Het nieuws, wereldwijd provincialisme

Is een boek dat zichzelf op bladzijde 93 samenvat een goed of een slecht boek? Alain de Bottons Het nieuws een gebruiksaanwijzing beweegt zich nogal eens op het snijvlak van de aha erlebnis en de open deur. Het boek gaat volgens mij en volgens bladzijde 93 ongeveer hierover:

‘We zijn heus niet al ons enthousiasme voor elders kwijtgeraakt. We zijn wezens die in vroeger tijden in de rij stonden om verhalen over zogenaamde exotische landen te horen. Het probleem is dat de methodiek van verslaggeving die de moderne nieuwsmedia hebben ontwikkeld – die feitelijk juiste, technologisch snelle, onpersoonlijke, op crisis gerichte berichtgeving begunstigt en vrijwel alle andere soorten uitsluit — abusievelijk tot een soort wereldwijd provincialisme heeft geleid, waarbij we tegelijkertijd veel weten en voor weinig warmlopen; waarbij een beetje kennis van de verkeerde soort ervoor gezorgd heeft dat de reikwijdte van onze nieuwsgierigheid kleiner in plaats van groter is geworden.

Maar onze fascinatie en onze empathie sluimeren slechts. Om weer sterk te worden, hoeft het buitenlandse nieuws zich alleen maar aan bepaalde werkwijzen uit de kunst over te geven.’

De Botton vraag zich onder meer af hoe het precies zit dat we stoïcijns kunnen blijven bij verschrikkelijke berichten over 400 vermoorde kinderen in de Centraal Afrikaanse Republiek. Die onverschilligheid komt omdat we geen weet hebben van een gewone, onbelangrijke dag in de Centraal Afrikaanse Republiek. Hij voert de 19e eeuwse ontdekkingsreiziger op als de nieuwsgaarder die nog wel het publiek kon boeien: vooral omdat hij niet zo politiek correct was om elke verbazing uit zijn berichtgeving te bannen. Zij legden juist de nadruk op dagelijkse verschillen, en dat boeide de Europeaan. De Botton heeft zonder dat hij daar nou diep op ingaat een heel wonderlijke morele definitie van wat het nieuws zou moeten doen: de wereld beter maken. Dat kun je makkelijk weglachen, maar de reactie dat het nieuws waardevrije feiten levert of zou moeten leveren is toch minstens even verbazingwekkend. Waardoor de filosofische vraag openligt: wat moet het nieuws doen? Nadenken over nieuws is dus de belangrijkste eerste stap die gezet is met het openslaan van dit boek dat het midden houdt tussen een feel good benadering en een scherpe analyse.

Hij haalt Flaubert erbij, die het verschrikkelijk vond wat de kranten met de intelligentie en de nieuwsgierigheid van mensen doet. Kranten verspreidden een intens soort domheid: la bêtise. De Botton illustreert dit nu aan de hand van standaardsjablonen die de mening van lezers bepalen:

‘3D-PRINTEN Straks komt alles uit de 3D-printer. Geef blijk van verbazing en ontzag bij dit vooruitzicht.

INTERNET Heeft het onmogelijk gemaakt om je te concentreren. Wie leest er nog dikke romans?

BALANS TUSSEN WERK EN LEVEN Moeilijker dan ooit. Binnenkort zal het misschien nodig zijn om een afspraak te maken als je je eigen man of vrouw wilt zien.

VLIEGTUIGVLEUGELS VAN KOOLSTOFVEZELS Ongelooflijk buigzaam, maar ooit veroorzaken ze een vliegtuigongeluk.

CHINEES De taal van de toekomst’

Wie net als ik veel feestjes heeft, herkent dit en weet hoe borrelende haat maar net onder de pannedeksel blijft bij al die herhaalde clichés. Onze kennis is maar 1 millimeter diep.

