Confucius ontmoeten door een goed boek

Uw woensdagblogger in de Nanjing Confucius tempel

Elias Canetti schrijft: ‘De Gesprekken van Confucius zijn het oudste volkomen intellectuele en geestelijke portret van een mens. Op mij komt het over als een modern boek.’  De sinoloog Simon Leys meldt dat het ‘de enig plek is waar we de echte levende Confucius kunnen ontmoeten.’

Die ontmoeting wenste ik wel, maar ik was zo’n 2500 jaar te laat. Nu wordt dat makkelijker, met de vertaling van De gesprekken door de Nederlandse Kristofer Schipper: Confucius. De gesprekken. Gevolgd door Het leven van Confucius door Sima Qian (ca. 145-86 v. Chr.) vertaald en toegelicht door Kristofer Schipper. Atlas Contact 2014. (Zie ook Wim Brands in gesprek met Schipper)

Simon Leys schrijft verder: ‘In de hele wereldgeschiedenis heeft geen werk een grotere invloed uitgeoefend, over een langere tijdsduur en over een groter aantal mensen dan dit dunne boekje. Met zijn nadruk op de humanistische ethiek en de universele menselijke broederschap heeft het alle landen van Oost Azië geestelijk bezield en is het de hoeksteen geworden van de volkenrijkste en oudste beschaving op aarde.’

Ik kan een extra fascinatie voor een boek hebben wanneer het zo precies en zorgvuldig gemaakt is als dit boek. Uit de toon van alles wat Schipper in voor- en nawerk schrijft spreekt een haast  monastieke zorgvuldigheid die zeer zeldzaam aan het worden is.

Dus ik ga op reis en ik neem mee:

220px-SpeakMemorySpeak, Memory, Vladimir Nabokov voor de Nabokov-leesclub  waarover later meer…

 

 

 

The-Desire-And-Pursuit-Of-The-Whole-Andy-Warhol

The desire & pursuit of the whole,  Frederick Rolfe omdat het geloof ik naast George Gissing, Geerten Meijsings lievelingsschrijver is, en wat een taal!…

 

 

 

24457

The Long Day Wanes: A Malayan Trilogy, Anthony Burgess

 

 

 

AC_SCHIPPER_(confusius)_rug37mm_v08.inddConfucius. De gesprekken…

Want: ‘De meester zei: “Ik heb nog nooit geweigerd iemand te onderwijzen die uit zichzelf al was het maar een beetje droog vlees voor me meebracht.”

De volgende vier weken doet uw woensdagblogger op het Maleis schiereiland nieuwe indrukken op en vraagt zich af of Burgess koloniaal Maleisië goed getroffen heeft en of er iets waarneembaar is van Confucianisme in The Cameron Highlands….

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

In de Oorshop

Meer groeten uit Venetië

‘Godsamme… ben je na anderhalf jaar eindelijk gewend aan ’t blogrooster, komt die luie klootzak van de maandag opeens aankakken op de dinsdag.’
‘Wat een idioot.’
‘Die Martijn is een onbetrouwbare klootzak, dat heb ik altijd al gezegd.’
‘Het is een hufter.’
‘Een paardenlul.’
‘Een arrogante, autoritaire zakkenwasser.’
‘Hij kan ook helemaal niet schrijven.’
‘Hij kan helemaal niks niet! Een grote muil opzetten, dat kan ie. Met z’n vieze lange haar en z’n arrogante smoelwerk en z’n cariës!’
‘Iedereen heeft toch cariës?’
‘Ja, maar bij hem komt ’t door z’n rotte karakter… Wordt ’t tandbederf bij anderen veroorzaakt door de suikers die ze consumeren, bij hem komt het van de leugenachtige, zoete woordjes die langs z’n tanden strijken.’
‘Ze zouden ’m helemaal kapot moeten trappen! Gewoon, om ’m een lesje te leren, die kankerhond.’
‘Goed idee, ik hoorde laatst –’
‘Hé, daar heb je ’m… Tyn!… Wat leuk dat je d’r weer bent! Hoe was je reis?’
‘M’n reis? Ik was gewoon op vakantie, verrekte snob.’
‘Hahaha, meteen weer met z’n kontje tegen de krib, die viespeuk. Het -’
‘Nee, superleuk om weer thuis te zijn. Excuses trouwens dat ik deze week op de dinsdag blog, vanwege de – ’
‘Doe niet zo mal! Daar hoef je je toch helemaal niet voor te verontschuldigen?! Vrijheid blijheid… Wij zeiden net nog tegen elkaar: kunstenaars moet je niet teveel breidelen… die moet je lekker de ruimte geven… gewoon: lekker los. Waar ga je over schrijven?’

