We gaan naar Gouda toe – Pop-up Schrijfwedstrijd

Van Oorschot Pop-up Store, 22 februari – 29 maart, Gouda

Afgelopen zaterdag werd op initiatief van Boekhandel Verkaaik aan de Lange Tiendeweg 23 in hartje Gouda de Van Oorschot pop-up store geopend. Vijf weken lang is het complete boekenaanbod van Uitgeverij Van Oorschot aldaar te zien en te koop. Iedere zaterdagmiddag komen er schrijvers langs voor interviews, voorleesbeurten en signeersessies. Op 22 maart is het de beurt aan Tirade om het programma te verzorgen.

Tirade Pop-up Schrijfwedstrijd

De opening van de pop-up store betekent ook de opening van de Tirade Pop-up Schrijfwedstrijd. Alle Gouwenaren, en ieder ander, zijn bij dezen van harte uitgenodigd een kort verhaal in te sturen. Deelnemers maken kans op een publicatie in Tirade. De spelregels zijn als volgt:

Inzenden is mogelijk tot 15 maart aanstaande. De verhalen moeten minimaal 250 en mogen maximaal 1000 woorden tellen. Zij moeten op papier worden opgestuurd naar Uitgeverij van Oorschot / Herengracht 613 / 1017 CE  Amsterdam, onder vermelding van ‘kort verhaal’ op de envelop. De jury bestaat uit redactieleden van literaire tijdschrift Tirade. Het winnende verhaal wordt in de pop-up winkel bekendgemaakt door de redactie van Tirade op zaterdag 22 maart. Over de uitslag kan niet worden gecorrespondeerd.

Tirade heeft door de jaren heen verschillende wedstrijden georganiseerd en haalde op die manier nieuw schrijftalent boven. Een van de laatste successen is de ontdekking van Pauline Genee. Zij won een voorgaande schrijfwedstrijd, kwam in Tirade en debuteerde onlangs met de succesvolle roman Duel met paard.

 

Tirade – Jong, belegen en komijn.

In de Oorshop

Dochter

‘Kom, ik wil je iets laten zien.’

De Staart komt overeind. Ik volg hem naar buiten, de sneeuw in. De kou snijdt meteen door m’n pak heen.

In het licht van de buitenlamp een witte Jeep, ernaast een grote, legergroene afvalbak.

‘Ga d’r maar in staan,’ zegt De Staart. Hij gebaart naar De Kliko. Ik vind het een raar plan, maar De Staart trekt de bak al scheef, dus ik klim er, zonder mijn pak te beschadigen, voorzichtig in. De Staart sjort de Kliko recht, drukt mijn hoofd naar beneden en sluit het deksel.

Donker!

Opeens realiseer ik me wat een merkwaardige situatie dit is! Dit deugt natuurlijk niet! Hoog tijd om het opschorten van mijn ongeloof te staken. Een paar uur geleden heb ik met eigen ogen gezien hoe De Staart een hele eetzaal kort en klein sloeg – en het lijkt me sterk dat die knaap nu ineens veranderd is in een servicegerichte reisleider.

‘Nu stevig met je hoofd tegen het deksel duwen,’ roept De Staart.

 Ja… buongiorno! Ik mag dan een wetenschapper zijn, ik ben niet gek!

In plaats van met mijn hoofd duw ik met mijn linkervuist tegen de binnenkant van het deksel. Mijn gezicht en mijn lijf druk ik zo stevig mogelijk tegen de wand van de Kliko. Drie, vier harde knallen – de schreeuwende pijn waarmee duizenden glassplinters zich in mijn vuist boren. Ik zak in elkaar, bijt op mijn lip om het niet uit te gillen van pijn.

Een meter van me vandaan staat De Staart te praten en te grinniken met de Nederlandse. Ik ben bang dat hij zo nog een paar keer door de Kliko gaat schieten. Om het af te maken. Maar hij lijkt me vergeten. Hij haalt de Nederlandse over om nog een ommetje te gaan maken door de sneeuw. Ik hoor de voordeur open- en weer dichtgaan. Lachend, pratend verwijderen de twee zich. Als het helemaal stil is, sla ik de Kliko-klep open. Hijgend worstel ik me eruit, val met Kliko en al eerst tegen de Jeep aan, dan in de sneeuw. In het licht van de buitenlamp zet ik de afvalbak weer recht.