2014-07-02_110118In Babbitt, de roman van Sinclair Lewis over een  buitenwijkman van die naam die uit clichés is opgebouwd gaat het zo:

 ‘Geïrriteerd keek Babbitt op van de strips in de Evening Advocate. (…)  Met het plechtige gezicht van een gelovige, zwaar ademend, werkte hij zich elke avond met open mond plaatje voor plaatje door de strip, en hij vond het vreselijk om tijdens dat ritueel gestoord te worden. Bovendien voelde hij zich in het onderwerp Shakespeare niet echt thuis. Noch de Advocate Times, noch de Evening Advocate, noch het bulletin van de Kamer van Koophandel had ooit een redactioneel commentaar aan die zaak gewijd, en zo lang geen van die bladen zich erover had uitgesproken vond hij het moeilijk om zich een eigen mening te vormen.’

En Boudewijn de Groot zong in ‘Onder ons’:
‘Hij wordt eindelijk volwassen
en na nog een tweede jaar
is hij net zo’n grote hufter
als zijn vader is geweest,
die een mening over alles
in het ochtendkrantje leest.’

De beste nieuwsgaarder is een combinatie van een journalist en een schrijver meent De Botton. Die levert het soort nieuws dat we ‘nodig hebben’.

 

Vertaling Het nieuws een gebruiksaanwijzing Harry Pallemans, vertaling Babbitt Paul Bruijn (verschijnt najaar 2014 bij Van Oorschot)

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

In de Oorshop

‘Haai!’ – groeten uit Venetië

Aeroporto di Venezia Marco Polo.

‘Ja, dat was ’m al.’

‘Laat es zien?’

‘…’

‘Wat een kutfoto… ’

‘En bedankt. Het is hier hartstikke – ’

‘Ja, nee, ik bedoel: prima, maar waarom zit ’r zo’n maffe slag in m’n haar?’

‘Door de droge lucht in ’t vliegtuig.’

‘Het lijkt wel of ’r een schedelbasisfractuur onder die kubistische coiffure zit… Straks effe met Gilles of Lieke bellen om te vragen met welke haarverzorgingsproducten ik deze mess moet herstellen… denk je dat ze hier op de WC’s een föhn – ’

‘Je narcisme heeft ook wel een tijdje vakantie verdiend, vind je niet? Laten we nou eerst – ’

‘Wat staat die douanier nou de hele tijd naar je te kijken? Is ie met je aan ’t flirten? Wacht effe… Hé, spaghettivretende modekoning, heb je nog nooit een blonde vrouw gezien? Zal ik je es iets anders geven om naar te kijken? Van heel dichtbij? Hier… pak aan… Een muilpeer, hahaha!’

‘Tyn, verdorie… Dat is gewoon een paperazzo… laat los! We hebben helemaal geen tijd voor die onzin.’

‘…’

‘Tyn, ik ga naar de vaporetto hoor!’

Tirade – lekker speels.

Soundtrack (Portugees): Nós vamos pra longe/Pro mar azul – Seu Jorge, Team Zissou.

Volgende week (voor één keer op de dinsdag): Meer groeten uit Venetië.

P.S. Een scribent van de NRC beweerde vorig weekeinde in een poezenspecial dat katten ‘de spiegel’ zijn van de menselijke eenzaamheid. Namens Poes teken ik bezwaar aan tegen die voorstelling van zaken. Volgens haar is de mens de spiegel van de kattelijke superioriteit. Moehahaha.

Blijf op de hoogte, ontvang onze nieuwsbrief.

Hoe het ook had kunnen zijn 4

Ik fiets aan het einde van de langste dag van het jaar naar huis, eerst over de Amsterdamse brug en dan over de Schellingwouderbrug. De dag leek niet veel langer dan andere dagen. Dat is ‘ie ook niet, hij is lichter. Boven me zit in de zwartblauwe lucht een scheur; blauw, roze, oranje, paars en het fietsen over die bruggen is nog mooier dan anders. Ook omdat het heel rustig is trouwens, er komt maar heel af en toe een auto langs en één keer word ik midden in een refrein (ik zing graag op lange lege stukken asfalt) omver gereden door een bezopen Spanjaard die me puta noemt. Zijn vloek ebt weg en bovenop de tweede brug sta ik stil. Ik kijk over het water (zwart) en hoor een feestje (ver) en herinner me alle keren door elkaar dat ik hier eerder stond. Meestal overdag en meestal met meer verkeer achter me en voorbijflitsende fietsers die even kijken waarom ik van m’n fiets stap. Toeristen die vragen of ik een foto van ze wil maken. Dikke kereltjes in fietspakjes en met van die helmpjes op hun pedante hoofden die iets roepen over m’n fiets of mijn kont. Maar altijd dat fenomenale uitzicht met boten, water, vaak een mistgrijze waas over het IJ.