Fundamentals

kooi vzMet de vaporetto aankomen bij de Giardini della Biennale. Glinsterende golfjes, in de verte de stad waar je vanavond gaat eten. Het weer en de omgeving zo schunnig mooi dat je je afvraagt over wiens rug je zo geprivilegieerd bent geraakt dat

‘Ja, ja, dank voor je moedige poging tot lyriek… ter zake, vriend.’

Voor wie – net als ik – geen bijzonder groot kenner van de hedendaagse architectuur is, is de tentoonstelling van Rem Koolhaas & assistentie (Elements of architecture) een prachtige introductie. Rustig, toegankelijk-academisch, helder, informatief. Het is een beetje alsof je een bijvak volgt aan de universiteit.

Koolhaas & Co laten zien dat de elementen waaruit gebouwen worden geassembleerd – vloer, muur, raam, helling etc etc – los van elkaar evolueren en dat sowieso alles altijd maar verandert en in verandering blijft.

Je moet je oordelen en verwachtingen voortdurend bijsturen. En dat, in 2014, meer dan ooit.

Bij wijze van aanvulling op Koolhaas’ centrale tentoonstelling tonen zesenzestig landen een voorbeeld van de impact die de ‘moderniteit’ bij hen heeft gehad op de architectuur. Of juist niet heeft gehad. De grappigste landenbijdrage komt… van Duitsland. Serieus. Mocht je nog naar de Biënnale gaan: let op de Mercedes die voor het Duitse paviljoen staat geparkeerd. De fijnste muziek schalt uit het paviljoen van de Roemenen. De NL inzending is helemaal gewijd aan Jaap Bakema en de open samenleving.

De bijdragen/aanvullingen/illustraties/reacties van de landenpaviljoens boeien lang niet allemaal. Het is veel. Het is specialistisch. Het is vaak retorisch.

ragazza vzNatuurlijk is het intimiderend om te zien hoe virtuoos en gecontroleerd veel architecten de artistieke ambities van hun bureau combineren met economische, ideologische en landschappelijke eisen en beperkingen. Maar eerlijk gezegd raak ik bij de opstellingen/presentaties van toegepaste kunsten – architectuur, mode, reclame, grafische vormgeving, productontwerp/design – altijd vrij gauw een tikkeltje gedeprimeerd. Of geïrriteerd.

Toegepaste kunstenaars blijven in de eerste plaats ondernemers. Ze bedrijven Low Art. In de definitie van David Foster Wallace: ‘The sort of art that has to please people in order to get their money.’  Vrije, moderne kunstenaars willen onderzoeken, geven en delen – daarom zijn de meesten ook zo arm.

Het Biënnale terrein is – zoals dat gaat met secluded areas – ook wat verstikkend en steriel. Maar dat geldt voor bijna iedere museale omgeving.

Toen ik, na een bezoek aan het fijne Peggy Guggenheimmuseum, nog wat ronddwaalde in de steegjes achter de huidige kunstacademie van Venetië, fotografeerde ik de staaltjes Street Art die je bij deze blogpost ziet.

Ik kan me voorstellen dat sommige projectontwikkelaars en architecten graffiti en andere guerillakunst beschouwen als een soort visuele hondenpoep op hun verticale stoepjes. Toch maken Street Artists veel mensen die niet of nooit in een museum komen blij met hun werk. Sommige gebouwen worden er onherstelbaar door verbeterd. Zelfs in Venetië.