De voordeur is gewoon open. Binnen branden alle lichten nog. Eerst bind ik met een theedoek mijn bloedende hand af, dan doorzoek ik het hele huis op wapens. De opbrengst valt tegen. Behalve een paar doosjes patronen vind ik alleen een harpoengeweer. Wat moet je in de bergen nou met een harpoengeweer? Gelukkig ziet het er wel levensgevaarlijk uit.

Ik verschuil me achter één van de dikke gordijnen in de woonkamer, haal diep adem en wacht, met bonzend hart, tot De Staart en de Nederlandse weer terugkomen.

Ze zijn er sneller dan ik had gedacht. De Staart begint in de hal al tegen me te praten: ‘Hé, professor? Met vier kogels in je bol gaat het denken toch een stuk minder hè? Of zou je zonder die bullets ook op ’t idee gekomen zijn de weg te markeren met een royaal bloedspoor?’

Potverdorie!

Met het harpoengeweer duw ik het gordijn opzij – ik doe een pas naar voren. De Staart staat recht tegenover me. De afstand: een meter of vijf, zes. De Staart grijnst. Maar ik laat me niet intimideren. Ik richt, haal de trekker over en daar suist de harpoen door de huiskamer, het lichte touw snort erachteraan, linea recta richting De Staart – met een soppend geluid boort de harpoen zich tot in de vierde of vijfde weerhaak in zijn borstkas.

‘Godverdómme,’ schreeuwt De Staart. Met twee handen grijpt hij de harpoen vast, trekt het bloederige stuk staal trillend en grommend uit zijn lijf, glijdt dan langs de muur op de grond.

Iemand neerknallen is een stuk makkelijker dan een dissertatie schrijven – dat lijkt me met dit experiment wel bewezen!

‘Exit Tyn,’ zegt de Nederlandse. Ze heeft een roomkleurig mutsje in haar hand. Ze hurkt bij De Staart, streelt zijn voorhoofd en gaat dan weer rechtop staan. ‘Onhandelbare eikel.’ Ze schiet in de lach. ‘Weet je dat hij een kind van me wilde? Nou ja, een kind… een dochter.’

‘Hij!? Een kind?’

‘Een dochter. En per se van mij. Omdat min keer min plus is – wat dat ook voor belediging mag behelzen. Maar het was helemaal zijn idee hè? Hij zag haar al zo precies voor zich dat hij haar zou herkennen als ze op straat voorbij zou huppelen. Ik heb ’t nooit zo hard tegen hem gezegd, maar geen haar op mijn hoofd die met zo’n eppo een kind zou nemen. Een beetje meedromen oké, maar een meisje van vlees en bloed kan je niet zomaar weer wegtoveren als ze je niet meer bevalt, hè? Hé, ik ga een glas witte wijn inschenken, wil jij ook? Dan zal ik meteen een pleister voor je pakken, want het bloedt maar door die stomp van je. Ziet er eerlijk gezegd best onsmakelijk uit.’

‘Pam?,’ zegt De Staart, wang op de vloer, blik in het niets, ‘zou je voor mij alsjeblieft een cassis willen inschenken?’

‘O, leef je nog? Nou, ik ren al, collega, die cassis komt eraan.’

Terwijl de Nederlandse de kamer uitloopt, komt De Staart kreunend overeind, hij struikelt half over de harpoen en sleept zich dan naar de bank. Daar schiet hij in de lach: ‘Jezus Christus, achterlijke spaghettivreter, dat was close, man.’ Hij staart me grijnzend aan. Ik grijns terug.

De Staart trekt een naaigarnituur in handige reisverpakking uit zijn achterzak, scheurt de stof van zijn overhemd stuk en begint de harpoenwond dicht te naaien – het is een onwerkelijk gezicht. Nadat hij z’n borstkas heeft dichtgenaaid, wist De Staart het zweet van zijn voorhoofd. Hij haalt diep adem, is even stil. In de keuken wordt een kurk uit een flessenhals getrokken, plop.  De geur van ragout.

‘Francesco?’

‘…’

‘Een dochter op de wereld zetten en haar dan beschermen, dat was het idee. Begrijp je wat ik bedoel?’

‘Zeker. Ik begrijp het. Helemaal.’