Dit is veruit de beste tijd om op een brug te staan, bedenk ik me. Even rijdt er niks en is de stilte op dat verre feest na compleet; het voelt zo onwerkelijk dat het lijkt of ik omhoog zal zweven als ik mijn adem in zou houden – als een ballon over het water, stel ik me zo voor. Ik houd mijn adem in. Achter me, op het fietspad aan de andere kant van de weg, klinkt het remmen van een oude fiets. Ik adem uit.

Het is een jongen van mijn leeftijd gok ik (op je negenentwintigste ben je als man nog een jongen, of een kerel, als vrouw ben je dan echt geen meisje meer en alleen voor winkelmedewerkers ‘jongedame’) en hij smijt die oude fiets op de grond. Met zijn rug naar me toe staat hij en hij leunt over de reling en roept iets over het water. Het klinkt of hij antwoord verwacht maar het blijft stil. Hij roept nog eens en nu versta ik hem. God is lijden, God is lijden, God is lijden. Het roepen wordt schreeuwen en daarna janken. Ik ben bang dat hij naar beneden zal springen, dat hij stenen in zijn zakken heeft of gewoon besluit niet meer boven te komen; op wilskracht water in te ademen. God is lijden, brult hij en zijn stem slaat over, God is lijden. Hij zet een been op de reling. Ik durf niet naar hem toe te gaan omdat ik ook bang ben dat ik zelf in het IJ eindig – het is kiezen of delen, op zo’n moment.

God is lijden. Hij probeert op de reling te staan maar hij doet het niet, hij durft alleen te zitten met zijn benen boven het water. God is godverdomme lijden. Het klinkt steeds zachter, wat hij zegt. Ik wacht voor de zekerheid tot hij zich aan de goede kant van de reling laat zakken, zijn fiets voorzichtig van het fietspad haalt en wegfietst, het oosten van de stad in.

 

________________________________________________________________________

 images

Roos van Rijswijk schreef columns, sfeerverslagen en interviews voor Advalvas, toneel voor Theatergroep Thomas en proza voor o.a. Tijdschrift Ei, De Revisor, Slang en Tirade. Ze studeerde Nederlands en literatuurwetenschap aan de VU. Op dit moment werkt zij aan een roman.

Dit was haar laatste gastblog voor Tirade.

"Foto van Roos van Rijswijk"
Roos van Rijswijk

Roos van Rijswijk is redacteur van Tirade. Ze publiceerde proza in diverse tijdschriften en de roman Onheilig (Querido, 2016).

Tirade 455 – de nabije toekomst

Tirade maakt vijf nummers per jaar. In een liefdesrelatie zou het ondenkbaar weinig zijn. Maar voor een literair tijdschrift vinden we het heel respectabel.

Voor 2014 hebben we nog twee nummers in voorbereiding:  Tirade 455 en Tirade 456. 

Tirade 457, het eerste nummer van 2015, wordt, net als het eerste nummer van 2014, een internationaal georiënteerde special – na de zomer zullen we je er nader over berichten.

‘Dus? Wat is nou de boodschap?’

‘Dat we niet uit onze neus zitten te vreten.’

‘Mooi.’

Tirade 455 verschijnt half augustus 2014. Tirade 456 in november.

Tirade – intellectueel marktleider.

‘Waar kan ik me abonneren?’

‘Aan dit loket.’

Tirade stapt niet over naar De Weekblad Pers Groep.

Tirade wordt uitgegeven door het zelfstandige Uitgeverij Van Oorschot.

In 2016 bestaat Tirade zestig jaar.

Soundtrack: We are the champions.

Boekenbank

IMG_4051 2Het was niet anders. Er moesten boeken weg. Eigenlijk was het de schuld van mijn vriend Lourens, of eerder van diens knie. 