‘Ben je ook naar het Arsenale geweest?’

‘Ja.’

‘En?’

‘Dramatisch mooie locatie en de Italianen weten daar wat mij betreft wel een paar maatschappelijke haaien te doden. Maar het is erg veel en erg promotioneel. Het mooiste kunstwerk dat ik deze dagen zag, was een schilderij van Bellini, in een kerk op Murano.’

Tirade – zintuiglijk.

Soundtrack: Vivaldi, vioolconcert.

Volgende week: naar de tuin? Of liever naar de bios?

Toegift: een tikkeltje verdwaald raken in die Venetiaanse steegjes en dan op deze muurschildering stuiten:

steeg vz

Nagekomen verantwoording: de Street Art foto bij dit stukje nam ik in 2012 in Lissabon.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Barbie heeft een boek geschreven

Ik koos niet zonder reden voor een beroep waarbij sociaal contact tot een minimum kan worden teruggebracht. Meestal zit je thuis, achter een laptop, en heel, heel zelden is er een borrel, of een feestje, waar je werkelijk niet omheen kunt wanneer je de ambitie hebt de rest van je leven een schrijvend bestaan te leiden. Na zo’n feestje voel ik me zonder uitzondering beroerd. Nog minstens een week lang gaan mijn gedachten iedere stap na die ik op zo’n gelegenheid heb gezet. (Wat lachte ik hard! Wat reageerde ik dom! Ik heb daar-en-daar wel een half uur met een glas wijn in de hoek van de ruimte gestaan!) Kronkels in mijn maag. Wat ik iedere keer tijdens zo’n recapitulatie van mijn jammerlijk sociaal falen moedeloos verzucht: waarom kan ik niet gewoon mezelf zijn? 

Op die momenten dwalen mijn gedachten af naar de serie die ik in het geniep iedere week toegewijd en met een mengeling van hooghartige spot en stekende jaloezie gevolgd had, en dan vooral naar die ene vrouw die op het onbeschaafde af te allen tijde het toonbeeld vormde van dat waar het mij aan ontbrak. Barbie. Was ik maar, zo mijmerde ik met regelmaat, zo karaktervast en onbeschaamd als Barbie… 

Nadat de serie ten einde was gelopen, volgde er een sequel, die ik met minder toewijding volgde, en vervolgens kwamen er een stuk of wat programma’s die volledig om Barbie heen geconcipieerd waren, waar ik me nooit aan heb gewaagd. In mijn hoofd echter bleef ze mijn rots in de branding: een vrouw die ondanks almaar toenemende media-aandacht en de daaraan verbonden vloed aan ongevraagde meningen over haar uiterlijk, haar uitspraken, haar hobby’s, haar gedrag, compromisloos zichzelf bleef. Tot ik ontdekte, en de schrik sloeg me om het hart, dat Barbie een boek heeft geschreven. 

In opperste verwarring informeerde ik mij op het net over dit onverwachte nieuws. Maar dat past toch helemaal niet bij Barbie?? Barbie associëren we met opplakwimpers, met witte lipgloss en nepnagels, met een iets te bruin gezicht en asblond haar, met shotjes tequila en droogneuken in bars – maar toch om de dooie dood niet met een boek?! Is de mij zo innig vertrouwd geraakte Barbie dan toch, rees de angstige vraag, gezwicht onder de sociale druk van haar bekendheid, en heeft haar door mij zo begeerde authenticiteit het afgelegd tegen een wens zich, tegen haar natuurlijke staat van zijn in, te profileren

Gasten die meermaals opduiken in praatprogramma’s op tv zijn ‘zichzelf’, of zijn toch op zijn minst verdomd bekwaam in het spelen van een rol die een zekere authenticiteit uitstraalt. ‘Echte mensen’ is wat we willen zien, en een ‘echt mens’ is wie we willen zijn; iemand die zonder aarzeling of scrupules het risico neemt gehaat of geridiculiseerd te worden, ten bate van die ene heilige aspiratie: authenticiteit, of, zoals de meer esoterisch onderlegden het plegen te formuleren: ‘trouw zijn aan jezelf‘. 

