Bruno Littlemore

Een paar weken geleden las ik in The New Yorker een recensie van het boek The Evolution of Bruno Littlemore. Geschreven door Benjamin Hale.

Het boek wordt verteld vanuit de point of view van de eerste pratende chimpansee op de wereld: Bruno. Na een dramatische gebeurtenis woont de chimpansee bij zijn verzorgster Lydia Littlemore in huis.

Zowel op de achterflap van de roman als in de recensie in The New Yorker staat dat je na het lezen van dit boek begrijpt wat het betekent om een mens te zijn. Wat het betekent om te kunnen denken in taal.  
Dat leek me wel wat.

Ik haalde het boek in huis. Het ligt al een week op mijn nachtkastje. (Al heb ik helemaal geen nachtkastje, ik heb zelfs een hekel aan nachtkastjes. Waarom weet ik ook niet. Misschien omdat er altijd vieze dingetjes in, op en achter het nachtkastje liggen. Zoals tissues vol snot en bloed, aangekoekte tijdschriften, natte dropjes, afgeknipte teennagels, vergeelde notitieboekjes, dat soort onzin.)

Dat boek ligt op de grond naast mijn bed. (Zeg dat dan gewoon meteen!)
Ik heb het nog niet gelezen. Steeds blijf ik hangen op de eerste pagina. Ik kan u dus nog niets vertellen over wat het precies betekent om een mens te zijn. Behalve dat er niet om doorheen te komen is.

In de Oorshop

De kinderen

Een man en een vrouw dronken koffie aan een lange houten tafel in de koffiezaak. Wanneer de man iets zei, lachte de vrouw, maar het was niet de lach die hij gewend was.
Ze vroeg hem: ‘Hoe gaat het?’
Hij zei: ‘Heel goed.’
Hij herhaalde dat. ‘Heel goed,’ zei hij.
‘Mooi,’ zei zij.
‘Maar,’ zei de man. Hij roerde door zijn koffie. Hij liet een korte stilte vallen.
‘Wat doen we met de kinderen?
Nu bukten zowel de man als de vrouw voorover en pakten uit grote leren tassen een agenda.
Ze bekeken de agenda’s. Fronsten.
Ze hadden allebei belangrijke dingen te doen. Belangrijkere dingen te doen.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Mimicry

Fotograaf Judith van IJken heeft het boek Mimicry gemaakt waarin ze twee generaties in dezelfde kleding laat poseren. Een heel simpel idee eigenlijk: dochters in de (bewaard gebleven) jurken van hun moeder, zoons in de (oude) hemden van hun vader. (Sjaals, petjes, broeken, jassen, badjassen, truien, brillen, etcetera.) De beelden hebben een ontroerende uitwerking.
Op de foto’s zijn de ouders en de kinderen ongeveer van dezelfde leeftijd. Ze zijn naast elkaar afgedrukt in het boek. Soms zelfs overlappend. Af en toe krijg je het beangstigende idee dat de tijd niet bestaat. Dat identiteit niet bestaat.

In het voorwoord zegt Bas Haring: “Dat ik op mijn ouders lijk is niet eens mijn grootste frustratie. Dat ik op iemand lijk. Dat zit me dwars. Iemand die eerder dan ik leefde en die me het leven heeft voorgedaan.”

Eigenlijk zijn de foto’s waarin de kinderen zich zichtbaar niet gemakkelijk voelen in de kledij die hun ouders vroeger droegen het allermooist. Omdat in die beelden de bevrijding naar voren komt, of in ieder geval een opening naar iets anders. Iets nieuws. 23_153_386

Zelf zegt de fotograaf Judith van IJken op haar website over dit project:

Walking around in the New York neighbourhood of Williamsburg, I kept thinking I saw my father going past. Not the way he looks now, but as I know him from old photos. Nothing but young guys with great mops of black curls, moustaches and beards, 1980s-style training tops, tight jeans and often on racing bikes. Guys who looked like their fathers did in the 1980s.

In the first instance I saw this as a matter of fashion, the ‘retro’ trend that seems to move in parallel with my generation. Ten years ago I wore wide-legged slacks, today tight jeans. Just like my mother when she was twenty and later thirty. When I gave it some more thought, I realised that this everyday phenomenon raises interesting questions about the age we live in. Questions such as: “Why is it that this generation wants to look like its parents?”, “What does that say about our time?”, “What is the relationship between these generations?” and “What has happened in the meantime?”

Ja, wat eigenlijk?

M. Vasalis

images-3Gisteravond was in de Rode Hoed in Amsterdam een avond ter gelegenheid van het verschijnen van de biografie van M. Vasalis. (geschreven door Maaike Meijer.)

De avond was uitverkocht.

Ik was er niet bij, maar afgelopen zondag was de biograaf van M. Vasalis, Maaike Meijer te gast bij Wim Brands in het programma Boeken van de VPRO. U kunt het programma hier terugkijken.

SUB FINEM

En nu nog maar alleen
het lichaam los te laten-
de liefste en de kinderen te laten gaan
alleen nog maar het sterke licht
het rode, zuivere van de late zon
te zien, te volgen-en de eigen weg te gaan.
Het werd, het was, het is gedaan.