Dertig jaar lang dreef Lou een meubelbouwwerkplaats onder het spoor aan de Haarlemmerhouttuinen. De laatste zes jaar had ik een eigen sleutel. Door de superdure en laserprecieze Duitse zaag- en freesmachines die er stonden was alles wat ik kon bedenken met gemak te maken. Onze eettafel heb ik er gebouwd, ons bed, de wasemkap en de rest van onze keuken.

Veruit het vaakst maakte ik kasten voor mijn immer uitbreidende verzameling boeken. De boekenkast-to-end-all-kasten was een mastodontisch ding dat ik met veel geduld en meetwerk in trappenhuis paste. Toen het gevaarte stond zei Birre dat er nu geen muur meer over was. Een volgende boekenstelling zou voor een raam of deur komen te staan. 

‘Die tweede plee op zolder is natuurlijk niet echt nodig,’ zei ik.

‘Misschien moet je wat boeken wegdoen,’ zei Birre.

IMG_4052

Daarna praatte ik een tijdje niet met haar. Maar in het door de boekenkast vernauwde trappenhuis moesten we vaak dicht langs elkaar bewegen, en dan ga je op den duur toch dingen als ‘Ik ga wel rechtsom’ of ‘Sorry’ zeggen. 

Uiteindelijk kocht ik taartjes om het goed te maken. Ik zag ook wel in dat ik me rigide had opgesteld. Na wat inleidend gekeuvel en een gemompeld excuus schoof ik een nieuwe bouwtekening naar haar toe.

‘Kijk,’ zei ik, en wees naar de haarfijne potloodlijnen. ‘Als ik de schappen een beetje bij de ramen vandaan houd, hoeven we niet veel daglicht te verliezen.’ 

Ze zuchtte. Schudde haar hoofd en schoof het taartje van zich af. 

‘Afgesproken,’ zei ik. ‘Fijn. Ik bel Lou even of ik in de werkplaats kan.’

Het werd meteen duidelijk dat ik Lourens te lang niet gesproken had. Niet alleen bleek de toestand van zijn knie – die toen we elkaar leerden kennen al versleten was – verergerd, ook om andere redenen had hij besloten de werkplaats te verkopen. Aan het einde van de maand zouden er geen machines meer staan. 

‘Jezus,’ zei ik . ‘Lou. Wat vreselijk voor je.’

‘Vreselijk?’ Hij lachte. ‘Ik wil er al jaren mee kappen en nu  ga ik dat eindelijk doen. Tijd voor andere dingen.’

Ik wapperde mijn plotseling oververhitte hoofd koelte toe met Merijn de Boers De Nacht, waarvoor ik met geen mogelijkheid plaats had kunnen vinden. ‘Tjonge. Wat erg. Echt gruwelijk.’

Zonder Lous Duitse Apparaten was ik een timmerman van niks. Door vaak in de werkplaats te hebben rondgehangen wist ik ongeveer wat een boekenkast op maat kost als je aan de klantkant van het verhaal staat, en ik was niet van plan mijn motor te verkopen om ons overschot te kunnen huisvesten. Tussen de volle boekendozen op de vliering trok ik een ladder vandaan, die ik voor de grootste kast zette. Een voor een ging ik de titels af. Aan mijn voeten wachtte Birre, een banendoos in haar armen.

Na een uur spitten was de doos vol met boeken die ik niet goed gevonden had of waarvan ik me de verhaallijn niet kon herinneren (wat waarschijnlijk betekende dat ik ze niet goed gevonden had). Birre stalde ze uit op ons bankje voor de deur. 

Ik nam Otis de Hond mee naar bet park omdat ik het niet kon aanzien, en toen ik terugkwam lagen er nog drie titels. Will Selfs Grea Area en Great Apes (waarvan ik me niets herinner), en Teju Coles pedante Open City. Als je haast maakt kun je ze nog oppikken.