Nu is er sprake van een zekere paradox in deze kwestie, want authenticiteit kan alleen bestaan bij de afwezigheid van iedere vorm van bewustzijn hieromtrent. Dat wil zeggen: wanneer Marc-Marie Huijbregts zich bewust bezig zou houden met het in stand houden van zijn ‘echtheid’ (laten we zeggen: het opzetten van een hoge stem die bij vlagen van enthousiasme vloeiend door onvermoede registers glijdt), tast dat onmiddellijk en onomkeerbaar de oprechtheid aan, en worden diezelfde eigenschappen die hem voorheen ‘authentiek’ maakten opeens een kenmerk van verwerpelijk, want bewust toegepast, dus ‘onecht’ gedrag. In het streven naar authenticiteit is aldus onvermijdelijk de kiem van het tegendeel, van fake gedrag, besloten. Zodra we proberen echt te zijn, zijn we het, bij voorbaat, niet. De enige methode, kortom, om over te komen als iemand die ’trouw is aan zichzelf’, is door niet koste wat kost zo te willen overkomen. 

Wat ons, alles tegen elkaar afgestreept, de vrijheid biedt ons precies zo te gedragen als we willen, zolang we ons niet afvragen of ons gedrag al dan niet authentiek is. Een boek te schrijven met een catchy, allitererende titel, terwijl niemand vermoedde dat je foutloos je eigen naam kon schrijven. (“Zodat mijn dochter later kan lezen wie ik echt ben.”) Te hard lachen. Dom reageren. Voor mijn part een hele avond met een glas wijn in een hoek van een feestzaal gaan staan. Zolang we ons er niet druk om maken, is het allemaal oké!  

Dan rest mij nog af te sluiten met de alles samenvattende woorden van Michael, Barbie’s echtgenoot, gesproken op de boekpresentatie van haar debuut ‘Van bimbo tot business babe’: 

“Business babe, een andere kleur haar, tja… Ze is nog gewoon zichzelf, hoor.”

________________________________________________________

searchElke zondag van juli: het gastblog van Shira Keller, toneelschrijfster en auteur van de zeer terecht veelgeprezen roman M.  

Ezelsjaren

Voor Tirade 455 vertaal ik een verhaal van een van mijn helden. Daniel Woodrell is zo sympatiek gebleken om het kleine honorarium dat we kunnen bieden te aanvaarden, en nu zal in ons volgende nummer Uncle uit de bundel The Outlaw Album voor het eerst in het Nederlands te lezen zijn.

Het verhaal is een schitterend voorbeeld van Woodrells zo eigen aardse stijl en sfeer; van zijn inlevingsvermogen en zintuiglijkheid. Het is een wreed en prachtig miniatuur waarmee ik hoop mijn taalgenoten te enthousiasmeren voor het werk van de Ozarkse schrijver. Wie de boeken niet kent, heeft misschien het verfilmde Winter’s Bone gezien (Debra Granik, 2010) dat genomineerd werd voor vier Oscars en verkozen werd tot beste film van het Sundance Festival.

Voor zover ik heb kunnen achterhalen heeft alleen De Geus het werk van Woodrell in het Nederlands uitgegeven. Machteld van Gelder vertaalde Tomato Red (Tomaatrood), en Regina Willemse Woe to Live On (Op pad met de duivel). Beide titels zijn niet meer te bestellen, hoewel Bol.com ze nog wel tweedehands aanbiedt.

Dit wordt mijn eerste vertaling na bijna dertig jaar Engelse en Amerikaanse literatuur te hebben gelezen. Ik weet nu al wat het moeilijkst gaat worden. De laatste zin van Uncle is een typisch Amerikaanse uitdrukking, die door wat de lezer in de voorgaande bladzijden heeft meegekregen een bijzonder wrange bijsmaak krijgt.