De Staart trekt een sleutel uit zijn broekzak, werpt me die toe. ‘Op de parkeerplaats tussen het hotel en het gemeentehuis staat een Toyota, die hebben we nog over van een ouwe show. Jij haalt straks je bagage uit het hotel of waar je ook logeert en dan rijd je als de brandweer deze blogpost uit, oké?’

‘Oké.’

——————

Tirade – tijdloos.

Outtake (helikoptershot):  vanuit de hemel zien we de Toyota door het Europese ochtendlicht rijden.  Francesco neuriet mee met de soundtrack.

Soundtrack – Francesco, won’t you come on home.  Fine Young Cannibals.

Volgende week:  Opoe’s Eethuys.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

In memoriam Leo Vroman, door Leo Vroman

Leo Vroman is uitsluitend op 10 april 1915 geboren en stierf heelhuids op een nader te bepalen ogenblik. Hij wordt door een vrouw en twee dochters nagezeten.

Door een klein aantal lezers was hij beschouwd als een groot dichter en door een groot aantal mensen als een kleine of zelfs afwezige. Hij heeft geloof ik eens uitgerekend dat hij ongeveer 30 kilometer heeft geschreven, maar veel verder als je alle lussen van de letters recht trekt, hoewel zijn werk dan te rechtlijnig zou zijn om te genieten. Met zijn wetenschap, waar hij van leefde in alle opzichten, heeft hij, alweer volgens eigen berekeningen, ongeveer anderhalf miljoen dollar verdiend maar heeft daar een halve eeuw over gedaan. Zijn enige ontdekking, het z.g. Vroman Effect, wordt meestal verkeerd hoewel vaag omschreven als iets met bloedstolling. Het is in tegendeel iets dat daaraan voorafgaat en te snel is om hier te beschrijven. Dan zijn er ook nog zijn tekeningen, waarvan een grote stapel door een paar mensen, en een heel kleine stapel door velen is bewaard. Verder is hij bekend door iets wat hij niet heeft gedaan, nl. vechten aan de Grebbelinie, en dan nog wel als wielrijder. Op jongere leeftijd was de fiets inderdaad een van zijn wapens, dat hij vaak per ongeluk op onschuldige lantarenpalen richtte en ook op latere leeftijd kon hij niet fietsen maar te voet wel goed verdwalen. Zullen we hem missen? Niet makkelijk: zijn boeken loeren nog overal, en zijn Effect is blijvend.

 

Leo Vroman overleed afgelopen zaterdag op 98-jarige leeftijd in zijn woonplaats Fort Worth, Texas. Voor zover bekend is hij ‘heelhuids’ gestorven. De redactie zal hem, ondanks zijn Effect, blijvend missen. Leo Vroman was sinds de beginjaren van het tijdschrift een van de vaste contribuanten van Tirade. Dit in memoriam schreef hij op verzoek voor het themanummer 438 (mei 2011), waarin verschillende schrijvers hun eigen overlijdensbericht publiceerden.

Leo Vroman wordt op vrijdag 28 februari gecremeerd in zijn woonplaats. Uitgeverij Querido en De Nieuwe Liefde organiseren die dag om 17.00 een bijeenkomst waar dichters zijn gedichten lezen en iedereen welkom is. Tijd: 17.00. Locatie: De Nieuwe Liefde, Da Costakade 102, Amsterdam.

Walter van den Berg zondagse gastblogger Tirade maart 2014

Schrijver, Jaws-kenner en hondenkoning Walter van den Berg (1970) is in maart 2014 onze zondagse gastblogger.

Van den Berg publiceerde tot op heden – behalve vele kortverhalen, columns en reportages – drie romans: De hondenkoning (2004), West (2007) en Van dode mannen win je niet (2013). In Tirade 449 vind je zijn prachtige kortverhaal Voetbalkantine, in Tirade 450 een heftige ‘tirade’.

Voordat Van den Berg furore maakte op papier, werd zijn blog vandenb al door duizenden lezers gevolgd. In 2002, 2004, 2005 won hij een Dutch Bloggie, de prijs voor best geschreven weblog.

Volgende week zondag, 2 maart, posten we Van den Bergs eerste Tirade zondagblog. Daarna kijken we uit naar 9, 16, 23 en 30 maart.

Tirade – gehaaid.