 

 

 

"Foto van Gilles van der Loo"
Gilles van der Loo

Gilles van der Loo (Breda, 1973) is schrijver en schrijfdocent. Tussen 2011 en 2015 was hij redacteur van Tirade. Bij Van Oorschot publiceerde hij de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de romans Het laatste kind, Het jasje van Luis Martín, Dorp en  Café Dorian. Meest recent verscheen Mens blijven aan het front bij Hollands Diep, dat hij samen met zijn Oekraïense vriend Andrii Kobaliia schreef.

Wat wil ISIS?

95% van radicale groeperingen maakt gebruik van sociale media, daarop ook veel tegenstanders. Oorlog online.

Wat is de ideologie van ISIS? Het voordeel van een programmatische naam dringt onmiddellijk op de voorgrond. ISIS is de ideologie: Islamic State of Iraq and al-Sham, of de islamitische staat van Irak en al Sham, of de Levant. En wat is de Levant?

Ruwweg het gebied ten oosten van de Middellandse zee, ten westen West van de Euphraat, ten noorden van de Arabische woestijnen en ten zuiden van het Taurus gebergte.  De klassieke Arabische naam voor Syrië is  Sham (Arabisch : الشام‎ ash-Shām of  al-Shām, ook wel  Cham onder Franse invloed.

En wat moet er in dat gebied gebeuren? In een baaierd van ook heel akelige websites vond ik er een Arabisch ogende in het Engels schrijvende tegenstander die dit zegt:

‘De groep in kwestie is onderdeel van wat je de “global jihad” zou kunnen noemen. Deze beweging is een niet een samenhangend geheel,  niet georganiseerd in een strikt centrale hiërarchie, maar eerder gedefinieerd door een gedeelde ideologie. Deze ideologie heeft als doel een ​​systeem van bestuur dat  bekend staat als ‘het Kalifaat’ – een islamitische staatsvorm die tot stand kwam na de dood van Mohammed onder Aboe Bakr en die het laatst gerealiseerd werd in het Ottomaanse Rijk in de moslimwereld te herstellen. Daarna  is het de bedoeling om het kalifaat over de hele wereld te verspreiden.

Dit wereldbeeld is een van de vele antwoorden die geformuleerd is op een vraag die in de hele moslimwereld leeft: namelijk, wat is de oorzaak van de neergang van de islamitische wereld en de Arabische wereld in het bijzonder in tegenstelling tot het schijnbare succes van het Westen sinds de negentiende eeuw? Het antwoord van  ideologen van de ‘mondiale jihad’ beweging is dat de oorzaak van deze kentering is geworteld in het gegeven dat islamitische wereld afgeweken is van het pad van de islam door het niet uitvoeren van de islamitische wet en bovengenoemde bestuursvorm.’ Het is dus een restoratieve beweging.

Op een filmpje werd ik mijns ondanks nogal geraakt door een Engelssprekende jihadist die zegt dat als je in het Westen woont en een gevoel van depressie gewaar wordt, dat hij dat begrijpt, en dat aansluiten bij de strijd die depressie wegneemt. Begrijp ik waarover hij het heeft? Ja. Moeten we daar tegen strijden. Ja.

95% van de radicale islamistische groeperingen maakt gebruik van sociale media, op die sites naast voorstanders ook heel erg veel islamistische tegenstanders. Ik ben vergeten wie mij in de jaren ’90 meldde dat voordat de jihad naar het westen zou komen, ze het eerste nog heel druk zouden krijgen met elkaar, de sjiieten en soennieten onderling. Q.E.D.

Dat de ‘Islamitische Gouden Eeuw’ van  de eerste vijf eeuwen al heel sterk beïnvloed was door het kopiëren of overnemen van westerse, vooral Griekse  invloeden onder de Abbasiden telt natuurlijk niet voor deze strevers, zo zien zij dat niet.

Dit beetje informatie had ik even nodig want ISIS was een week of wat terug volledig nieuw voor mij en ik miste de aansluiting met wat de club wilde. Wel zag ik heel veel nieuws langskomen. Sinds ik twee dagen terug begon met Alain de Botton Nieuws een gebruiksaanwijzing, ben me  ik sterker dan ooit bewust van de eigen verantwoordelijkheid van de nieuwsconsument. Ik neem me dus voor minder reactief maar meer zelf zoekend aan informatie te komen. Alain de Botton wordt vast her en der als te makkelijk en de populariserend gezien, maar voor mij is hij toch steeds vaker koning Midas: wat hij aanraakt wordt goud. Hij is niet de eerste die deze dingen meldt, wel de helderste.