‘Donkey’s years’ kan – bij wijze van voorbeeld – het best met ‘heel lang’ vertaald worden, maar je gaat dan echt iets missen als in zo’n verhaal een ezelsveulen wordt geslacht. De grootste moeilijkheid bij het vertalen had ik voorzien in het intact laten van de stijl van de schrijver. Uitdrukkingen blijken veel meer problemen op te leveren.

"Foto van Gilles van der Loo"
Gilles van der Loo

Gilles van der Loo (Breda, 1973) is schrijver en schrijfdocent. Tussen 2011 en 2015 was hij redacteur van Tirade. Bij Van Oorschot publiceerde hij de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de romans Het laatste kind, Het jasje van Luis Martín, Dorp en  Café Dorian. Meest recent verscheen Mens blijven aan het front bij Hollands Diep, dat hij samen met zijn Oekraïense vriend Andrii Kobaliia schreef.

Het nieuws, wereldwijd provincialisme

Is een boek dat zichzelf op bladzijde 93 samenvat een goed of een slecht boek? Alain de Bottons Het nieuws een gebruiksaanwijzing beweegt zich nogal eens op het snijvlak van de aha erlebnis en de open deur. Het boek gaat volgens mij en volgens bladzijde 93 ongeveer hierover:

‘We zijn heus niet al ons enthousiasme voor elders kwijtgeraakt. We zijn wezens die in vroeger tijden in de rij stonden om verhalen over zogenaamde exotische landen te horen. Het probleem is dat de methodiek van verslaggeving die de moderne nieuwsmedia hebben ontwikkeld – die feitelijk juiste, technologisch snelle, onpersoonlijke, op crisis gerichte berichtgeving begunstigt en vrijwel alle andere soorten uitsluit — abusievelijk tot een soort wereldwijd provincialisme heeft geleid, waarbij we tegelijkertijd veel weten en voor weinig warmlopen; waarbij een beetje kennis van de verkeerde soort ervoor gezorgd heeft dat de reikwijdte van onze nieuwsgierigheid kleiner in plaats van groter is geworden.

Maar onze fascinatie en onze empathie sluimeren slechts. Om weer sterk te worden, hoeft het buitenlandse nieuws zich alleen maar aan bepaalde werkwijzen uit de kunst over te geven.’

De Botton vraag zich onder meer af hoe het precies zit dat we stoïcijns kunnen blijven bij verschrikkelijke berichten over 400 vermoorde kinderen in de Centraal Afrikaanse Republiek. Die onverschilligheid komt omdat we geen weet hebben van een gewone, onbelangrijke dag in de Centraal Afrikaanse Republiek. Hij voert de 19e eeuwse ontdekkingsreiziger op als de nieuwsgaarder die nog wel het publiek kon boeien: vooral omdat hij niet zo politiek correct was om elke verbazing uit zijn berichtgeving te bannen. Zij legden juist de nadruk op dagelijkse verschillen, en dat boeide de Europeaan. De Botton heeft zonder dat hij daar nou diep op ingaat een heel wonderlijke morele definitie van wat het nieuws zou moeten doen: de wereld beter maken. Dat kun je makkelijk weglachen, maar de reactie dat het nieuws waardevrije feiten levert of zou moeten leveren is toch minstens even verbazingwekkend. Waardoor de filosofische vraag openligt: wat moet het nieuws doen? Nadenken over nieuws is dus de belangrijkste eerste stap die gezet is met het openslaan van dit boek dat het midden houdt tussen een feel good benadering en een scherpe analyse.

Hij haalt Flaubert erbij, die het verschrikkelijk vond wat de kranten met de intelligentie en de nieuwsgierigheid van mensen doet. Kranten verspreidden een intens soort domheid: la bêtise. De Botton illustreert dit nu aan de hand van standaardsjablonen die de mening van lezers bepalen:

‘3D-PRINTEN Straks komt alles uit de 3D-printer. Geef blijk van verbazing en ontzag bij dit vooruitzicht.

