghaly over een ontmoeting met een fabeldier bijvoorbeeld. En in het verhaal van Liesbeth Immink treffen we een iets alledaagser beest aan: de mol. In de kantoortuin waar Pieter Kranenborgs verhaal zich afspeelt, leven weer andere wezens. Kees Verheul geeft een rondleiding door een roman in aanbouw, Sander Kollaard schreef een essay over De jaren van Virginia Woolf, en onze eigen Lodewijk Verduin brengt een saluut aan de betreurde Jan Fontijn. De illustraties zijn van de hand van Iris Lam.
Nr. 487, 2022 |
Lees de Tirade Blog

Winterslaap
Ik heb nog nooit zo uitgezien naar de lente. Elke ochtend is als opstaan uit het graf – alsof ik me diep onder de grond bevind en me aan de randen van een koude kuil moet ophijsen. Dit mag geen gotische vertelling worden; wat ik bedoel is dat ik de hele tijd moe ben. Ook...
Lees verder
Ballen
Dit is de eerste keer in vijftien jaar dat ik ga zeuren in een column, maar als een grote groep mensen in deze samenleving zich chronisch misdraagt, dan moeten we daar toch echt iets mee. Ik zeg dit niet om mijn gram te halen of anderen te kwetsen; ik zeg het omdat het gedrag van...
Lees verder
Jonge mensen
Voordat ik achter de bar begon te werken bij Café De Druif wist ik dat het personeel een stuk jonger zou zijn dan ik. Ik maakte me daar geen zorgen over, omdat er in mijn eigen vriendenkring ook een paar twintigers zaten – de communicatie met hen was nooit problematisch. Ik had er alleen niet...
Lees verder
Blog archief
- 2026



