"Foto van Menno Hartman"
Menno Hartman

Menno Hartman (1971) is uitgever bij Van Oorschot.

Meer blogs

  • Afbeelding bij Mij is de wrake – over vechtfilms

    Mij is de wrake – over vechtfilms

    Mijn eerste vechtfilms waren ongetwijfeld met Bud Spencer en Terence Hill, die eigenlijk Carlo Pedersoli en Mario Girotti heetten. Zeer opmerkelijk: helden in de zogenaamde spaghetti-westerns (gemaakt in Italië) moesten blijkbaar een Amerikaanse naam om het spaghetti-aspect te verdoezelen. Bud was een vriendelijke iets domme dikke reus die mensen het liefste met een vuist als...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Onder de moede blaren - over het bos

    Onder de moede blaren - over het bos

    De encyclopedie van het geluk 31 Het is warm en ik verlang intens naar de koelte van het bos. Ik ben opgegroeid op de scheidslijn tussen bos en veld dus je kon altijd beide kanten uit, maar ik zat van jongs af aan het meest in het bos. Zoals je in een oceaan op een...
    Lees verder
  • Afbeelding bij Veerkracht

    Veerkracht

    Of hij zich inliet met Oosterse wijsbegeerte of een geschoold stoïcijn was weet ik niet, maar zonder dit soort levenskunsten kan ik niet begrijpen met welke onthechtheid dichter Chris van Geel het lot dat hem ten deel gevallen was tegemoet schijnt te hebben getreden. Het gebeurde in 1972, twee jaar voor zijn overlijden, toen hij...
    Lees verder
Tirade bloggers
  • "Foto van Jos Versteegen"
    Jos Versteegen

    Jos Versteegen (1956) schreef zeven dichtbundels, waarin hij zich vooral liet inspireren door zijn familie en zijn jeugd in Limburg. Voor zijn debuutbundel werd hij genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs. Zijn meest recente bundel is Woon ik hier, met herinneringen van oude mensen. In 2016 publiceerde hij zijn vertaling van de Duitse gedichten die Hans Keilson in 1944 in de onderduik schreef voor een geliefde: Sonnetten voor Hanna. Jos Versteegen werkt sinds begin 2017 aan de biografie van Hans Keilson.

  • "Foto van Julia Buijs"
    Julia Buijs

    Julia Buijs is theater- en filmschrijver en manusje van alles. Deze zomer studeert ze af aan de opleiding Writing For Performance aan de HKU, met het scenario voor een bemoedigende animatiefilm over een station waar het altijd regent en niemand een gezicht heeft. Met dit en haar toekomstig werk wil ze proberen de lezer stil te laten staan, adem te laten halen en zichzelf en anderen te omarmen. Haar teksten zijn fantasierijk, gelaagd, experimenteel en persoonlijk. Ze werkt door middel van sprokkelen, puzzelen en plakken en gelooft binnen vijf jaar een eigen genre gecreëerd te hebben. Verder zal je haar kunnen vinden als vleermuisveldwerker, regisseur, festivalprogrammeur, creatief producent, saunameester, kinderboekenschrijver en juist ook voorloper van de ‘Kinderlijke’ Verhalen voor Volwassenen.

  • "Foto van Willemijn Kranendonk"
    Willemijn Kranendonk

    Willemijn Kranendonk (1994) is schrijver en dichter, voor zowel kinderen als volwassenen. Haar werk verscheen o.a. in Tirade, DW B, Liegend Konijn en op Lilith Magazine, Revisor, De Internet Gids, Hard//Hoofd en De Optimist. Momenteel werkt ze aan haar debuutroman die dit jaar nog uit zal komen bij Uitgeverij Van Oorschot en volgt ze de master Jeugdliteratuur aan de Universiteit van Tilburg. Mei 2022 verschijnt haar eerste kinderboek bij Uitgeverij Billy Bones.