- Robert Anker
- Taal uit taal in
- H.H. ter Balkt Laaglandse hymnen
- Maar waar zijn de wagens
- Benno Barnard
- J. Bernlef Kattebelletje
- Oude griffels beschreven leien
- T. van Deel
- Elisabeth Eybers
- Eva Gerlach
- Elma van Haren
- Judith Herzberg
- Marieke Jonkman Twee echtparen
- Rutger Kopland
- Gerrit Kouwenaar
- Jan Kuijper De tombe van Hendrik de Vries
- ik ik mijn
- Ed Leeflang
- De grijsaard en de jongeling
- Tomas Lieske
- Langzaam een gruwel
- K. Michel Dichter 16 ziet 32
- Tonnus Oosterhoff
- Het Verhaal van Menschenhart
- Willem Jan Otten
- Over ontvankelijkheid
- Willem van Toorn
- Een dik schrift
- Hans R. Vlek
- Leo Vroman
- Ad Zuiderent
- [Vier tekeningen]
- Gerrit Krol Meesters over de rijd (3)
[p. 59]
Het ijs ligt blindweg vuistdik.
Over wat zon leunen halflange wolken.
Ze hoesten gedwongen achter hun hand, zacht.
Maar op het onderlicht
schaatst mijn vriend pijnstekel.
Ja, achter op de Westeinder
is die onverschillige Stekel in de weer.
Volgens hem moet het zijn ijzers nu verduren,
de sporen, de verschillen die hij maakt.
Waar je niet mag zijn.
[p. 60]
De heren
zijn warm en zo moe;
ze staan fruitvliegjes toe
op het gezicht te landen.
Ze kijken tv, de ogen gesloten:
‘De Koningin vindt het heel belangrijk alle vaandels te groeten.’
Soms staat er een op, verlaat
– ‘Pissen, pissen; rijtoer missen.’ –
de conversatieruimte, keert terug.
In de hand een vochtige
witte doek gevouwen.
– ‘Wat zit daar in?’. ‘Nakomelingschap?’ –
‘Het is de betrokkenen overigens bekend hoe weinig de Koningin
ontgaat.’
Zoete onbemande figuren.
Lees de Tirade Blog

Blauwbehoefte
Larousse 25 Een ergerniswekkende beperking in mijn voorstellingsvermogen: hoewel ik sinds ik ooit voor het eerst met een vliegtuig boven het wolkendek raakte, weet dat daar blauwe lucht is, kan ik voor mijn welbevinden geen gebruik maken van die kennis. Met andere woorden: onder sombere wolkenluchten somber ik. Terwijl ik weet dat het maar een...
Lees verder
Humor
Toen onze zoon geboren werd, toen ze hem in mijn armen legden, gebeurde er iets onverwachts. Zijn verbijsterde gezichtje kwam mij als dat van een totale vreemde voor. Ondanks de waarschuwing van een vriend die eerder dan ik vader was geworden, was ik van een onmiddellijke lichamelijke herkenning uitgegaan, maar hier was een hele nieuwe...
Lees verder
Het oude thuis - over het geluk van herinneren
Larousse 24 Ik rust met mijn hoofd tegen een tuinmuur in Lissabon. Een muur aan mijn rechterzijde is begroeid met wingerd. Links klatert een fonteintje. Vannacht werd ik wakker met gierende doodsangst. Ik dacht dat ik dat wel achter me gelaten had. Ik word nooit meer zo wijs als ik was toen ik 30 was....
Lees verder
Blog archief