INTERNET Heeft het onmogelijk gemaakt om je te concentreren. Wie leest er nog dikke romans?

BALANS TUSSEN WERK EN LEVEN Moeilijker dan ooit. Binnenkort zal het misschien nodig zijn om een afspraak te maken als je je eigen man of vrouw wilt zien.

VLIEGTUIGVLEUGELS VAN KOOLSTOFVEZELS Ongelooflijk buigzaam, maar ooit veroorzaken ze een vliegtuigongeluk.

CHINEES De taal van de toekomst’

Wie net als ik veel feestjes heeft, herkent dit en weet hoe borrelende haat maar net onder de pannedeksel blijft bij al die herhaalde clichés. Onze kennis is maar 1 millimeter diep.

2014-07-02_110118In Babbitt, de roman van Sinclair Lewis over een  buitenwijkman van die naam die uit clichés is opgebouwd gaat het zo:

 ‘Geïrriteerd keek Babbitt op van de strips in de Evening Advocate. (…)  Met het plechtige gezicht van een gelovige, zwaar ademend, werkte hij zich elke avond met open mond plaatje voor plaatje door de strip, en hij vond het vreselijk om tijdens dat ritueel gestoord te worden. Bovendien voelde hij zich in het onderwerp Shakespeare niet echt thuis. Noch de Advocate Times, noch de Evening Advocate, noch het bulletin van de Kamer van Koophandel had ooit een redactioneel commentaar aan die zaak gewijd, en zo lang geen van die bladen zich erover had uitgesproken vond hij het moeilijk om zich een eigen mening te vormen.’

En Boudewijn de Groot zong in ‘Onder ons’:
‘Hij wordt eindelijk volwassen
en na nog een tweede jaar
is hij net zo’n grote hufter
als zijn vader is geweest,
die een mening over alles
in het ochtendkrantje leest.’

De beste nieuwsgaarder is een combinatie van een journalist en een schrijver meent De Botton. Die levert het soort nieuws dat we ‘nodig hebben’.

 

Vertaling Het nieuws een gebruiksaanwijzing Harry Pallemans, vertaling Babbitt Paul Bruijn (verschijnt najaar 2014 bij Van Oorschot)

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

‘Haai!’ – groeten uit Venetië

Aeroporto di Venezia Marco Polo.

‘Ja, dat was ’m al.’

‘Laat es zien?’

‘…’

‘Wat een kutfoto… ’

‘En bedankt. Het is hier hartstikke – ’

‘Ja, nee, ik bedoel: prima, maar waarom zit ’r zo’n maffe slag in m’n haar?’

‘Door de droge lucht in ’t vliegtuig.’

‘Het lijkt wel of ’r een schedelbasisfractuur onder die kubistische coiffure zit… Straks effe met Gilles of Lieke bellen om te vragen met welke haarverzorgingsproducten ik deze mess moet herstellen… denk je dat ze hier op de WC’s een föhn – ’

‘Je narcisme heeft ook wel een tijdje vakantie verdiend, vind je niet? Laten we nou eerst – ’

‘Wat staat die douanier nou de hele tijd naar je te kijken? Is ie met je aan ’t flirten? Wacht effe… Hé, spaghettivretende modekoning, heb je nog nooit een blonde vrouw gezien? Zal ik je es iets anders geven om naar te kijken? Van heel dichtbij? Hier… pak aan… Een muilpeer, hahaha!’

‘Tyn, verdorie… Dat is gewoon een paperazzo… laat los! We hebben helemaal geen tijd voor die onzin.’

‘…’

‘Tyn, ik ga naar de vaporetto hoor!’

Tirade – lekker speels.

Soundtrack (Portugees): Nós vamos pra longe/Pro mar azul – Seu Jorge, Team Zissou.

Volgende week (voor één keer op de dinsdag): Meer groeten uit Venetië.