Eerdere zondagbloggers: Hannah van Binsbergen, Arjen van Lith en Lize Spit. Onze huidige zondagblogger is Rosan Hollak.

oh deze fontein

een nieuw album van st. vincent

ST VINCENT

Call the 21st century / tell her to give us a break

I want to mean more / than I mean to you

Luister het hele album hier: http://3voor12.vpro.nl/luisterpaal/albums/St.-Vincent.html

 

& een gedicht van Ann Cotten dat ik vertaalde:

 

Oh deze fontein doet me denken aan een andere fontein
in een andere stad waar ik ooit was met die-en-die
vooral omdat hij me aan iemand anders deed denken
die ik ooit heb ontmoet maar nooit meer tegenkwam daarna
die eruit zag als een popster die ik toen nog niet kende
dat is allemaal niet zo bijzonder geloof ik
dus eigenlijk was ik helemaal nooit met iemand
dus in principe doet het er helemaal niet toe
dat ik hier nu in mijn eentje zit
wat bovenstaande hopelijk heeft aangetoond.
Maar soms wil ik geliefd en ondeugend zijn
als een tiener, wat me nog verdrietiger maakt
want dat is het enige waar parken als deze goed voor zijn
dat en duiven schoppen in de regen, gekweld en met voetpijn.

 

Tirade genomineerd voor Blogparel 2013

De Tirade-redactie ontving een schrijven van ‘De blogparel – nobele prijs voor blogs’:  het stuk Bewegungsfreiheit – een instructievideo dat in september 2013 op de Tirade blog verscheen, is genomineerd voor de Blogparel 2013.

Zaterdag 1 maart aanstaande wordt in het Centraal Museum (Utrecht) bekendgemaakt welke Nederlandse blogpost de Blogparel 2013 wint. De Tirade redactie zal de uitreiking van De Blogparel bijwonen en doet t.z.t verslag.

Behalve een juryprijs – die (hé!) wordt toegekend door een vakjury – is er ook een publieksprijs. Daarvoor kun je stemmen. Liefst op Tirade natuurlijk:

Stemt Tirade, stemt bijdrage 23.

In 2013 publiceerden de volgende redacteurs op de Tirade blog: Merijn de Boer, Menno Hartman, Martijn Knol, Gilles van der Loo, Lieke Marsman, Simone van Saarloos, Marko van der Wal.

Soundtrack: ‘If they don’t give me proper credit, I just walk away’  (Madonna/Material Girl).

Tirade – verkiesbaar.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Mij is de wrake – over vechtfilms

    Mij is de wrake – over vechtfilms

    Mijn eerste vechtfilms waren ongetwijfeld met Bud Spencer en Terence Hill, die eigenlijk Carlo Pedersoli en Mario Girotti heetten. Zeer opmerkelijk: helden in de zogenaamde spaghetti-westerns (gemaakt in Italië) moesten blijkbaar een Amerikaanse naam om het spaghetti-aspect te verdoezelen. Bud was een vriendelijke iets domme dikke reus die mensen het liefste met een vuist als...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Onder de moede blaren - over het bos

    Onder de moede blaren - over het bos

    De encyclopedie van het geluk 31 Het is warm en ik verlang intens naar de koelte van het bos. Ik ben opgegroeid op de scheidslijn tussen bos en veld dus je kon altijd beide kanten uit, maar ik zat van jongs af aan het meest in het bos. Zoals je in een oceaan op een...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Veerkracht

    Veerkracht

    Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Roos van Rijswijk"
    Roos van Rijswijk

    Roos van Rijswijk is redacteur van Tirade. Ze publiceerde proza in diverse tijdschriften en de roman Onheilig (Querido, 2016).

  • "Foto van Alexander Baneman"
    Alexander Baneman

    Alexander Baneman (Amsterdam, 1986) publiceerde in o.m. Tirade, De Revisor en De Parelduiker. In november verschijnt zijn debuutroman De schim van Raamswolde bij Van Oorschot.

  • "Foto van Jente Jong"
    Jente Jong

    Jente Jong werkt als actrice, theatermaker en schrijver. In 2017 debuteerde ze met de roman Het intieme vreemde bij uitgeverij Querido. Daarnaast schrijft ze toneelstukken voor onder andere de Toneelmakerij en speelt ze in een jeugdvoorstelling en een poëzieprogramma. Voor Tirade schrijft ze over haar (eerste) stappen in de schrijverswereld.