- Robert Anker
- Taal uit taal in
- H.H. ter Balkt Laaglandse hymnen
- Maar waar zijn de wagens
- Benno Barnard
- J. Bernlef Kattebelletje
- Oude griffels beschreven leien
- T. van Deel
- Elisabeth Eybers
- Eva Gerlach
- Elma van Haren
- Judith Herzberg
- Marieke Jonkman Twee echtparen
- Rutger Kopland
- Gerrit Kouwenaar
- Jan Kuijper De tombe van Hendrik de Vries
- ik ik mijn
- Ed Leeflang
- De grijsaard en de jongeling
- Tomas Lieske
- Langzaam een gruwel
- K. Michel Dichter 16 ziet 32
- Tonnus Oosterhoff
- Het Verhaal van Menschenhart
- Willem Jan Otten
- Over ontvankelijkheid
- Willem van Toorn
- Een dik schrift
- Hans R. Vlek
- Leo Vroman
- Ad Zuiderent
- [Vier tekeningen]
- Gerrit Krol Meesters over de rijd (3)
[p. 79]
Het kan niet, sterren van de hemel zingen,
of mensen van de aarde. Maar je bent niet doof:
eerst was het landschap wazig van de hitte,
nu trilt een verre stem de lucht vreemd schoon.
Thuis zou je met de hand naar de volumeknop,
om voor de buurt de dag van moeiten te ontdoen;
en op de autostrada zou je voet vanzelf,
zolang je stereo nog niet gestolen was,
met je gaan doen als in een film: plankgas.
Maar nu je rust van knoppen en pedalen,
blijkt verder dan het dal een dorp gearrangeerd.
Je ziet het niet, al is de scène nauwelijks
gevuld – verspreid olijfboomgroepen, eromheen
veel stoppels en gewas, droog gras
dat van de volle zomer het bewijs in deze streek,
een auto die voor elke bocht de claxon, een tractor
die nog voor het donker tussen steen tot zwijgen komt –
achter je in het washok klapt een deur.
Dan, als de dag ineens zo innig wordt als nacht
boven een dal, wordt het weer licht. Wat hier gebeurt,
gebeurt dat elke dag? En niemand raakt van slag?
Is er dan iets dat zonder lichaam kan?
Onder de volle weemoed van dit festival,
dit spel van ademklank en licht, dwarrelt een blad,
dat op het tentdoek fluistert: bind je goed vast,
sluit oren af, of ga de sterren na als ik.
Lees de Tirade Blog
Nog niet voorbij te zijn
We waren vroeg opgestaan, Ada (8) en ik. Vandaag zou ze gaan logeren op de Parade in Utrecht. Ada’s nichtje woont daar in een pipowagen op de personeelscamping. Als Ada op bezoek gaat dan krijgen de kinderen passen met Paradekind erop en mogen ze eindeloos in de zweefmolen, onbeperkt dierenpannenkoeken, snoep van de snoepmeisjes en...
Lees verderEen levend werken
Een psycholoog bij wie ik liep vroeg eens hoeveel uur ik per week werkte. Ik had in die tijd een bedrijfje naast mijn schrijverschap, kluste ook nog bij als kok. ‘Een uur of vijfendertig,’ zei ik, en begon te vertellen waar mijn werkweek uit bestond. Toen ik klaar was met mijn opsomming vroeg ze hoeveel...
Lees verderTerug
Na drie dagen rijden kwamen we aan in Cilento, waar de hitte middagslaapjes afdwong in ons huisje op de steile heuvel aan zee. Er waren geen buitenlandse toeristen in San Marco di Castellabate. Hoewel mijn Italiaans beter was, stonden de jongens die een kiosk aan de kade beheerden er steeds op Engels met me te...
Lees verder
Blog archief