P.S. Een scribent van de NRC beweerde vorig weekeinde in een poezenspecial dat katten ‘de spiegel’ zijn van de menselijke eenzaamheid. Namens Poes teken ik bezwaar aan tegen die voorstelling van zaken. Volgens haar is de mens de spiegel van de kattelijke superioriteit. Moehahaha.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Dingen kwijtraken

    Dingen kwijtraken

    Naast een strekkende meter fotoalbums bleek er niet zo veel van emotionele waarde te zitten tussen de spullen van mijn ouders. Ik werkte bij het uitruimen van hun huis met twee stapels, waarbij de stapel mee naar Amsterdam na elke heroverweging kromp. Na hun meubels verdwenen alle boeken, platen, interieurprulletjes en kunstigheden die me niet...
    Lees verder
  • Afbeelding bij 'Met een nog net coherent

    'Met een nog net coherent "goedenavond" eindigen,  dat is een ongeschreven wet'* – Over het café

    De encyclopedie van het geluk 27 In een café rijg je drankjes aan elkaar. Bij Carmiggelt klinkt het zo: ‘de boekhouder zet ‘m elke dag dionysisch op, vult de delicate schemer van de kroeg met zijn schelle stem en wordt alleen geduld omdat hij zo’n goed klantje is. Hij begint altijd met een pilsje. De...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Er geen vrij voor nemen

    Er geen vrij voor nemen

    Sinds deze week zit ik in ronde zes van de roman waaraan ik in 2024 begon. De eerste anderhalf jaar gingen op aan het schrijven van de grote lijn: twee levens moesten worden vastgelegd, elk met een eigen begin. Er moest hoop zijn voor mijn opgroeiende personages, maar ook best wat tegenslag. Mijn wens was...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Julien Ignacio"
    Julien Ignacio

    De Nederlands-Arubaanse schrijver Julien Ignacio (1969) studeerde af als literatuurwetenschapper. Hij publiceerde theaterteksten, blogs en korte verhalen. In 2008 ontving hij de El Hizjraliteratuurprijs voor zijn toneelstuk Hotel Atlantis. Hij was redacteur van literair tijdschrift Tirade en is bestuurslid van de Werkgroep Caraïbische Letteren. In 2018 verscheen zijn debuutroman Kus (nominatie Bronzen Uil). Met collega-schrijvers Michiel van Kempen en Raoul de Jong stelde hij Dat wij zongen samen, een bloemlezing Caraïbische literatuur die in 2022 uitkwam bij uitgeverij Das Mag. In september 2023 verscheen zijn tweede roman Goudjakhals, een kralenketting van historische en futuristische migrantenverhalen, die zich afspelen in onder meer Amsterdam en Aruba, Beiroet en Lesbos.

  • "Foto van Gigi Müjde"
    Gigi Müjde

    Gigi Müjde studeert in augustus 2025 af van de schrijfopleiding met een gemoderniseerde bewerking van het Middelnederlandse toneelstuk Mariken van Nieumeghen, namelijk: Meryem van Mokum. Door de lens van een oud Nederlands stuk, reflecteert die op de hedendaagse Nederlandse samenleving. In diens schrijven, speelt Gigi met taal, gebaar en referenties – om de lezer een eigen(aardige) wereld in te lokken vol verwarring en plezier. Die schrijft ook graag in samenwerking, vooral met Robin Alberts volgens hun eigen versie van de flarf-techniek, waarin er een tekst heen en weer wordt verstuurd en om en om wordt herschreven tot het onherkenbaar vol zit met liefde voor taal. Gigi schrijft alleen vanuit liefde, anders telt het niet.

  • "Foto van Menno van der Veen"
    Menno van der Veen

    Menno van der Veen studeerde filosofie en wijsbegeerte. In 2019 publiceerde hij zijn tweede roman Ontweten bij Van Oorschot. Menno werkt ook als onderzoeker, consultant en trainer op het gebied van democratie, participatie en mensenrechten. Momenteel werkt hij aan zijn derde roman (werktitel Het profetenverbod). Die is naar verwachting klaar in 2022.