Het bankstel

images-2Leiden. Donderdag. Het was erg mistig. Ik was op zoek naar een hofje waar ik moest voorlezen.
Drie keer een half uur voor twaalf mensen op een studentenfestival. (Stukafest)
M. en ik hadden döner kebab en falafel gehaald bij een Turkse winkel vlakbij het station. We kregen er twee pakken koekjes bij in een grote plastic zak. (Bij welke Turkse winkel je ook komt: je krijgt altijd meer dan waar je om vraagt.) De zak rook naar uien en knoflook, toch bleven de mensen die we om de weg vroegen aardig. Alleen wisten ze de weg niet.

Ik was te laat in het huis in het hofje. Bijna meteen moest ik met voorlezen beginnen. Volgens mij wilden de mensen liever naar een optreden van Spinvis, maar Spinvis was al uitverkocht, logisch. Om toch te kunnen zeggen dat ze “erbij” waren geweest zaten de mensen nu bij mij. Omdat de kamer klein was zaten ze praktisch op mijn schoot. Ik kon bijvoorbeeld horen hoe de jongen naast me met zijn ogen knipperde. Het klonk als iets nats en zachts.

Tussen ieder optreden door had je tijd om te praten. Alsof je op een ongemakkelijk feestje zat waar je niemand kende. Iemand praat en de rest luistert mee. Iemand praat en de rest kijkt zogenaamd verveelt rond door het huis.

Bij de laatste voorleesronde waren er twee meisjes die voor mijn voeten op de grond zaten. Ik hoopte dat ik niets vies in mijn neus had zitten. Ik geloof het niet want die meisjes wilden na afloop wijn met me drinken.

Noortje en Josephine. Terwijl ik had voorgelezen hadden ze erg goed naar de spullen van de gastvrouw gekeken. Wat vertelde dat huis over haar?  Ze hadden een A4 volgeschreven, hoe ze dachten dat de bewoonster van de kamer in elkaar zat.
Ze zeiden dat ze dat bij alle kamers hadden gedaan. Dat het de bedoeling was dat de bewoners het briefje de volgende dag zouden vinden. In de bestekla bijvoorbeeld. Ze zeiden ook hoe ze dachten dat ik in elkaar zat.
‘Maar jullie hebben mijn huis nog niet gezien,’ zei ik.
Daar gingen ze verder niet op in.

Toen ik om vier uur ’s nachts weer in mijn eigen woning was bedacht ik dat de bewoonster/gastvrouw behalve het briefje van Noortje en Josephine ook een gedeelte van het manuscript van mijn nieuwe boek zou tegenkomen. Ik had zo’n twintig pagina’s per ongeluk op de keukentafel laten liggen. Ik hoop maar dat Noortje en Josephine gelijk hadden toen ze zeiden: ‘de bewoonster leest ons briefje waarschijnlijk niet eens als ze ziet dat het niet van haar is. Ze is compleet te vertrouwen en niet zo’n nieuwsgierig type, dat zie je aan haar bankstel.’

Meer blogs

  • Afbeelding bij Mij is de wrake – over vechtfilms

    Mij is de wrake – over vechtfilms

    Mijn eerste vechtfilms waren ongetwijfeld met Bud Spencer en Terence Hill, die eigenlijk Carlo Pedersoli en Mario Girotti heetten. Zeer opmerkelijk: helden in de zogenaamde spaghetti-westerns (gemaakt in Italië) moesten blijkbaar een Amerikaanse naam om het spaghetti-aspect te verdoezelen. Bud was een vriendelijke iets domme dikke reus die mensen het liefste met een vuist als...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Onder de moede blaren - over het bos

    Onder de moede blaren - over het bos

    De encyclopedie van het geluk 31 Het is warm en ik verlang intens naar de koelte van het bos. Ik ben opgegroeid op de scheidslijn tussen bos en veld dus je kon altijd beide kanten uit, maar ik zat van jongs af aan het meest in het bos. Zoals je in een oceaan op een...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Veerkracht

    Veerkracht

    Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Lia Tilon"
    Lia Tilon

    Lia Tilon (1965) debuteerde in 2002 met de roman Huizen van papier bij Uitgeverij De Arbeiderspers. In 2012 publiceerde Uitgeverij Cossee haar roman Zielhond, in 2017 gevolgd door Archivaris van de wereld. Tilon schrijft romans en korte verhalen. Zij blogt over emigratie en de vraag wat heimwee is. Is heimwee wel verbonden met een plek in je leven, of aan het gevoel dat je had toen je je op die plek bevond? En maakt het wat uit?

  • "Foto van Dünya Calikci"
    Dünya Calikci

    Dünya Calikci (28) is een echte Amsterdammer en schrijver pur sang. Als student aan de opleiding Writing for Performance aan de HKU schrijft ze rauw, eerlijk en realistisch – altijd dicht op de huid. Haar werk draait om echte mensen en hun verhalen, zonder opsmuk of filter. Dünya zoekt de kwetsbaarheid op en vangt het alledaagse in woorden die blijven hangen.

  • "Foto van Fannah Palmer"
    Fannah Palmer

    Fannah Palmer (1994) studeert momenteel online aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze schrijft zelf fictie, poëzie en af en toe een essay. Naast haar ambities in de uitgeverswereld hoopt ze in de nabije toekomst veel eigen werk uit te brengen.